Angela
Lee Morgan (1972)
Op een gedenkwaardige zaterdagnacht in november 1958 daalde de 20-jarige jazztrompettist Lee Morgan in het Amsterdamse Concertgebouw met soepele pasjes de trap af, om uit te komen op een podium dat was uitgelicht als een boksring. Net als de andere leden van Art Blakey’s Jazz Messengers droeg hij een strak gesneden, grijs kostuum met iets te korte broekspijpen.
Fred van Doorn, auteur van Lost Heroes, vergeten helden van de jazz, zag het gebeuren, het Nederlandse debuut van ‘het wonderkind van de trompet’ en hij doopte zijn pen diep in de lyriek. ‘Als hij soleerde spatten de vonken ervan af.’ Volgens Van Doorn bezat Lee Morgan ‘de overmoed van het jonge talent dat zich staat waar te maken en de wereld van zijn kunnen wil laten kennisnemen.’
Zeven jaar later, in oktober 1965, zou Van Doorn in het Olympisch Stadion een soortgelijke euforische ervaring hebben, tijdens een wedstrijd van DWS tegen Ajax. Hij zag de 18-jarige Johan Cruijff invallen, spelend ‘als een jonge god’, en twee keer scoren.
Hoger dan de Jazz Messengers van drummer Art Blakey kon je eind jaren vijftig niet reiken als getalenteerde jonge blazer. Morgan had zich al vroeg in de kijker gespeeld en nam onder zijn eigen naam acht platen op, vooral op het fameuze jazzlabel Blue Note. Wat hij in dezelfde periode als sideman op Blue Train van John Coltrane liet horen, was volgens Van Doorn ‘van een jubelende overtuigingskracht en helderheid’.
Bij de Jazz Messengers trok hij deze lijn voort, live en in de studio. Hij was de oogappel van Art Blakey. Die kon echter niet verhinderen dat Morgan aan de heroïne raakte, hét jazzvirus in die tijd. Hij werd de band uitgezet. Na drie jaar kickte hij af en mocht hij weer een soloalbum opnemen bij Blue Note. Het werd The Sidewinder; de best verkochte plaat van het label ooit.
Wat hielp was dat het titelnummer, een fantastische souljazz-groover, werd gebruikt in een Chrysler-reclame tijdens de World Series, de honkbalfinale in Amerika. Bij alle albums die volgden, hoopten de platenbazen dat hij weer zo’n hit scoorde. Morgan maakte meesterwerken zoals Search for the new land en The Gigolo, maar het Sidewinder-effect was uitgewerkt. Ook de verslaving keerde terug.
Gelukkig was daar Helen Moore. In 1967 ontfermde ze zich over hem, zoals te zien is in de documentaire I called him Morgan. Ze hielp hem van de dope af en werd zijn vrouw en manager. Opgelapt liet hij zich door de rebellie van de tijd meeslepen. Hij nam het door bassist Jymie Merritt geschreven nummer Angela op, een ode aan burgerrechtenactiviste Angela Davis die in de gevangenis zat. En hij stopte veel tijd in talloze jonge veroveringen. Helen liet hij vallen als een baksteen.
In de nacht van 19 februari 1972 rondde Lee Morgan tijdens een concert met zijn quintet Angela af, toen Helen Moore Slug’s Saloon in New York binnenstormde. In de afgeladen jazzclub kreeg het echtpaar slaande ruzie. Ze pakte een wapen en schoot Morgan dood. Zijn reddende engel was een engel der wrake geworden.
John & Paul
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden