Denkfouten in het hedendaags ontwerp gefileerd door ontwerpwetenschapper Jasper van Kuijk. Deze week: Nike Air Max.
Nike staat bekend om zijn luchtgevulde ‘Air’-zolen. Maar de grote doorbraakinnovatie van de sportkledinggigant was een zool geïnspireerd door een wafelijzer. Eind jaren zeventig zocht atletiekcoach en Nike-medeoprichter Bill Bowerman een manier om zijn atleten meer grip te geven op de destijds net geïntroduceerde kunststof urethaan hardloopbanen (innovatieles 1: innovatie wordt vaak in gang gezet door veranderende omstandigheden).
De doorbraak kwam toen Bowerman met zijn vrouw Barbara wafels maakte tijdens het ontbijt. Hij zag de structuur in het wafelijzer en bedacht dat een dergelijke blokkige noppenstructuur meer grip zou kunnen geven. En zo geschiedde. De nieuwe zool werd een groot succes, onder zowel professionele als recreatieve atleten. Tegenwoordig hebben vrijwel alle hardloopschoenen een variant van Nike’s wafelzool. En dát is het kenmerk van een echte doorbraakinnovatie, dat het niet alleen een bedrijf op de kaart zet of groter marktaandeel geeft, maar dat het een nieuwe norm stelt in een industrie (innovatieles 2). Zoals de iPhone dat deed voor smartphones, die vanaf toen aanraakschermen zouden hebben, en de cd-speler voor audio-afspeelapparatuur.
En toch is Nike bekender van air dan van waffle. In 1978 kwam Nike met de eerste Air-schoen met ingebouwd luchtkussen in de zool, nadat het was benaderd door Nasa-ingenieur Frank Rudy (innovatieles 3: innovatie komt vaak van buiten).
In de eerste Air Max, in 1987, werden de luchtkussens voor het eerst zichtbaar gemaakt. Sindsdien zit Nike op een ‘je kunt nooit te veel air hebben’-pad, waarbij schoenen immer grotere, zichtbare luchtkussens krijgen. Hadden de eerste Air Max nog een klein venstertje, bij de Nike Air 180 liep het grotere luchtkussen zichtbaar door tot aan de grond. Bij de Air Max 93 werd het doorgetrokken tot achter aan de hak, om bij de Air Max 95 ook onder de voorvoet te verschijnen. Bij de Air Max 97 liep de luchtkussenzool voor het eerst langs de hele onderkant, iets wat Nike sindsdien steeds verder uitbouwt.
Over de auteur
Jasper van Kuijk is ontwerpwetenschapper en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het is slim en het vergt knappe nieuwe materiaaloplossingen, maar met radicale innovatie heeft het weinig van doen. Innovatie is een nieuwe richting inslaan. Wat Nike doet met Air Max, is vooral steeds verder doorlopen op dezelfde weg en dat zie je ook terug in de steeds verder oplopende typenummers. De schoenen zijn bijna een parodie op zichzelf. Het wachten is op de eerste Nike Air Max die volledig uit luchtkussen bestaat, waarbij je je voet in een doorzichtige plastic wolk wringt en die dan ongetwijfeld de Air Max 2025 of Air Max 129600 (360x360) zal heten.
In tegenstelling tot de wafelzool heeft Air zich niet als standaardtoepassing verspreid onder andere fabrikanten. De recentere Vaporfly-techniek, de in een zool ingebakken springveer, dan weer wel. Daar stak het Nike van Bowerman weer de kop op, even lekker de atletiekwereld opschudden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns