Home

Het coronadashboard, de cijfersite die het tot publiekslieveling schopte, is niet meer

Liefst 750 miljoen keer werd hij bekeken, en in zijn hoogtijdagen werd hij besproken in talkshows en op verjaardagen. Maar die tijd is nu voorbij: het ministerie van VWS zal het coronadashboard niet langer bijwerken.

Het was met corona ‘net als in de auto’, zo begon coronaminister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) dinsdag 19 mei 2020 opeens, op een van de persconferenties gewijd aan het virus. ‘Je wil weten hoe hard je rijdt, en of je gas kunt geven of moet remmen.’

Daarom was het tijd voor een digitaal dashboard, kondigde De Jonge aan. ‘Daarin gaan we alle informatie bij elkaar brengen om het zicht op de coronawerkelijkheid te verbeteren. Op het dashboard zitten meters die we, zoals de kilometerteller in de auto, heel precies kunnen aflezen: het aantal nieuwe patiënten op de intensive care, het aantal nieuwe ziekenhuisopnames en het aantal positieve testuitslagen.’

Over de auteur
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, met als specialismen microleven, klimaat, archeologie en gentech.

Zulke dashboards waren er al eerder: jaren voor corona hield Somalië bijvoorbeeld al eens op een dashboard een polio-uitbraak bij. ‘Maar het is vanwege de coronapandemie dat het dashboard wereldwijd op de kaart werd gezet’, zegt hoogleraar sociale geneeskunde Niek Klazinga, verbonden aan het Amsterdam UMC. Zo begon het Amerikaanse Johns Hopkins Instituut al in januari het aantal coronagevallen bij te houden op een wereldkaart en in een paar grafieken.

Bedoeld voor beleidsmakers

Maar dat is handig! Overal begonnen landen een eigen dashboard op te tuigen, om de bevolking te informeren. Op 5 juni was ook het Nederlandse dashboard een feit. ‘Men heeft genomen wat men aan cijfers voor handen had’, vertelt Klazinga, die de dashboards in 158 landen wetenschappelijk beschreef. ‘En aanvankelijk was het vooral bedoeld voor beleidsmakers.’ Zo waren de cijfers onderverdeeld naar veiligheidsregio’s, in plaats van naar gemeentes.

Dat laatste zou de betrokkenheid van burgers vergroten, denkt Klazinga. ‘Staat jouw stad erin? Neemt het virus in jouw omgeving toe of af?’, schetst hij. Toen Klazinga’s onderzoeksgroep het dashboard in december 2020 nog eens doorlichtte, was er al van alles toegevoegd. Zoals de coronasituatie in verschillende leeftijdsgroepen en in de verpleeghuizen.

Het waren gouden tijden voor het dashboard. Cijfers van het dashboard gingen rond door de media, werden besproken op verjaardagen en gedownload door hobbyisten, die er hun eigen analyses op loslieten. En de site groeide: bezoekers konden nakijken hoeveel vaccins er waren gegeven, hoeveel virusdeeltjes er in het riool zaten en welke varianten er rondgingen.

Toch miste er ook informatie, vindt Klazinga. ‘Dat zeg ik niet als kritiek, maar als constatering.’ Zo was het wellicht zinnig als op het dashboard ook de inzichten van de gedragswetenschappen waren bijgehouden: hoe trouw houden mensen zich aan maatregelen, hoe bezorgd is men om het virus? Die kwamen nu pas achteraf op de site.

Evenwichtig beeld

Beleidsmakers hadden intussen veel gehad aan het bredere plaatje, vindt Klazinga. Wat zijn de economische gevolgen van de maatregelen, hoeveel andere medische behandelingen zijn uitgesteld? ‘Je zou een meer evenwichtig beeld naar buiten willen brengen’, zegt hij. ‘De nadruk lag nu op de epidemiologie. Iedereen keek naar het aantal covidpatiënten op de ic, niet naar het aantal afgezegde operaties.’

Maar het ministerie voelde weinig voor zulke bijstellingen, blijkt uit onderzoek dat Klazinga deed naar De Jonges dashboard met ‘metertjes en controlelampjes’. Laat de interpretatie van wat er gebeurt vooral over aan de politiek en het Outbreak Management Team, redeneerde het ontwikkelteam achter het dashboard. De site moest vooral ‘een breed publiek op een makkelijke manier informeren over de actuele coronasituatie’, aldus het ministerie.

En nu, 750 miljoen pageviews en drie jaar en negen maanden later, zal het ministerie het dashboard niet langer bijhouden. Het bezoekersaantal liep vorig jaar al sterk terug, en inmiddels komen er maandelijks nog geen vijfduizend mensen. Een schim van de ruim 1,3 miljoen unieke bezoekers die in juli 2022 nog de site bezochten.

Infectieziekten in de belangstelling

Inspirerend was het wel. Zo denkt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) momenteel na over betere manieren om alle landelijke cijfers over infectieziekten op internet te presenteren, van luchtweginfecties tot soa’s. ‘We merken dat infectieziekten meer in de belangstelling staan. Mensen willen er meer over weten’, zegt RIVM-epidemioloog Susan van den Hof. ‘En het coronadashboard kan een voorbeeld zijn hoe je dat op een toegankelijke, begrijpelijke manier doet.’

Onderzoeker Klazinga denkt intussen groter. Een overkoepelend dashboard dat per land allerlei statistieken over de volksgezondheid ter plaatse samenvat, dát is de droom die hij aan het coronadashboard heeft overgehouden. ‘Van de sterfte en hoe een land omgaat met bijvoorbeeld beroertes, tot financiële indicatoren en de hoeveelheid zorgpersoneel’, zegt hij.

Enige minpuntje: het autodashboard waarover De Jonge het had, wordt dan eerder de cockpit van een vliegtuig, tjokvol lampjes en wijzertjes. ‘Je hebt het al snel over zo’n 220 indicatoren per land’, zegt Klazinga.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next