Trump werd vorig jaar in staat van beschuldiging gesteld omdat hij de uitslag van de vorige presidentsverkiezingen probeerde te dwarsbomen. Dat mondde uit in de bestorming van het Capitool in Washington D.C. op 6 januari 2021. Daar werd de uitslag van de verkiezingen bevestigd. Aanhangers van Trump probeerden dat met geweld te voorkomen.
Trump wordt ervan verdacht zijn aanhangers rechtstreeks te hebben opgeroepen het Capitool te bestormen. Daarmee zou hij schuldig zijn aan het opzetten van een opstand.
De advocaten van Trump beweren dat hij daarvoor niet aangeklaagd kan worden, omdat hij op dat moment nog de zittende president was. Trump zou "presidentiële immuniteit" hebben.
De zaak zou op 4 maart beginnen. Maar de start werd zaterdag voor onbepaalde tijd uitgesteld door de federale rechter die de zaak behandelt. De rechtbank moet zich eerst buigen over het verzoek van Trumps advocaten om de zaak helemaal te laten zitten vanwege de zogenoemde immuniteit.
Als de zaak tot na de presidentsverkiezingen uitgesteld wordt, kan Trump zichzelf gratie verlenen als hij opnieuw president wordt. Dat kan omdat het federale (oftewel landelijke) aanklachten zijn.
Het Amerikaanse Hooggerechtshof buigt zich over de immuniteitsclaim. Op 25 april begint die zaak. Het is nog onduidelijk wanneer daarin een uitspraak komt.
In de staat Georgia wordt Trump ook beschuldigd van verkiezingsfraude. Samen met veertien anderen wordt hij ervan verdacht de uitslag te hebben willen beïnvloeden. Trump zelf wordt onder meer verdacht van "het leiden van een criminele organisatie met onwettige doeleinden".
De aanklacht voor deelname aan een criminele organisatie vormt de kern van de beschuldigingen tegen Trump. Dat komt erop neer dat hij en de anderen worden beschuldigd van een samenzwering met als doel om verkiezingsfraude te plegen.
Eerst had Trump 41 aanklachten aan zijn broek hangen, maar halverwege maart heeft een rechter er daar zes van geschrapt. De aanklachten zouden niet gedetailleerd genoeg zijn.
Rond diezelfde tijd besloot een rechter ook dat de openbaar aanklager in de zaak, Fani Willis, mocht aanblijven. In januari werd openbaar dat ze een relatie had gehad met iemand van haar team. Volgens Trumps advocaten en acht medeverdachten was er sprake van belangenverstrengeling. De rechter ging daar niet in mee. Het lid van haar team waar ze een relatie mee had, moet wel opstappen. Trumps advocaten en acht medeverdachten zijn in beroep gegaan tegen dat besluit.
Het is nog niet duidelijk wanneer de rechtszaak in Georgia van start gaat. Willis heeft 5 augustus voorgesteld als startdatum, maar de rechter heeft daar nog niet mee ingestemd.
Een rechtszaak in Florida draait om het achterhouden van geheime documenten in zijn woonresort Mar-a-Lago. Daarnaast zou Trump de autoriteiten hebben tegengewerkt toen die de documenten kwamen ophalen.
Voor deze zaak is Jack Smith als speciaal aanklager aangesteld. Dat is hij ook in de landelijke zaak die draait om verkiezingsfraude en de Capitool-bestorming.
Wanneer de zaak begint, is nog onduidelijk. Smith heeft 8 juli voorgesteld, maar Trumps advocaten willen 12 augustus pas van start gaan. Volgens persbureau AP bestaat de kans dat de zaak niet eens dit jaar van start gaat.
Trump wordt ervan verdacht documenten te hebben vervalst om te verhullen dat hij zwijggeld betaalde aan pornoster Stormy Daniels. Die beweert dat zij in 2006 een affaire had met Trump.
Trumps toenmalige advocaat Michael Cohen betaalde Daniels 130.000 dollar zwijggeld. Dat bedrag kreeg hij terugbetaald van Trump, die daarvoor mogelijk campagnegeld gebruikte. Cohen heeft al toegegeven schuldig te zijn.
De zaak begint op 15 april. De zaak had eigenlijk 15 maart moeten beginnen, maar werd een maand uitgesteld door de rechter. Die ziet geen reden tot verder uitstel.
Nog een zaak die loopt tegen Trump is de civiele fraudezaak in New York. Hoewel die zaak geen invloed heeft op Trumps Republikeinse presidentskandidaatschap, houdt het de gemoederen flink bezig.
In februari werd Trump schuldig bevonden aan fraude. De rechtbank oordeelde dat hij zou hebben overdreven hoeveel geld hij heeft om investeerders en kredietverstrekkers te misleiden.
De oud-president kreeg een boete van in totaal 454 miljoen dollar. Om tegen de uitspraak in hoger beroep gaan, moest hij in eerste instantie dat bedrag betalen als borgsom.
Vorige week verlaagde de rechtbank het bedrag naar 175 miljoen dollar. Trump moest dat bedrag binnen tien dagen betalen. De Republikein heeft door zijn betaling maandag aan die voorwaarde voldaan.
Als Trump het hoger beroep verliest, moet hij de rest van het boetebedrag ook betalen. Als hij wint, krijgt hij zijn geld terug. Het is nog niet bekend wanneer het hoger beroep dient.
Maak binnen 1 minuut een gratis account aan en krijg toegang tot extra artikelen.
Gelieve een geldig e-mailadres in te geven.
Source: Nu.nl algemeen