Home

Rudy van Buren over zijn droombaan: "Dichter bij F1 ga ik niet komen"

De Formule 1-winterstop is net achter de rug. Voor velen was het een periode om uit te rusten en de batterij weer op te laden, maar voor Rudy van Buren was het een behoorlijk drukke periode. "Bij het einde van het seizoen denk je dat het voorbij is, maar echt veel vrije tijd is er ook weer niet", zegt Van Buren in gesprek met Motorsport.com. "Uiteindelijk is de winter de drukke periode waarin alles wordt voorbereid, zowel op de sim als voor mijn eigen echte racedingen. Sponsoring, gesprekken, vul het maar in." Naast al die activiteiten begeleidt Van Buren jonge coureurs in de Porsche Cup in Spanje en Portugal en heeft hij hard gewerkt aan zijn eigen raceplannen voor dit jaar - waarover later meer. "En eigenlijk vanaf januari is het ook weer gewoon in veelvoud richting Milton Keynes gaan."

Van Buren is al een aantal jaar actief als simulatorcoureur van Red Bull Racing. In de winterstop heeft het personeel in de fabriek in Milton Keynes niet stilgezeten met de ontwikkeling van de RB20. Na het einde van het F1-seizoen kon Van Buren dus even van een wat 'rustigere' periode genieten voordat hij weer in de simulator moest stappen. "Want uiteindelijk is het meeste werk voor de nieuwe auto dan natuurlijk ook wel gedaan", legt hij uit. "Het is natuurlijk geen geheim dat er al veel eerder in het jaar met nieuwe spullen getest wordt." 

Met die RB20 is Van Buren dus al een tijdje aan de slag in de simulator. "In de loop van het jaar kwamen daar al onderdelen van langs", vertelt de coureur uit Leeuwarden. "Maar goed, dat zal niet alleen bij Red Bull zijn: het is bij de andere teams niet anders. Daar komen op een gegeven moment ontwikkelingen boven water, zeker virtueel. Tegenwoordig wordt natuurlijk het meeste virtueel getest voordat het überhaupt gemaakt wordt. Dus dat is een proces wat nooit stopt." 

Max Verstappen in de Red Bull Racing RB20.

Foto: Steven Tee / Motorsport Images

En juist op dat vlak kan Van Buren rekenen op veel complimenten vanuit het Red Bull-kamp. Max Verstappen gaf bij de testdagen van vorige week nog aan dat hij zo nu en dan contact heeft met Van Buren. "Hij vertelt mij wat hij heeft geprobeerd in de simulator en dan hebben we het erover", zei de drievoudig F1-kampioen. "We bespreken wat hij heeft geleerd of hij zegt ‘misschien moeten we dit doen of moeten we kijken of dat aspect nog kunnen verbeteren’. Het is wel fijn om iemand zo hoog bij het team te hebben, die er mede voor zorgt dat de auto meteen goed afgesteld staat. Rudy en een paar andere simulatorcoureurs testen alles, van de kleinste aanpassingen tot de gekste dingen. Als ik naar de simulator ga, dan staat eigenlijk alles al wel goed en is het echt finetunen." 

Ook technisch directeur Pierre Waché stak de loftrompet over de verrichtingen van Van Buren en mede-simulatorcoureurs Sébastien Buemi en Jake Dennis. "Voor mij en voor ons team is het goed om echte simcoureurs in de simulator te hebben", aldus de Fransman. Van Buren klinkt duidelijk opgetogen als dit onderwerp aan bod komt. "Ik moet sowieso met beide voeten op de grond blijven staan, te allen tijde. Maar het maakt me wel trots als ik het lees", zegt de 31-jarige simcoureur.

Wat het volgens hem wel anders maakt, is dat hij puur is aangewezen als simulatorcoureur - zonder ambities om door te groeien naar de Formule 1. "Die insteek heb ik niet. Ik ben daar om mijn werk zo goed mogelijk te doen. Formule 1-coureur ga ik niet worden", beseft hij ook. "Dichterbij dan dit ga ik ook niet komen. Dus ik ben heel blij met waar ik zit. En dat doe ik met 110 procent inzet als ik er ben. Als dan op bepaalde momenten de loftrompet gestoken wordt, dat het in ieder geval de goede richting op gaat en dat het een goed pakket is op deze manier... Ja, dan kan je toch alleen maar trots zijn? Dat is toch hartstikke gaaf, als je dat van dat soort mensen terugleest in de media."

Wanneer Verstappen en Van Buren dan contact hebben over het simulatorwerk, wat wordt er dan precies besproken? “Uiteindelijk blijft het gewoon een spelletje van 'wat moet er beter in de auto om deze sneller te krijgen?' Dus ja, dan is er overleg. Als ik in de sim zit en ik weet dat hij er is geweest, is er ook contact. Zo van 'gaat het de juiste richting op, hebben we dat goed voorbereid?' Om maar gewoon die open kaart twee kanten op te houden. Want daar wordt uiteindelijk het eindproduct, de auto, beter van."

Dat contact hoeft bovendien, benadrukt Van Buren, niet alleen betrekking te hebben tot het werk bij Red Bull Racing. Van Buren zit namelijk ook in Team Redline, het simraceteam van Max Verstappen. In december raceten de twee landgenoten nog samen tijdens een endurancerace op de Nordschleife in iRacing, een race die zij na een spannend duel wonnen. "Dus er is ook contact binnen de echte simracekring wat helemaal niet over Formule 1 gaat", stelt de simracer. "Want dan zijn we met hele andere wedstrijden bezig. En natuurlijk gaat het dan wel even over de auto, maar onderaan de streep ook over meer dan Formule 1."

Vorige week kregen de tien Formule 1-teams drie dagen de kans om data te verzamelen tijdens de officiële testdagen in Bahrein. Terwijl die gaande waren, was Van Buren weer in de simulator te vinden. "Op dag één en twee zat ik in de simulator, puur ondersteunend voor het circuit", licht hij toe. "En ook een stukje correlatie. Dit jaar waren er natuurlijk geen grote reglementswijzigingen, dus correlatie is dan iets minder een stresspunt dan bij wijze van spreken als we straks in 2026 dat compleet nieuwe reglement krijgen. Want je bouwt voort op iets wat al twee jaar een evolutie is en geen compleet nieuw ding van neus tot staart. Maar goed, je bent alsnog heel de winter bezig. Dus als je echt gaat rijden, wat vorige week gebeurde, dan wil je natuurlijk wel zien of alles klopt waar we aan gewerkt hebben. Werkt de echte auto net zoals de virtuele? Dan zijn er een aantal stappen."

"Je doorloopt een aantal van dezelfde setupopties die ze in het echt proberen om maar te kijken of alles in dezelfde lijn der verwachting reageert, om de sim ook blind te kunnen vertrouwen door het jaar heen", vervolgt Van Buren. "En de enige manier waarop je dat kunt doen, is natuurlijk door te gaan testen. Dan doorloop je een deel van het programma van het echte circuit en er zijn ook altijd weer ontwikkelingen, ook voor de komende wedstrijden al, waar dan ook wel mee gereden wordt. Maar dat was vorige week."

Het bleef bij die simsessies tijdens de testdagen niet alleen beperkt tot het controleren van de correlatie van wat ze in de fabriek zagen en wat er op de baan aan data was. "De Formule 1 loopt natuurlijk achter de schermen altijd voor op wat wij in de buitenwereld zien", zegt Van Buren. "We  zijn ook met wedstrijden die nog volgen bezig, daar worden dan ook al dingen voor getest. Dat is toch een proces wat nooit stopt. Dus het was een combinatie van dat soort dingen. De onderdelen die nog komen en de correlatie."

Sergio Perez in de Red Bull Racing RB20.

Foto: Zak Mauger / Motorsport Images

Al met al is Van Buren veel bezig met racen, wat voor hem van jongs af aan al een hobby is. Hij beseft dan ook dat hij zich in een bevoorrechte positie bevindt met zijn taken als simcoureur bij Red Bull en Porsche Cup-instructeur in Spanje en Portugal, naast zijn eigen raceplannen voor dit jaar: het EK Autocross. "Ik heb een droombaan. Daar ben ik me heel erg bewust van", aldus de Leeuwardenaar. Vorig jaar nam Van Buren al deel aan dat EK Autocross en werd hij achtste. Dit jaar zijn zijn ambities een stuk groter. "De top-drie, niks anders dan dat", klinkt het stellig. Reden daarvoor is dat hij van zijn eerste seizoen in deze off-roadklasse heeft geleerd. "Ik was de eerste die altijd zei ‘joh, een leerjaar, het zal wel’. Als je ergens in thuis bent, dan ga je gelijk hard. En tot op zeker hoogte sta ik daar nog steeds achter. Maar toen ik vorig jaar de overstap maakte van drie jaar Porsche Carrera Cup, en daarnaast nog de Supercup erbij, naar volledig off-road... Ja, dan heb je toch wel een leercurve. Er was toch wel een aantal dingen dat je een keer fout moest doen om erachter te komen hoe het werkt, hoe het wel moet."

Aan de snelheid lag het vorig jaar in ieder geval niet, stelt Van Buren. "Ik zat er eigenlijk gelijk bij qua pace. Alleen het rallycrossformat, qua racen, het contact, het zicht op het onverhard, de baan leren lezen… Dat zijn echt wel dingen die me wel tegenvielen. Het was gewoon een steile leercurve. Als ik zie hoe ik aan het einde van het jaar met dingen omging ten opzichte van het begin van het jaar: dat is echt gewoon een steile trap omhoog. Maar dat is wel de fundering voor dit jaar. En misschien is het ook wel omdat het in sommige opzichten moeilijk was, dat het juist op die manier ook weer uitdaagt. We laten ons niet zomaar klein maken als het niet mee zit. Dan komen we altijd harder terug. Dus vandaar ook dat ik ook gewoon dat vuur heb van joh, dit jaar gaan we het nog een keer doen. En dan gaan we er gewoon voor. Afgelopen jaar een podium gepakt, voorrondes gewonnen, halve finales gewonnen. Een aantal keren in de finale op een podiumpositie uitgevallen met mechanische problemen. Dus het zit erin, maar we moeten ervoor zorgen dat de auto blijft rijden. En nu dan met de lessen die ik geleerd heb. Maar dat gaan we komend jaar zien."

Rudy van Buren schittert dit jaar ook weer in het EK Autocross.

Dit jaar hoeft Van Buren zich dus niet te vervelen. Hij zal in de simulator zitten voor de Grand Prix van Saudi-Arabië en zal ook bij 'tal van andere races' als track support aanwezig zijn, waardoor hij op de donderdag en vrijdag van een raceweekend op het circuit te vinden is. Ook zal hij bij Viaplay te zien zijn als analist. Zelf kijkt Van Buren weer uit naar het nieuwe Formule 1-seizoen. "Gewoon lekker die sessies en wedstrijden kijken. Het is toch een paradepaardje van de autosport. Dus ik ben altijd gelukkig als het weer begint."

Hij geeft daarbij wel toe dat hij dan met 'twee brillen' kijkt. "De ene is de Formule 1-fan. Dan mag het wel spannend zijn. Maar tegelijkertijd, terwijl ik dat zeg, wordt die bril al een beetje oranje: als Max maar wint", lacht hij. "Het mag van mij knokken zijn en hij hoeft niet alle wedstrijden te winnen, maar wel aan het einde van het seizoen [kampioen zijn]. Dat zeg ik als Formule 1-fan. En vanuit de werkkant zou het natuurlijk een gigantisch loon na werken zijn als hij wel veel overwinningen pakt. De komende weken weten we iets meer. Dan hebben we een compleet ander circuit, dus dan hebben we wel een redelijk beeld van hoe het ervoor staat qua onderlinge verhoudingen", besluit Van Buren.

Source: Motorsport

Previous

Next