The Thermal Club was het decor van de eerste IndyCar-race sinds 2008 die niet voor kampioenschapspunten meetelde. In plaats daarvan streden de 27 IndyCar-coureurs om een prijzenpot van ruim 1,7 miljoen dollar. Alex Palou kroonde zich op overtuigende wijze tot winnaar en eiste de hoofdprijs van een half miljoen dollar op. Het unieke weekend leverde wel de nodige vraagtekens op bij de coureurs en fans. De top-zes van de twee heatraces gingen door naar de finale, die in feite twee segmenten van tien ronden telde. Doordat er geen banden mochten worden gewisseld, besloten meerdere coureurs in de eerste heat flink van hun gas te gaan om deze te sparen voor het tweede segment van tien ronden. Colton Herta was misschien wel het extreemste voorbeeld: hij won uiteindelijk veel posities om als vierde over de streep te komen.
Het grote aandachtspunt was dat het eerste segment dus amper spektakel of inhaalacties opleverde. In totaal waren er 39 inhaalacties geteld in 38 ronden, waarvan nul inhaalacties om de leiding in de race. Coureurs reageren verdeeld op het bijzondere format, al kon Felix Rosenqvist - die derde werd - het wel waarderen. "Ik vond het vanuit het oogpunt van de coureur echt interessant omdat je de hele tijd aan het grote plaatje moest denken", zei de Meyer Shank Racing-coureur. "Je maakte je de hele tijd zorgen dat iemand zijn banden beter had gespaard en dat zij aan het einde een kans zouden maken." Wel ziet de Zweed ruimte voor verbetering. "Je kunt natuurlijk sleutelen aan zaken als raceafstand. Misschien moet je wel alle auto's in de finale zetten, dat soort dingen. De IndyCar is heel open geweest over dit evenement. Ze hebben ons gezegd: 'Laten we dit open benaderen.' Ik vond het geweldig. Het is heel leuk om iets anders te doen dan wat we elk weekend doen. Je leert nieuwe dingen."
Scott McLaughlin, die als tweede over de streep kwam en 350.000 dollar kon bijschrijven, was eveneens enthousiast over de keuze van de IndyCar om met iets nieuws op de proppen te komen. "Dit was een goede kans om compleet andere dingen te proberen", oordeelt de Nieuw-Zeelander. "De kwalificatie was gaaf met push-to-pass. Dat is fantastisch, wetende dat je die ronde echt voor elkaar moet krijgen. Ik ben dat gewend van de Supercars, met de shoot-outs. Je kreeg één ronde om het voor elkaar te krijgen. Dat is echt een goede mogelijkheid om het veld door elkaar te schudden. Dit veld zit zo dicht bij elkaar dat als je een tiende van een seconde tekortkomt, je zomaar vijftiende kunt staan."
De Penske-coureur vindt het gebruik van push-to-pass in de kwalificatie voor herhaling vatbaar. "Het is zeker iets waar we over zouden kunnen nadenken voor de Fast Six, niet alleen hier. Ik heb het gevoel dat we al heel lang hetzelfde format volgen. Begrijp me niet verkeerd: het is geweldig, maar we zouden iets anders kunnen doen om het een beetje spannender te maken. Iedereen rijdt het grootste deel van de Fast Six op gebruikte [banden]. Stuur ze naar buiten, geef ze wat push-to-pass en kijk wat er gebeurt. Dat zou best gaaf zijn."
Racewinnaar Palou ging een stap verder en suggereerde zelfs een ander format, mocht dit evenement nog eens plaatsvinden. "Ik weet niet hoe het heet, maar in sommige dirtraces elimineren zij elke ronde een auto - degene die laatste ligt - dat zou best cool zijn. Niemand kan dan op zijn banden letten. Iedereen moet dan pushen. Dat zou wel vrij interessant zijn. Ik vond het wel leuk dat we wat anders deden. Misschien moeten we een pitstop toevoegen voor meer actie, dan heb je ook wat meer strategieën - iets wat de IndyCar zo mooi maakt. Maar dit format was wel gaaf. Ik ben tevreden. Het zag er op papier veel erger uit dan het geval was tijdens het rijden."
Voor Ed Carpenter Racing was het geen succes. Rinus VeeKay had een uitstekende kwalificatie met de derde plaats in zijn heatrace, maar zijn kansen op een half miljoen dollar waren al na een paar honderd meter vergaan. Hij werd vol in de zijkant geraakt door de gespinde Romain Grosjean - die geholpen werd door een tik van Scott Dixon. "Voor ons liep het niet zo goed", blikt teameigenaar Ed Carpenter zelf terug bij IndyStar. "Ik had liever niet meegedaan aan het racegedeelte, maar het testen was nuttig", doelt hij op de vier open testsessies voorafgaand aan de Million Dollar Challenge. "We zullen wel zien wat het oordeel van de kijkers was, of het wel of geen impact heeft gehad. Als het een race wordt, moet het ook een echte race zijn: punten, alle auto's, volledige afstand. Anders voelt het zo gimmicky." Carpenter vindt dat er tevens gekeken moet worden naar de prijzenpot zelf. "Er moet in ieder geval meer geld komen voor coureurs die de finale halen. En waarschijnlijk in zijn algemeen een grotere prijzenpot. Kijk naar [Linus Lundqvist op P6], zij kregen dezelfde beloning als wij en wij lagen er in ronde 1 van de heat al uit."
Romain Grosjean, die dus ook al klaar was na de vroege crash met VeeKay, zag het nut van deze race niet in. "Wie gaat voor de schade betalen?", vroeg hij zich kritisch af. "Wij deden helemaal niks verkeerd en werden helemaal kapotgemaakt. Er staan hier geen punten op het spel en we deden niks verkeerd, maar de auto is helemaal afgeschreven. Ik weet het niet, maar daar heb ik me niet voor aangemeld", beklaagde de voormalig F1-coureur zich.
Ook RLL-coureur Christian Lundgaard had zo zijn bedenkingen en was zelfs zeer stellig: "Als we volgend jaar weer uitgenodigd worden om hier terug te komen, denk ik niet dat we komen opdagen", zegt hij tegen IndyStar. Hij benadrukt dat het dan om het hele team gaat. "De manier waarop het verlopen is... Wat valt er te winnen als we moeten racen, we veel schade oplopen en dat niet eens kunnen repareren?"
Source: Motorsport