Waar zouden we zijn zonder de trein? Met zijn honderden op een perron, bellend dat het wat later wordt.
Julian Barnes citeerde in Flauberts Papegaai Gustave Flaubert: ‘Ik krijg zo snel genoeg van de trein dat ik na vijf minuten al zit te janken van verveling. De andere passagiers denken dat het een verwaarloosde hond is; helemaal niet, het is M. Flaubert die zucht.’ Flaubert kwam uit de tijd van vóór de stiltecoupé, een tijd waarin je er tijdens het janken in de trein lekker bij kon gaan zitten. Veel mensen zijn anderhalve eeuw later nog altijd aangewezen op de trein. Voor die groep is betaalbaar en bruikbaar OV van levensbelang. Treinreizigers zijn ook mensen, tenzij het dieren zijn.
Hoor ik daar een kennel vol verwaarloosde honden janken? Nee, het is de Sprinter richting Kropswolde, die binnenkomt op Spoor 3.
Ach, de NS. Gisteren maakte de Nationale Spoorbiels de jaarcijfers bekend. Tussen de rookpluimen van alle nog te blussen binnenbrandjes – personeelstekort, een met eentiende punt gezakte stationswaardering, verouderd spoor dat niet berekend is op hogere snelheden en de zinsnede ‘beperkte verdiencapaciteit met een lager rendement’ – stonden de harde cijfers: de NS maakte in 2023 een half miljard verlies. Het was aan een gulle gift van het kabinet te danken dat de kaartjes niet al te veel duurder hoefden te worden. Als het kabinet dit jaar niet nogmaals over de brug komt, zullen de kaartjes 10 procent duurder worden. Kan minder worden, wordt waarschijnlijk meer – zo gaat dat ook vaak met aangekondigde vertragingen.
Het spoor piept en de trein kraakt, en het geld moet ergens vandaan komen. Tuurlijk: je kunt de kaartjes duurder maken, de treinreiziger is toch al gewend fiks te betalen voor zijn tuchtiging. Maar alles heeft een kantelpunt, en voor je het weet, is de machinist nog de enige passagier. Treinen nóg kleiner maken is een andere mogelijkheid, met als bezwaar dat ze dan met het blote oog niet meer waarneembaar zijn. Beter is het daarom te zoeken naar alternatieve verdienmodellen.
Bestekjes bij de stationspastaketen. De kleverige pasta die op de grote stations worden verkocht, is al aardig aan de prijs. Slimmer is het om de nu vaak kosteloos verstrekte ‘bestekjes’ duurder te maken. Denk aan een bedrag van 15 euro voor een plastic vorkje, 20 als je er een mesje bijkoopt. Noem het ‘duurzaamheidstoeslag’. Wie met een kartonnen koker kokende penne in zijn handen staat, en geen bestek bij zich heeft, is tot alles bereid.
Pleiten voor een verlengde termijn voor minister Yesilgöz. Die op haar beurt de verkeersboete nog een paar maal duurder maakt, tegen elk advies in, tot iedere foutparkeerder in de schuldsanering zit en de laatste paar auto-Mohikanen uit zelfbescherming een dalurenabonnement aanschaffen.
Aantal bovenleidingen terugsnoeien. Een aanzienlijk deel van de vertragingen vindt zijn oorsprong in ‘iets met de bovenleiding’. Als iets voor zó veel problemen zorgt, is het misschien tijd om ermee te stoppen. Zo gebeurt dat vaker, bij de NS. Bijkomend voordeel is dat hiermee ook miljoenen kunnen worden bespaard op de koffie en thee die nu bij elke vertraging gratis worden aangeboden.
‘Openbaar’ uit het begrip ‘Openbaar Vervoer’ schrappen. En zo voorkomen dat mensen met lagere inkomens, mensen met een beperking, mensen buiten de Randstad en mensen met last van principes abusievelijk menen dat de trein er voor iedereen is.
Het kabinet voor een voldongen feit stellen door je stiekem op eigen houtje te re-nationaliseren. Omdat je een klimaatvriendelijke nutsvoorziening bent, en geen luxeproduct.
[Hier de tekst overheen typen of plaatsen]
Over de auteur
Frank Heinen is schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.