Vlaanderen besloot in 2022 om het project te stoppen, maar aan Nederlandse zijde was al een kleine 20 miljoen euro aan kosten gemaakt.
"Vanaf het moment van eenzijdige beëindiging hebben wij als beide Nederlandse partners (gemeente Maastricht en provincie) initiatieven genomen om op minnelijke wijze tot bevredigende afspraken te komen met Vlaanderen via formele en informele overleggen", schrijft de Limburgse gedeputeerde voor mobiliteit Jasper Kuntzelaers (PvdA).
In januari liet de provincie al weten dat Vlaanderen tot 1 maart zou krijgen om met "bevredigende voorstellen" te komen. Maar dat is niet gebeurd en daarom zetten de provincie en de gemeente nu juridische stappen.
De twee overheden blijven wel openstaan voor voorstellen vanuit Vlaanderen voor een oplossing, schrijft Kuntzelaers.
Source: Nu.nl economisch