Het staat er nog, bij de ingang van het aanmeldcentrum voor Oekraïners in Utrecht: ‘Welkom’. Ook de stalen deuren van Jaarbeurshal 5 zijn nog altijd open, zij het niet langer voor iedereen. Dinsdag maakte de Veiligheidsregio Utrecht bekend alleen nog kwetsbare vluchtelingen op te vangen. Wie meerderjarig en gezond is, kan tijdelijk niet meer aankloppen voor een bed. ‘Er is geen plek meer in de herberg’, verzucht directeur Jaap Donker.
Al sinds afgelopen najaar ‘piept en kraakt’ het in de Jaarbeurs, zoals dat in beleidsjargon heet. Donker is een man van dagkoersen geworden. Drie keer per etmaal hoort hij hoeveel Oekraïners zich bij de inschrijfbalie hebben gemeld. Driemaal daags legt hij de puzzel. Tot hij dinsdag een stukje tekort kwam. ‘We hadden al 154 slapers op een capaciteit van 140 en daar kwamen er dinsdagochtend nog 40 bij’, zegt hij. ‘De bedden zijn gewoon op.’
Over de auteur
Marieke de Ruiter is economieredacteur voor de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over de arbeidsmarkt en sociale zekerheid.
De problemen in het aanmeldcentrum zijn het gevolg van het achterblijvende aantal opvanglocaties voor de vijftig tot zeventig Oekraïners die dagelijks binnenkomen. Gemeenten moeten die beschikbaar stellen, maar geven niet thuis. Deels omdat ze hun handen vol hebben aan de reguliere asielstroom, deels omdat er al 92 duizend opvangplekken zijn gerealiseerd. Maar óók omdat het draagvlak afneemt.
Dat laatste heeft volgens Donker te maken met de veranderde samenstelling van de Oekraïners. Meldden zich in het begin van de oorlog vooral vrouwen met kinderen, inmiddels is 60 procent van de vluchtelingen man. ‘Daarnaast zien we steeds meer Oekraïners die aangeven dat ze hier komen voor baankansen of al werk hebben. Dat is een heel ander beeld.’
De hypothese van Donker wordt bevestigd door de voorzitter van het Veiligheidsberaad, Wouter Kolff. ‘We zien dat de populatie verandert en dat heeft invloed op het draagvlak’, zegt hij. ‘Wat daarbij meespeelt is de optelsom van regelingen. Alle Oekraïners die hier komen, krijgen niet alleen gratis onderdak, maar ook zorg en leefgeld terwijl ze mogen werken. Dat is wel erg generiek en genereus.’
De ontwikkelingen in Utrecht zijn voer voor het debat dat woensdag in Den Haag plaatsvindt. Een meerderheid van de Tweede Kamer zal waarschijnlijk stemmen voor een wet die regelt dat werkende Oekraïners meebetalen aan hun opvang. Als het aan Donker ligt, gaat dat debat nog een stapje verder. Hij zou graag zien dat er perspectief komt. ‘Hoelang moeten we mensen blijven opvangen? En moeten we dat voor iedereen blijven doen of kunnen arbeidsmigranten zelf in hun opvang voorzien?’
In de Jaarbeurshal laat die arbeidsmigrant zich lastig van de vluchteling onderscheiden. Onder het tl-licht heeft iedereen een bleek gezicht van de slaap, heimwee in de ogen. Vraag het bijvoorbeeld aan Jeroslav en zijn vrouw Maria (29) en ze waren het liefst in Lviv gebleven. Twee jaar lang beten ze zich er dapper door de luchtalarmen en raketaanvallen heen. Totdat ze zagen welke wissel die trokken op dochtertje Anastasia: ‘Bij het kleinste geluid begon ze keihard te huilen.’ Toen was het genoeg, vonden ze.
De keuze viel inderdaad op Nederland omdat ze hoorden dat hier werk zou zijn. ‘Het idee was dat ik vooruit zou gaan om werk te zoeken’, vertelt Jeroslav. Dat lukte: binnen twee weken kon hij aan de slag bij een amarylliskwekerij. Daar ervoer de Oekraïner ook direct de keerzijde van de flexibele Nederlandse arbeidsmarkt: onderweg naar Oekraïne om zijn gezin op te halen, kreeg hij bericht van de werkgever dat hij niet meer hoefde terug te komen. ‘En nu zitten we hier.’
Of neem het verhaal van Oleksi (31). Toen zijn moeder en vriendin naar Nederland vertrokken, besloot hij in Oekraïne te blijven. Maar hij verloor zijn baan bij de gemeente en kwam steeds moeilijker rond. ‘De enige banen die er nog zijn in Oekraïne, zijn in de ict en het leger.’ Voor het eerste is hij niet opgeleid, voor het laatste niet opgevoed (‘te vreedzaam’). Net als veel mannen in het aanmeldcentrum heeft hij een medische ontheffing voor de dienstplicht.
De enige Oekraïner die onomwonden stelt dat hij voor werk naar Nederland kwam, is Michael (27) uit Kyiv. De onlinemarketeer werkt nu nog vanaf zijn opvangbed ‘remote’ voor zijn Oekraïense werkgever, maar hoopt dat hij snel een baan kan vinden bij een Nederlands bedrijf. ‘Ik hoorde dat er in Amsterdam veel techbedrijven zijn die mensen zoeken’, zegt hij vanachter zijn MacBook. ‘Daarom ben ik hier.’
Volgens voorzitter Monique Kremer van de Adviesraad Migratie is het onmogelijk om op basis van de Europese richtlijn een onderscheid te maken tussen de Oekraïense arbeidsmigrant en vluchteling. Maar ze snapt wel dat de roep erom luider wordt. ‘Hoe langer vluchtelingen blijven, hoe meer verlangen er altijd is naar wederkerigheid.’
De Adviesraad pleitte eerder al voor een eigen bijdrage, zoals die woensdag in de Kamer zal worden beklonken. ‘Dat is ook eerlijker ten aanzien van asielzoekers; die moeten al geld afdragen aan het COA zodra zij werk hebben.’ Toch hoopt Kremer niet dat het debat ertoe zal leiden dat ‘het kind met het badwater wordt weggegooid’. Want de regeling voor Oekraïners heeft veel goeds gebracht: zij zijn bijvoorbeeld veel sneller aan het werk gegaan dan asielmigranten.
Wat directeur Donker van de Veiligheidsregio Utrecht betreft is het van belang dat er een visie komt. ‘Het maakt me niet uit wat voor een, wat mij betreft vang ik iedereen hier op’, zegt hij. ‘Maar vertel me hoe.’
Voorlopig is hij even uitgepuzzeld. De aanmeldlocatie opent pas weer als het aantal vluchtelingen onder de tachtig ligt en er een realistisch perspectief is op voldoende beschikbare opvangplekken.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden