Home

NU+ Nooit won Japanner een F1-race: de last op de schouders van Yuki Tsunoda

"Ik zag een miniversie van mezelf!" Ook de 23-jarige Tsunoda zelf kan nog verrast worden door zijn fraai uitgedoste thuisfans op Suzuka, waar dit weekend de Japanse Grand Prix wordt verreden. De 1,61 meter lange Tsunoda krijgt van Carlos Sainz nog even plagerig de vraag of hij niet in de spiegel keek toen hij een kind met zijn helm en overall zag lopen. Het zegt vooral iets over de racegekte in het land, terwijl groot coureurssucces uitblijft.

Takuma Sato, Aguri Suzuki, Kamui Kobayashi: het zijn bekende racenamen, en ze hebben gedrieën iets gemeen. Het zijn de enige Japanners die ooit een Formule 1-podium mochten betreden. De derde plaats, verder kwam een Japanner nooit in de koningsklasse.

Voor Kobayashi gingen na zijn derde plaats in eigen land in 2012 alle deuren open, maar voor een land met 124 miljoen inwoners, een enorme auto-industrie, racecultuur en westers welvaartsniveau is drie derde plaatsen nogal karig. Waarom hebben Japanse coureurs zo weinig mondiaal succes?

Dat komt in de eerste plaats door de racecultuur in Japan. Zo is de Super Formula een serieus kampioenschap met auto's die dichter bij de Formule 1 zitten dan de Formule 2. Die laatste opstapklasse in Europa is vooral voor jonge coureurs, maar in de Super Formula is dat anders. Daar werd de openingsrace gewonnen door de 34-jarige Tomoki Nojiri, die al tien jaar in Japans hoogste raceklasse rijdt.

Een loopbaan in Japan is voor een lokale coureur dan ook aantrekkelijk. Er zijn genoeg circuits, waaronder Suzuka, Fuji, Okayama, Autopolis en Twin Ring Motegi. Stuk voor stuk volwassen banen voor autoracen op hoog niveau. Niet voor niets deed de Formule 1 naast Suzuka ook al Fuji en Okayama aan. Maar wil je als Japanner in de Formule 1 komen, dan moet toch de tocht naar Europa worden gemaakt.

"Daar zijn alle belangrijke raceklassen", weet Pierre Gasly. De Fransman maakte voor zijn Formule 1-debuut een uitstapje naar de Super Formula en kent de racecultuur in Japan. "Je kunt hetzelfde zeggen over Amerikanen. Dat is een enorm land, en toch hebben we niet veel Amerikanen in de Formule 1 gehad."

Voor Amerika geldt hetzelfde als Japan. Er zijn daar genoeg circuits, sponsoren, autofabrikanten en eigen raceklassen om als coureur een mooie en goedbetaalde loopbaan in eigen land te hebben. IndyCar- en Nascar-coureurs maken daar gretig gebruik van. Japanners doen hetzelfde.

Maar er zijn meer redenen waarom Japanse coureurs misschien wat achterlopen op de Europeanen. Tsunoda: "Er gelden wel verschillende regels voor wanneer je in een eenzitter mag rijden. In Europa mag dat vanaf je veertiende, maar in Japan moet je zestien jaar oud zijn."

Het Italiaanse toptalent Andrea 'Kimi' Antonelli was net vijftien jaar toen hij in de Formule 4 debuteerde, dat was voor Tsunoda in Japan dus niet mogelijk. Hij was net zestien jaar toen hij direct tweede werd bij zijn debuut in de Japanse Formule 4.

"Daardoor heb je een late start", legt Tsunoda uit. "Maar sowieso is het voor Japanners best lastig om op die leeftijd naar Europa te gaan. Er is ook een taalprobleem. Japanners spreken niet zo goed Engels. Dat geldt ook voor mij."

"Dat maakt het lastig om goed te communiceren en bijvoorbeeld te vertellen wat je aan de auto wil veranderen. Dat kost allemaal tijd. Terwijl je juist veel vertrouwen wil hebben omdat je in de opstapklassen maar weinig trainingstijd hebt. Dat maakt het extra gecompliceerd."

Echt veel grote Japanse racetalenten zijn er dan ook niet. De zestienjarige Kanato Le in de Europese Formule 4 is misschien een uitzondering. Hij verliet op zijn dertiende zijn thuisland om te racen in Europa, onderstrepend wat Tsunoda reeds aanstipte.

Japanse coureurs moeten, net als Australiërs en Zuid-Amerikanen op jonge leeftijd verhuizen om het te maken in Europa. "Alleen dan ben je dicht bij de Formule 1-teams en val je op", benadrukt de Racing Bulls-coureur.

Voor nu heeft Japan twee ijzers in het vuur om toch een keer een Grand Prix te winnen. Ayumu Iwasa (22) mocht vrijdag debuteren in de vrije training voor zijn thuisrace bij Racing Bulls. "Dat deed hij perfect, hij was snel op tempo en gaf ons goede feedback", zei racedirecteur Alan Parmane over het optreden van de Japanner.

Iwasa zit een beetje in het kielzog van Tsunoda. De coureur uit Osaka bewandelde een soortgelijk pad, zit ook in de opleiding van Red Bull en maakte indruk in de Formule 2. Maar waar Tsunoda wel de kans kreeg in de Formule 1, moet zijn landgenoot wachten. Dat doet hij in de Super Formula, een plek waar hij in eigen land altijd nog op kan terugvallen.

Tsunoda blijft dus de voornaamste kandidaat om zijn land die eerste Grand Prix-zege te bezorgen. Hij is kanshebber voor het tweede stoeltje bij Red Bull, die nu nog in handen is van Sergio Pérez, en kan kan met zijn goede Honda-connecties ook bij Aston Martin belanden. Dat team neemt de Japanse motorenpartner vanaf 2026 over van Red Bull.

Maar om de top te bereiken moet Tsunoda zich nog verder ontwikkelen, constateert zijn teambaas Laurent Mekiés. "De echte topjongens zetten die stappen", legt de Fransman uit. "Die begrijpen de banden goed en kunnen in bepaalde situaties echt sneller zijn.

"Ze hebben een gevoel met de auto en kunnen dat gevoel vertalen bij de engineer. Als je dat kunt, begrijp je de auto steeds beter en word je sneller. Yuki wordt hier steeds beter in. Dus daarom zit er nog meer snelheid in hem."

Die snelheid liet Tsunoda vorige week in in Australië zien, waar hij het gehele weekend in de top tien bivakkeerde. Op momenten bewijst de Japanner dat hij uit het juiste racehout gesneden is. Maar volgens Mekiés moet Tsunoda zelf de vraag beantwoorden of hij uiteindelijk goed genoeg is voor de top. "Yuki weet de Formule 1 tot nu toe elk jaar te verrassen. Of hij dat kan blijven doen? Daar komen we vanzelf achter."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next