Voorafgaand aan de Grand Prix van Qatar werd er al het nodige verwacht van Pedro Acosta, die aldaar zijn debuut maakte in de MotoGP. Het weekend verliep goed voor de pas 19-jarige Spanjaard, die één kleine crash meemaakte voordat hij zich verzekerde van de achtste startpositie. Na een keurige sprintrace hield hij die positie vast, om daarna grote indruk te maken tijdens de Grand Prix op zondag. Acosta stormde naar voren en nestelde zich met knappe inhaalacties zelfs even op de vierde positie, om later toch wat terug te zakken. Hij had te veel van zijn banden gevraagd, maar toch sloot hij zijn eerste weekend af met een negende plek.
"Ik weet dat het managen van de banden niet mijn beste onderdeel was. Je kon zien dat ik in bocht 10 de achterband helemaal oprookte, maar dit was wel mooi voor tv!", grapte Acosta na afloop van zijn eerste Grand Prix in de MotoGP. De Moto2-kampioen was blij met het verloop van de race en het resultaat. "We moeten blij zijn dat we deze fouten maken, want nu hebben we meer informatie voor Portimão. Daar zullen we er weer iets meer klaar voor zijn. In de 22 ronden heb ik maar één of twee fouten gemaakt. Dat is niet veel. In de sprintrace maakte ik in elf ronden meer fouten. We moeten dus blij zijn."
Als we puur naar de statistieken kijken, leverde Acosta in Qatar zeker niet het beste MotoGP-debuut ooit af. Mogelijk zou de rijder uit Mazarrón wat dat betreft zelfs niet bij de tien beste debuutraces ooit staan. Dat geldt wel voor Max Biaggi, die in 1998 tijdens de GP van Japan debuteerde in de 500 cc. In een veld met toppers als Mick Doohan, Alex Crivillé, Alex Barros, Sete Gibernau en Kenny Roberts jr. wist de Italiaan namens Team Kanemoto Honda meteen te winnen. Sindsdien slaagde geen enkele debutant er meer in om zijn eerste race in de MotoGP winnend af te sluiten. Zo viel Valentino Rossi uit toen hij in 2000 zijn debuut maakte tijdens de GP van Zuid-Afrika.
Max Biaggi zorgde in 1998 voor een unicum door zijn 500 cc-debuut in Japan te winnen.
Foto door: Gold and Goose / Motorsport Images
Pas in 2006 kwam er weer iemand in de buurt van een zege bij zijn MotoGP-debuut. Dat was Dani Pedrosa, die de Spaanse GP uiteindelijk als tweede afsloot achter winnaar Loris Capirossi. Die dag maakte overigens ook Casey Stoner zijn debuut. De LCR Honda-rijder eindigde destijds op de zesde positie. Twee jaar later zette Jorge Lorenzo de MotoGP-paddock in vuur en vlam door in Qatar meteen pole-position te behalen, om een dag later als tweede te eindigen in de race. Twee plekjes achter hem eindigde mede-nieuwkomer Andrea Dovizioso knap als vierde. Pas vijf jaar later zou er weer een debutant op het podium eindigen in de openingsrace. Ditmaal was de eer weggelegd voor Marc Márquez.
Pedrosa, Lorenzo en Márquez zouden later in hun debuutseizoen wel uitgroeien tot racewinnaars. Eerstgenoemde had daar vier races voor nodig met zijn zege in China. Lorenzo had er twee jaar later één race minder voor nodig toen hij in Estoril de Portugese Grand Prix op zijn naam schreef, waarna Márquez al tijdens zijn tweede Grand Prix in de Verenigde Staten zegevierde. De inmiddels 31-jarige rijder uit Cervera zorgde later in het jaar zelfs voor een unicum door in zijn eerste MotoGP-seizoen meteen met de wereldtitel aan de haal te gaan door Lorenzo en Pedrosa over een heel seizoen gezien te verslaan.
Het valt met het ijzersterke en zeer gelijkwaardige deelnemersveld in 2024 zeer te bezien of Acosta die prestatie kan evenaren. Qua resultaat was het debuut van de jonge Spanjaard ook niet echt bijzonder te noemen, maar met de manier waarop hij zich gedurende de race liet zien heeft hij zich absoluut in de kijker gereden. Het prachtige duel met Márquez in de Grand Prix van Qatar, met wie hij rondenlang een intense strijd leverde, zal niet snel vergeten worden. Natuurlijk heeft Acosta na zijn debuutrace wat huiswerk, zeker qua bandenmanagement, maar de race op Lusail International Circuit heeft zijn status als een van de grootste talenten van zijn generatie absoluut bevestigd.
Source: Motorsport