Home

Minister Adema werkt aan nieuwe stoppersregeling voor veehouders. ‘Bizar’, aldus Van der Plas

Landbouwminister Piet Adema (ChristenUnie) overweegt een onbegrensde stoppersregeling voor veehouders in te stellen om de aanstormende mestcrisis het hoofd te bieden. Die nieuwe opkoopregeling zou deel uitmaken van een maatregelenpakket om de veestapel versneld in te krimpen.

Bronnen rond het kabinet bevestigen dit na berichtgeving van De Telegraaf. Adema werkt aan spoedmaatregelen die een acute crisis in de veehouderij af moeten wenden. Die crisis is het gevolg van het afbouwen van het mestvoordeel dat Nederland sinds 2006 in de Europese Unie genoot.

Nederlandse veehouders mochten de afgelopen achttien jaar tot wel 47 procent meer dierlijke mest per hectare landbouwgrond uitrijden dan boeren in veel andere EU-lidstaten. Dit mestvoordeel (‘derogatie’) is cruciaal voor de Nederlandse veehouderij, omdat Nederland zeer veel landbouwdieren per hectare telt, en dus ook relatief veel mest per hectare produceert.

Omdat Nederland – ondanks talloze aanmaningen vanuit Brussel – stelselmatig Europese milieuregels schendt, heeft de Europese Commissie vorig jaar een streep gezet door de derogatie. Het mestvoordeel wordt nu vanaf dit jaar in drie jaar afgebouwd. Tot ongeluk van de Nederlandse veehouders vervalt de mestvoordeelregel tegelijkertijd met het van kracht worden van een paar andere Europese milieumaatregelen, die ervoor zorgen dat de boeren nóg minder mest mogen uitrijden.

Over de auteur
Yvonne Hofs is politiek verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft over financiën, klimaat, economische zaken en landbouw, natuur en visserij.

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

‘Koude sanering’

Landbouworganisaties, met LTO Nederland voorop, schreeuwen moord en brand, omdat een groot aantal veehouders die financiële klap niet kan dragen. De drijfmest die ze niet over hun land mogen verspreiden, moeten ze namelijk tegen hoge kosten laten afvoeren.

Volgens LTO dreigt een ‘koude sanering’ in de veehouderij, waarbij honderden, zo niet duizenden boeren op korte termijn gedwongen zullen moeten stoppen en ongeveer een half miljoen koeien naar de slacht zouden moeten. De Tweede Kamer heeft Adema naar aanleiding van de sectorale noodkreten opgedragen zo snel mogelijk met een crisisbestrijdingsplan te komen.

Op 25 april staat een Tweede Kamerdebat over het mestbeleid geagendeerd. De minister van Landbouw wil voor dat debat een brief met beleidsvoorstellen aan de Kamer sturen. Een belangrijk onderdeel van dat crisisbestrijdingsplan is volgens ingewijden dus een generieke, vrijwillige uitkoopregeling voor veehouders. Waarschijnlijk kunnen alle veehouders daarop inschrijven.

In dat opzicht verschilt deze stoppersregeling van de bestaande, die zich richten op specifieke sectoren (varkenshouders, kalverhouders) of veehouderijen met een hoge stikstofemissie (de uitkoopregelingen van stikstofminister Christianne van der Wal). Een ander verschil met eerdere opkoopregelingen is dat Adema ‘zijn’ regeling naar verluidt niet van een uiterste inschrijftermijn wil voorzien. Boeren die hun bedrijf willen beëindigen, kunnen zich dan elk jaar op meerdere momenten inschrijven.

‘Zachte landing’

Adema’s opkoopregeling zal waarschijnlijk miljarden euro's kosten, en gefinancierd moeten worden van de 24,3 miljard euro die het demissionaire kabinet opzij heeft gezet voor stikstofbeleid. Op voorhand is niet geheel duidelijk welk voordeel de overheid behaalt met deze besteding van miljarden belastinggeld. De veehouders die het kabinet met de Adema-regeling uitkoopt, zouden anders immers ook gestopt zijn, omdat ze de gestegen mestafzetkosten niet kunnen betalen.

Zonder bijkomende voorwaarden kan de regeling uitdraaien op een liefdadigheidsactie op kosten van de belastingbetaler, waarbij de overheid een ‘zachte landing’ financiert voor boeren die anders failliet zouden gaan.

Om die reden zou Adema ook een aantal pijnlijke maatregelen in zijn crisispakket willen opnemen. Een daarvan is het invoeren van een ‘graslandnorm’, een maximaal aantal koeien per hectare grasland. Dit kabinetsvoorstel lag ook al op tafel tijdens de mislukte onderhandelingen over het Landbouwakkoord, maar werd toen afgewezen door LTO.

Een graslandnorm van (aldus het voorstel van vorig jaar) 2,8 koeien per hectare grasland is voor 73 procent van de melkveehouders geen probleem (die voldoen daar nu al aan), maar met name melkveehouderijen in Oost-Brabant en Limburg komen dan in de knel. Zij bezitten gemiddeld te weinig weiland per koe en zouden hun veestapel dus moeten inkrimpen of grasland moeten bijkopen.

‘Onacceptabel’

Andere maatregelen die Adema zou overwegen, zijn strengere veevoervoorschriften en het afromen van de productierechten (het recht om een bepaald aantal koeien, varkens of kippen te houden) van veehouders die hun bedrijf aan een andere boer verkopen.

De fractievoorzitter van de BBB, Caroline van der Plas, was er woensdag als de kippen bij om haar afschuw over Adema’s vermeende voorstel uit te spreken. Van der Plas noemde het plan voor een nieuwe uitkoopregeling tegenover het ANP ‘bizar’ en ‘onacceptabel’. BBB vindt dat het kabinet veehouders toekomstperspectief moet bieden in plaats van hen naar de uitgang te begeleiden.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next