Home

De supermarkt als spil in de voedselrevolutie (slot): de consument en zijn euro’s

Supermarkten kunnen een hoofdrol spelen in de voedselrevolutie. Aan de hand van een beperkt aantal doelen kan de overheid de samenstelling van het verkochte assortiment zo beïnvloeden dat de boodschappen die we er doen, meer bijdragen aan publieke waarden als dierenwelzijn, een gezonde natuur, klimaatneutraliteit en voedselkwaliteit. We keken eerder naar de rol van de supermarkten en de voedselproducenten. Deze week, tot slot: de consument.

De afgelopen pakweg honderd jaar zijn huishoudens een steeds kleiner aandeel van hun inkomen gaan uitgeven aan voedsel. In 1936, schrijft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bijvoorbeeld, gaven huishoudens gemiddeld 29 procent van het inkomen uit aan voedings- en genotmiddelen. In 2020 was dat gemiddeld nog maar 13 procent. Het consumptieaandeel van voeding is hoger naarmate het inkomen lager is. Arme mensen, simpeler gezegd, zijn een groter deel van hun geld kwijt aan eten.

Wat betekent de assortimentsverplichting aan supermarkten voor consumenten? Per saldo, hoe je het wendt of keert, zullen de consumentenuitgaven aan voedsel (moeten) stijgen. Het goede doen voor mens, dier, natuur en klimaat is nu eenmaal niet (allemaal) gratis.

En wie moet dat dan betalen? Kortweg: mensen uit huishoudens met de hogere inkomens. Supermarkten zullen zich (naar ik aanneem) ook eerst op deze welvarende consumenten gaan richten als er hogere prijzen moeten worden gevraagd voor groente, vlees, vis en zuivel van AAA-kwaliteit. Mensen met een laag inkomen hoeven voorlopig geen cent bij te dragen aan de voedselrevolutie. Voor het marktaandeel van AAA-verswaren 75 procent bedraagt, zijn we decennia verder. En wie dan leeft zorgt dan maar voor een koopkrachtimpulsje voor de laagste inkomens, zodat ook zij tegen die tijd kunnen gaan meebetalen aan dierenwelzijn, natuur en klimaat.

Elke euro die de hogere inkomens extra uitgeven aan AAA-voedsel telt dubbel bij het verhogen van de kwaliteit van onze leefomgeving. Eerst een keer omdat met die euro producenten in staat worden gesteld duurzaam te produceren. En nóg een keer omdat die euro, eenmaal zo uitgegeven, niet kan worden besteed aan, zeg, een stedentripje naar Milaan.

Goed. Briljant plan, zo maar doen? Nou, ik ben er best mee in m’n nopjes, maar er zijn nog wel open einden. Ik benoem er (slechts) twee. Populatieverschillen tussen supermarkten. Internationale handel.

Niet elke supermarktketen trekt hetzelfde publiek. Er is al grote variëteit binnen de reguliere supermarkten, zeg even tussen het winkelend publiek bij de AH en de Lidl. En die variëteit wordt groter als je ook speciaalsupermarkten erbij betrekt, zoals Ekoplaza. Deze heterogeniteit betekent, denk ik, dat je niet dezelfde prestatienormen moet opleggen aan elk supermarktconcern, maar dat de ambitie voor de sector als geheel vertaald moet worden naar ongelijke bijdragen hieraan van de verschillende ketens. Of dat je iets moet optuigen dat we uit de wereld van de zorgverzekeringen kennen, een vereveningsfonds.

Dan is er ook nog het buitenland, waar we nog geen woord aan hebben vuilgemaakt. Maar zowel import als export kan problemen geven. Als supermarkten vooral AAA-verswaren gaan importeren, is dat goed voor de wereld maar niet voor de kwaliteit van de leefomgeving in Nederland. Dat is nog wel iets om over na te denken. En, aangezien Nederlandse boeren meer eten produceren dan we hier opeten, kan het goed zijn dat de vervuilende industriële landbouw hier te lande domweg blijft bestaan, maar dan alleen voor de export. Evenmin goed voor de welvaart alhier.

Dus? Politiek gezien gaat het aanpakken van de vervuilende agrarische producenten niet lukken. De consumenten gaan niet en masse vanzelf ethische keuzen maken, en al helemaal niet als het geld kost. Het idee om van supermarkten de spil te maken in de voedselrevolutie is daarom zo gek nog niet.

Frank Kalshoven is oprichter van De Argumentenfabriek en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant. Reageren? E-mail: frank@argumentenfabriek.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next