Home

Voetbal is volgens rechts Amerika vooral een linkse hobby

Het opslokken van het mondiale voetbal door Saoedi-Arabië stuit in de Amerikaanse Major League Soccer (MLS) op weerstand. Tijdens de opening van de competitie afgelopen weekend protesteerden supporters van D.C. United tegen hun clubleiding omdat die zich in oliedollars liet betalen voor een trainingskamp in de Golfstaat. Het verweer tekent de aard van het voetbal in de VS, waar het niet de volkssport nummer één is, maar een verzamelplek voor immigranten en progressieve Amerikanen.

‘We willen niet dat onze club met dit soort mensen in zee gaat’, verklaarde een woordvoerder van een van de vijf supportersgroepen die zaterdag stil protest voerden. Bij de eerste thuiswedstrijd van D.C. United in Washington werden trommels en vlaggen thuis gelaten, werd er niet gezongen en waren spandoeken te zien met de tekst say no to sportswashing. Ook de komende drie wedstrijden zal het stil blijven. ‘We willen voorkomen dat dit nog eens gebeurt.’

De zwijgende voetbalfans toonden zich naar eigen zeggen solidair met lhbti-groepen op de tribunes – bij veel Amerikaanse clubs, niet alleen in Washington, hebben ze hun eigen supportersverenigingen. In Saoedi-Arabië zouden ze gestraft kunnen worden voor hun geaardheid. Het maakte het verre trainingskamp moeilijk te verteren.

Voor veel supporters van MLS-clubs staat inclusiviteit hoog in het vaandel. In stadions zijn geregeld trans- en regenboogvlaggen te zien. De fans staan te boek als activistisch. Een homofoob spreekkoor bij Los Angeles FC werd, met steun van de clubleiding, binnen een seizoen de kop ingedrukt door sociale controle vanuit de supportersgroepen.

In de VS zijn voetbalfans overwegend progressief, bleek uit een onderzoek van The Wall Street Journal. De groep Democratische supporters zou bijna twee keer zo groot zijn als het Republikeinse aandeel. Daarmee vormt het voetbal een linkse bubbel in het Amerikaanse sportlandschap, een van de weinige plekken waar zowel conservatieven als progressieven zich nog thuis voelen.

Uit onderzoeken naar de politieke voorkeur van sportliefhebbers, komen over het algemeen slechts kleine verschillen naar voren. Het populaire American football trekt ongeveer evenveel linkse als rechtse kijkers, bij honkbal en ijshockey zijn conservatieve fans licht in de meerderheid en het gros van de basketbalfans is progressief.

Maar dat beide partijen de tribunes delen, betekent niet dat sport in de VS verbroedert. Aan de wens van supporters om sport en politiek gescheiden te houden, wordt sinds de eeuwwisseling steeds minder gehoor gegeven.

Na de aanslagen van 11/9 namen vlagvertoon en nationalisme rondom sportwedstrijden toe. American footballer Colin Kaepernick, die uit protest tegen racisme weigerde te staan tijdens het Amerikaanse volkslied, en de Black Lives Matter-protesten van 2020 waar veel sporters zich bij aansloten, dwongen competities om kleur te bekennen. Bij de ene competitie ging dat makkelijker dan bij de andere.

Vooral de vrouwen uit basketbalcompetitie WNBA liepen voorop in hun strijd tegen racisme en politiegeweld. Nog voor Kaepernick zijn knie in 2016 op de grond plaatste, droegen de basketbalsters T-shirts met boodschappen voor sociale gelijkheid. Na de moord op George Floyd in 2020 nam sterspeelster Renee Montgomery zelfs een sabbatjaar om zich op maatschappelijk werk te kunnen richten. De mannen uit de NBA vroegen aandacht door een kortstondige staking.

In beide competities verschenen de woorden ‘black lives matter’ op de parketvloer. Het schoot sommige conservatieve kijkers in het verkeerde keelgat – op sociale media beloofden verontwaardigde sportfans nooit meer te zullen kijken.

Ook andere competities schaarden zich achter de BLM-protesten. De NFL (American football) verklaarde dat het beter naar de knielende spelers had moeten luisteren. In het ijshockey en honkbal werd geknield, al duurde het volgens critici te lang voor de bazen van honkbalcompetitie MLB van zich lieten horen. ‘We hebben altijd geprobeerd om apolitiek te zijn’, sprak competitiebaas Rob Manfred in 2021. Na de dood van Floyd was dat geen optie meer.

Wie in het huidige verkiezingsjaar in sport een uitvlucht hoopt te vinden, zal bedrogen uitkomen. Vooral richting het najaar zullen de spotjes van president Joe Biden en uitdager Donald Trump de reclameblokken vullen. In het streamingtijdperk is sport voor veel Amerikanen een zeldzame reden om live televisie te kijken. De onderbrekingen in het spel zijn voor politici een goed moment om een breed publiek te bereiken.

Sporters uit de meer progressieve competities schaarden zich in 2020 publiekelijk achter Biden, zoals sterbasketballers LeBron James en Stephen Curry. Trump kon rekenen op oude vrienden uit de sportwereld – hij investeerde in het verleden in boksen, worstelen, wielrennen en een American footballteam. Maar de oud-president bleek vooral populair onder de clubeigenaren uit de grote competities als de NFL, MLB (honkbal), NBA (basketbal) en NHL (ijshockey).

Van de 47 miljoen dollar die tussen 2015 en 2020 door clubeigenaren op persoonlijke titel werd gedoneerd aan politici, ging ongeveer 34 miljoen naar Republikeinen, onder wie Trump. Dat bleek vier jaar geleden uit onderzoek van statistisch platform FiveThirthyEight. 10 miljoen ging naar Democraten, de rest naar onafhankelijke kandidaten. Zelfs achter de schermen van de progressieve NBA werd fors gedoneerd aan de campagne van Trump.

De eigenaren, veelal oudere, witte miljardairs, staan met hun conservatieve voorkeur vaak recht tegenover de supporters van hun clubs. Zo is Charles Johnson, eigenaar van een honkbalclub (Giants) in het linkse San Francisco, onder de sportbazen de grootste donateur van de Republikeinse partij. Ook James Dolan van basketbalclub New York Knicks geeft gul.

Voetbal werd niet meegenomen in het onderzoek. Bij veel supporters zouden donaties aan conservatieve politici slecht vallen. ‘Ik ga niet naar het fucking Witte Huis’, zei sterspeelster Megan Rapinoe bij het WK van 2019 over een eventuele uitnodiging van toenmalig president Trump. Het nationale vrouwenelftal werd een mikpunt voor rechts Amerika – de uitschakeling bij het recente WK in Nieuw-Zeeland en Australië werd met leedvermaak ontvangen. Tegelijk is de ploeg razend populair bij linkse Amerikanen.

Zo polariserend als de nationale vrouwenploeg is de MLS niet, al wordt voetbal op de rechterflank soms afgedaan als een linkse hobby. ‘Het komt van vreemde bodem, en daarom houden progressieven ervan’, schreef de conservatieve politiek commentator Ann Coulter in een column op haar website tijdens het WK van 2014. ‘Echte Amerikanen haten voetbal.’

Toch trekt de sport in de VS een steeds groter publiek, en niet alleen meer de hipsters die eens wat anders willen dan American football of honkbal. Het tekent een mogelijke verschuiving onder de Amerikaanse bevolking, schreef professor politiek en sociologie Peter Beinart in een column voor The Atlantic. ‘Sommige groepen, jonge mensen, immigranten en politiek progressieven, staan vaker open voor dingen die in andere landen populair zijn’, beschreef hij de voetbalfans. ‘Niet alles hoeft alleen van ons te zijn.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Antwoord op al uw vragen

Updates, wijzigingen en klachten

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next