Home

Nederlandse data in Amerikaanse clouds, is dat verstandig? Washington kan de gegevens opeisen

Gegevens die worden opgeslagen in de cloud bevinden zich niet op servers die gebruikers van de clouddienst zelf fysiek beheren. Gebruikers kunnen via het internet toegang krijgen tot hun data. De aanbieder van de clouddienst is verantwoordelijk voor de opslag en beveiliging van de gegevens.

De drie grootste aanbieders van clouddiensten – de Amerikaanse techreuzen Google, Microsoft en Amazon – hebben in de EU een marktaandeel van 70 procent. Ook de nummer vier en vijf komen uit de Verenigde Staten. Europese techbedrijven bedienen samen nog geen 15 procent van de Europese cloudmarkt. Dat schrijft instituut Clingendael in een vrijdag verschenen rapport, waarin het waarschuwt voor de risico’s van de keuze voor buitenlandse clouddiensten.

Zo’n tien jaar geleden hadden de meeste bedrijven en instanties nog hun eigen servers. Inmiddels kiezen bedrijven en instanties massaal voor de Amerikaanse diensten. ‘Het is een probleem dat we zelf hebben gecreëerd’, zegt Jaap-Henk Hoepman, universitair hoofddocent digitale veiligheid aan de Radboud Universiteit en niet betrokken bij het Clingendael-onderzoek. ‘Het is makkelijk om de Amerikaanse cloud in te rennen, maar eruit kruipen is moeilijker.’

Google, Microsoft en Amazon zijn aantrekkelijk voor bedrijven en overheidsinstellingen omdat ze kunnen voorzien in alle denkbare IT-diensten: van cloudopslag voor e-mailverkeer en andere gegevens tot wachtwoordbeheer en kunstmatige-intelligentieprogramma’s.

Clingendael citeert in zijn rapport IT-expert Bert Hubert, die dit het ‘Ikea-concept’ noemt: de techreuzen bieden bedrijven alles wat ze op digitaal gebied kunnen wensen, met een aantrekkelijke prijs-kwaliteitsverhouding. Zoals een kleine meubelmaker niet het volledige assortiment van Ikea kan aanbieden, zo kunnen Europese techbedrijven die slechts een deel van de digitale diensten leveren niet met hun Amerikaanse tegenhangers concurreren op het gebied van efficiëntie en kosten.

Door grotendeels op Amerikaanse techbedrijven te vertrouwen, geeft Europa zijn ‘cloudsoevereiniteit’ op, waarschuwt Clingendael in het rapport. Amerikaanse wetgeving geeft Washington de mogelijkheid om, onder bepaalde voorwaarden, gegevens in te zien die bij Amerikaanse bedrijven zijn ondergebracht. Zeker voor overheidsinstellingen kan dat veiligheidsrisico’s met zich meebrengen.

Door simpelweg te eisen dat Amerikaanse bedrijven hun servers in Europa neerzetten is het probleem niet opgelost, zegt Hoepman. Zelfs dan kan de Amerikaanse overheid nog toegang tot de gegevens afdwingen, bijvoorbeeld tijdens een onderzoek naar een ernstig misdrijf.

Demissionair staatssecretaris Alexandra van Huffelen (Digitalisering) deelt de bezorgdheid van de Clingendael-onderzoekers. Ze raadt bedrijven en organisaties aan ‘zeer terughoudend’ te zijn bij het kiezen voor buitenlandse clouddiensten. Ook maakt Van Huffelen zich hard voor de ontwikkeling van Europese alternatieven en voor afspraken met de Amerikaanse overheid over de bescherming van de gegevens van Europese burgers.

Zelf een alternatief ontwikkelen dat kan concurreren met de Amerikaanse diensten. Dat is echter niet eenvoudig, blijkt onder meer uit de ervaring met Gaia-X. De ontwikkeling van dat Europese initiatief verloopt traag en de Amerikaanse en Chinese bedrijven waarmee Gaia-X moet gaan concurreren, zijn zelf bij de ontwikkeling betrokken.

De onderzoekers van Clingendael vergelijken de Europese afhankelijkheid van Amerikaanse clouddiensten met de transitie van 4G- naar 5G-netwerken. Westerse overheden hebben de afgelopen jaren geprobeerd om de betrokkenheid van het Chinese Huawei bij de aanleg van 5G-netwerken te beperken. ‘Ditmaal is de EU niet afhankelijk van Chinese bedrijven, maar van Amerikaanse Big Tech’, aldus het rapport.

Hoepman: ‘Er wordt met twee maten gemeten. Nederland en Europa zijn gevoelig voor zorgen over Chinese bemoeienis en spionage, maar als het om Amerika gaat, hebben we daar geen oog voor.’

Volgens Hoepman is het niet nodig om volledig van de Amerikaanse bedrijven af te stappen. Zo is het relatief makkelijk om de opslag van gegevens en het e-mailverkeer zelf te gaan regelen. Voor gegevens die van groot nationaal belang zijn, zoals die van de Tweede Kamer, moet Nederland zich afvragen of die überhaupt in de cloud moeten worden opgeslagen. ‘Bij elke vorm van afhankelijkheid moet je je afvragen of het de risico’s waard is.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Antwoord op al uw vragen

Updates, wijzigingen en klachten

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next