Ergens in Nederland ligt een plaatsje waar de mensen vaker 100-plusser worden dan elders. Nee, verouderingsonderzoeker Dorly Deeg, die dat dorpje uitvoerig bestudeerde, gaat dus níét zeggen waar het ligt.
Ze is bang dat als ze dat doet, er direct een zwik journalisten naar dat dorpje zal trekken om de ouderen daar de geheimen van de eeuwige jeugd te ontfutselen. ‘Er kan dan een narratief ontstaan dat niet klopt’, zegt Deeg. ‘Ik wil niet dat daar van die borden komen te staan, zoals op Sardinië: You’re entering a Blue Zone.’ Ligt het in Zeeland misschien, dat volgens het CBS een opmerkelijk taaie bevolking heeft? Deeg haalt haar schouders op en glimlacht. ‘Ergens in de Biblebelt’, wil ze wel kwijt.
Over de auteur
Emma Curvers is mediaverslaggever en columnist van de Volkskrant. Zij schrijft over internetcultuur, sociale media, emancipatie en sociale ongelijkheid.
Deeg weet maar al te goed dat ‘honderd’ een magische aantrekkingskracht heeft: nét wat ouder dan een mens waarschijnlijk zal worden, maar ook weer niet onhaalbaar. Al sinds het jaar kruik spint de mens verhalen rondom onsterfelijkheid: in het epos van Gilgamesj, dat in 2100 voor Christus is ontstaan, probeerde Gilgamesj het kruid van het eeuwige leven in handen te krijgen. Wat de maximale levensduur van de menselijke soort is? ‘Over het algemeen denken we dat die tussen de 120 en 130 jaar ligt, maar we weten het eigenlijk niet’, zegt filosoof-gerontoloog Jan Baars. En als het eeuwige leven niet lukt, dan maar een eeuw leven, toch?
De verjaardag van de 100-jarige is een klassiek regionaal-journalistiek genre, maar op enig moment zal het niet meer haalbaar zijn bij élke 100-jarige langs te gaan: er worden dan te veel mensen 100. ‘Dat komt vooral doordat het aantal ouderen toeneemt’, zegt CBS-statisticus Tanja Traag. 100 worden is onder de huidige generatie 80-plussers nog vrij zeldzaam; per duizend worden er 2,9 mensen 100 jaar. Maar dat gaat veranderen: een man die in 2021 18 was, heeft 13 procent kans om 100 te worden, en een vrouw 20 procent.
De ‘eeuweling’ (of: centenarian) houdt demografen al decennialang bezig: het waren de Italiaanse Gianni Pes en de Belgische Michel Poulain die in 2000 als eersten de streek Ogliastra op Sardinië tot ‘blauwe zone’ doopten – ze hadden blauwe stippen op de wereldkaart gezet waar ze extreem veel 100-plussers in de data zagen. De Amerikaanse National Geographic-journalist Dan Buettner zocht de samenwerking met de twee op en begon de zones ook te bestuderen: in de vijf eerste blauwe zones (Nicoya in Costa Rica, Ogliastra op Sardinië in Italië, Ikaria in Griekenland, Okinawa in Japan en later ook Loma Linda in de VS) zag Buettner bepaalde wetmatigheden, die hij terugbracht tot negen leefregels. Buettner deponeerde in 2008 de term ‘Blue Zone’, waarmee hij miljoenen verdiende – Poulain werkt inmiddels niet meer samen met Pes en Buettner en meldt per mail dat hij zijn blauwe zone-onderzoek zonder hen voortzet.
Volg je de negen simpele leefregels, is de belofte, dan kun jij ook een eeuw worden: natuurlijk bewegen, een doel in het leven hebben, stress vermijden, stoppen met eten vóór je vol zit (naar het Japanse motto ‘hara hachi bu’), een plantaardig dieet volgen, matig alcoholgebruik maar wel één tot twee glazen wijn per dag (komen we op terug), een rol geven aan spiritualiteit of religie, tijd doorbrengen met je familie en een hechte vriendengroep onderhouden. Buettner schreef er in 2008 voor het eerst een bestseller over, The Blue Zones (Het geheim van langer leven), waarna er nog zes zouden volgen.
Wat begon als een rijtje leefregels, groeide uit tot een waanzinnig succesvol merk van Buettner, met zijn eigen jasmijnthee, skincarelijn en burrito’s. Samen met Gianni Pes maakt Buettner ook een Netflixserie: Live to 100: Secrets of the Blue Zones. Daarin zien we een vrolijk beeld van veroudering: Okinawaanse dames komen er samen in een ‘moai’, een vriendinnenclub waarin voor elkaar gezorgd wordt, en nonna’s uit Ogliastra rollen er samen gemoedelijk hun pastadeeg. Dat alles inspireert mensen zich massaal tot de regels te bekeren.
Buettner verkocht het bedrijf Blue Zones in 2020 aan Sharecare. Inmiddels verkoopt de welzijnsorganisatie certificaten aan gemeenschappen die met hun methode ‘blue’ gaan worden, voor tussen de 3 en 40 miljoen per stuk.
In Amerika brengen projectontwikkelaars hun bouwprojecten aan de man met blauwezoneprojecten. Er werden al meer dan tachtig blauwe woongemeenschappen door het hele land gesticht.
Misschien ligt er straks ook wel een in de Groningse wijk Selwerd: het beleid voor ‘Sunny Selwerd’, de eerste ‘Man Made Blue Zone’ van Nederland, is geïnspireerd op de blauwe zones-theorie. En het Friese Bakkeveen wil ‘Blue Zone Bakkeveen’ worden – daarvoor krijgen ze subsidie van het ‘Iepen Mienskipsfûns’ van de provincie Friesland.
Het past in een breder initiatief om van Noord-Nederland, een regio met relatief veel werkloosheid en een lagere levensverwachting, de ‘gezondste en gelukkigste regio ter wereld’ te maken. Dit jaar vindt in Nederland voor het eerst een Blue Zone Festival plaats, op 20 juni in Zwolle.
Maar wat zijn dat eigenlijk voor leefregels (twee glazen wijn!) waarmee zoveel mensen op een uitgestrekte oude dag hopen? En waarom moeten ze in Friesland, waar de mensen toch al ‘mienskip’ hebben (een hechte onderlinge verbondenheid), een Japans concept adopteren om verbondenheid te stimuleren? En ís het wel zo heerlijk oud worden op Ikaria, waar de pensioenen aanzienlijk magerder zijn dan in de rest van Europa?
Welke geheimen van de eeuwige jeugd importeren we naar Nederland, en weten we zo zeker dat het de juiste geheimen zijn?
‘Er is heel slecht onderzoek gedaan naar blauwe zones’, zegt Dorly Deeg, die aan het Amsterdamse UMC meer dan 25 jaar onderzoek deed naar veroudering. ‘Elk van die blauwe zones heeft eigen kenmerken, waardoor je er geen algemene conclusies over gezondheid aan kunt verbinden. Op Ikaria drinken ze veel, op Sardinië niet: het is te verschillend.’ Uit dit soort leefstijlgegevens, zegt Deeg, kun je alleen conclusies trekken als je vergelijkingen maakt tussen zo’n regio en een andere, soortgelijke regio.
Daarom deed Deeg zelf zo’n onderzoek, naar dat mysterieuze plaatsje op de geloofsstrook in Nederland, dat op 39 punten werd vergeleken met een ander dorpje. ‘Daarin vielen een paar dingen op: de mensen zijn er erg religieus, ze roken en drinken relatief weinig en zijn daarnaast erg tevreden over hun leefomgeving. Er is veel groen en je kunt alles makkelijk belopen.
Dat betekende dat wij maar voor twee van de negen principes van Buettner ondersteuning konden vinden’, zegt Deeg. ‘De religiositeit, of spiritualiteit, en de aanwezigheid van een hechte gemeenschap.’
Er viel ook niet vast te stellen of de ouderen in het dorpje veel gezonder leefden, zegt Deeg. ‘Ze aten er bijvoorbeeld minder groente dan elders.’ Het is dan ook de vraag in hoeverre het bereiken van een hoge leeftijd te danken is aan leefstijl: in sommige blauwe zones, zegt Deeg, zou ook erfelijkheid een rol kunnen spelen. Zo is uit onderzoek gebleken dat op Sardinië de mensen van maar ongeveer twintig voorvaderen afstammen. ‘Daar kun je alleen geen lessen uit trekken: of je die goede genen hebt, is gewoon geluk hebben.’
Een groot deel van de factoren die een rol spelen bij veroudering, zegt Deeg, is van toeval afhankelijk. ‘Als ik een gok zou moeten doen, zou ik zeggen dat je voor ongeveer tussen de 5 en 15 procent iets te zeggen hebt over de factoren die meespelen in je levensduur.’
Deeg waarschuwt dat de focus op 100-jarigen en blauwe zones mogelijk de aandacht richt op de verkéérde punten die een lang leven zouden bevorderen of belemmeren. ‘Op Sardinië bijvoorbeeld, zit meer jodium in het water; dat zou een gunstige invloed kunnen hebben op de levensverwachting. Daarnaast is het gek dat in de negen principes niet staat dat je niet moet roken, dat is natuurlijk heel belangrijk.’
Dat is ook de kritiek van Jan Baars: ‘Als je uit die gebieden wat leefregels pikt waarmee je zogenaamd oud kunt worden, wordt buiten beschouwing gelaten hoezeer die gebieden van elkaar verschillen: wij hebben in Nederland veel meer fijnstof, microplastics en pfas, bijvoorbeeld. En rondom Tata Steel gaan de mensen ook gewoon jonger dood.’
Toch zijn sommige Blue Zone-regels mogelijk zinvol, zegt Deeg. Doelen stellen, bijvoorbeeld. ‘Dat geeft een gevoel van regie, en dat is belangrijk voor ouderen. Het moeten telkens nieuwe uitdagingen zijn: een beetje sudoku’s maken is niet genoeg, dat is te eenzijdig. En mensen die erg oud worden, zijn goed in de omgang met hun mankementen.’
Daarnaast is er bewijs dat mensen die lichamelijk én sociaal actief blijven, minder kans lopen om jong te sterven. Deeg is dan ook benieuwd naar de resultaten van Blue Zone-gerelateerde projecten in Nederland. Zij hoopt dat de projecten goed worden onderzocht. ‘Maar let wel op: je moet al ver voor middelbare leeftijd begonnen zijn met een gezonde leefstijl, wil dat nog een groot verlengend effect hebben op je levensduur.’
De kritiek op algemene leefregels van Oxford-onderzoeker en demograaf Saul Newman zit nog een tandje dieper. Hij heeft een simpele verklaring voor de opvallende aantallen 100-plussers op sommige plaatsen: fouten in de data, die te wijten zijn aan slordigheid, ongeletterdheid, en pensioenfraude.
‘Toen ik me ging verdiepen in de cijfers rondom 100-jarigen, stond ik versteld van wat er voor waarheid is aangenomen door wetenschappers’, zegt Newman.
Newman ziet zelf een ander opvallend verband in de cijfers rondom eeuwelingen. ‘De supercentenarians (110-plussers, red.) wonen juist in de armste delen van hun land. Dat zijn plaatsen waar gemiddeld genomen de levensverwachting juist het laagst is. Die getallen kunnen gewoon niet kloppen.’
Als je alleen naar extreme leeftijden kijkt, zegt Newman, zijn de data onbetrouwbaar. ‘Op plaatsen waar meer laaggeletterdheid is, heb je vaak te maken met rommelige data. En er komt meer pensioenfraude voor.’ Newman wijst op een artikel van Reuters uit 2012: ‘In Griekenland bleek 72 procent van de 100-plussers niet te bestaan, omdat hun nabestaanden hun dood niet lieten registreren, zodat ze hun pensioenen konden blijven incasseren.’
Newman weet in bijna elke blauwe zone problemen met data aan te wijzen: zo onthulde de Japanse overheid in 2010 dat 230 duizend Japanse 100-plussers onvindbaar waren – die cijfers gingen wel over héél Japan, niet alleen de blauwe zone Okinawa. ‘Ze waren dood, of het ging om fouten in de database. Dat komt door laaggeletterdheid, en bijvoorbeeld door invasies waarbij hele steden en hun geboorteakten zijn weggevaagd.’
Omdat de bewoners in die blauwe zones gemiddeld genomen juist minder oud worden, zegt Newman, moet je die gebieden juist niet als voorbeeld nemen op het gebied van leefstijl. ‘Neem Okinawa. Dat is door de Japanse overheid sinds 1975 in de gaten gehouden in een langlopend onderzoek naar voeding. Als je naar dat onderzoek kijkt, zie je dat ze in Okinawa de minste groente eten van alle 47 provincies, ze meer alcohol drinken en vaker obesitas hebben dan in de rest van Japan. Ze zijn gewoon niet heel gezond.’
Deeg is bekend met de kritiek van Newman en vindt dat hij een punt heeft. ‘De effecten van ‘kwijtgeraakte’ ouderen overdrijft hij’, zegt Deeg. ‘Maar inderdaad: waar je gemiddeld genomen een lagere levensverwachting hebt, zou je minder 100-plussers verwachten. En in Sardinië is de Blue Zone bijvoorbeeld verplaatst, van Ogliastra naar het zuiden. Wat is daar dan gebeurd? Allemaal raadsels.’
De mensen achter de Blue Zones hebben Newman antwoord gegeven op hun website, en noemen Okinawa inmiddels geen blauwe zone meer. Buettner zei in The Economist dat Okinawa nu minder gezond is door de komst van Amerikaanse ketens.
In een reactie aan het Amerikaanse Newsbeat zei Buettner dat armoede kan resulteren in een langer en gezonder leven, als dat betekent dat mensen dan meer lopen, goedkope maar gezonde voeding eten (zoals bonen) en daarmee aan hartaandoeningen en andere welvaartsziekten ontkomen.
Door de Blue Zones-organisatie is inmiddels ook Singapore tot ‘Blue Zone 2.0’ benoemd, een door beleid verbeterde zone. Daarop reageerde de Singaporese minister van Volksgezondheid Ong Ye Kung zelf dat Singapore juist erg verschilt van andere blauwe zones: ze eten er veel suikerrijk, zout en gefrituurd eten, en stress is er een groot probleem. Ook volgens een van de uitvinders van het begrip, de demograaf Poulain, is Singapore als blauwe zone ‘nonsens’ – hij benoemde zelf in 2023 het Franse Martinique tot nieuwe blauwe zone.
En toch: veel traplopen, een mediterraan dieet van veel fruit en groente, weinig vlees, wat vis, geen bewerkt voedsel: zijn veel Blue Zone-regels niet een geval van baat het niet dan schaadt het niet?
‘Nee’, zegt Newman: ‘Alcohol doodt mensen, maar zij vertellen dat je één tot twee glazen wijn moet drinken per dag. Dat is niet onschuldig. Daarnaast is dat advies alleen aan Ikaria ontleend.’ In Nederland adviseert het Voedingscentrum geen alcohol te drinken. En als je het dan tóch doet, maximaal een glas per dag.
Uit een studie uit 2018 bleek dat je vanaf tien glazen bier of wijn per week een verhoogd risico op sterfte hebt, dat toeneemt naarmate je meer drinkt. Voor je gezondheid drinken is dus onzin.
Wensdenken is een probleem bij de Blue Zones en andere leefstijlmethoden, zegt Newman. ‘Het is culturele toe-eigening: je grijpt een aantal elementen uit een cultuur die je niet echt begrijpt en die mensen toch al wel leuk vinden, en herverpakt die voor je eigen doelen.’
Daarmee projecteren vooral rijke mensen oeroude romantische ideeën op die gebieden, over een goede, eenvoudige levensstijl, en weerbare arme mensen. ‘Dat geeft rijkere mensen en overheden daar een excuus niets te doen tegen het feit dat mensen op die plaatsen juist het armst en ongezondst zijn. Het zijn ook altijd heel fotogenieke gebieden, hè? Er wordt nooit een blauwe zone gesticht in de industriële woestenij van een Russische stad als Norilsk.’
Inkomen is een veel betere indicatie van lang leven, zegt Newman. ‘Mensen leven gemiddeld het langst in stedelijke gebieden, of gebieden waar men naartoe gaat na hun pensioen. Brussel bijvoorbeeld. Maar ja, niemand romantiseert Brussel. En Zwitserland. Het zijn saaie, rijke plekken.’
Dat strookt met wat filosoof-gerontoloog Jan Baars zegt – hij publiceerde vorig jaar een boek over de diepere ongelijkheden die spelen bij veroudering, Long Lives are for the Rich. ‘Mensen met een lagere sociaal-economische positie leven in Nederland acht jaar korter, en hebben 23 jaar eerder chronische ziekten’, zegt Baars.
Hij vindt het kwalijk dat veroudering volgens de Blue Zones wordt losgezongen van de omgeving en andere factoren die je levensduur bepalen: ‘Hoe oud je wordt, wordt bepaald door genetische aanleg, omgevingsfactoren en levensstijl.
Maar die genetische aanleg, zo blijkt uit recent onderzoek, is maar voor ongeveer 30 procent van invloed. En leefstijl en leefomstandigheden kun je niet los van elkaar zien’, zegt Baars. ‘Een goede leefstijl is van belang, maar wordt gedragen door je omstandigheden: heb je een goed huis, heb je goed onderwijs genoten? In een schimmelachtig huis dat dicht bij een snelweg of vervuilende fabriek staat, heb je minder aan die leefregels.’
Leefstijlregels kunnen mensen op individueel niveau helpen, zegt Baars. ‘Als mensen minder suiker gaan eten, is dat heel goed. Maar er is behoefte aan beleid dat serieus probeert om de oorzaken van de schrijnende ongelijkheid in levensduur en gezondheid aan te pakken. De Blue Zones-nostalgie parkeert de problemen weer bij ‘het individu’, terwijl de ongelijkheid in de mogelijkheden die mensen hebben, wordt verwaarloosd. Daardoor zal deze ongelijkheid verder toenemen.’
Volgens Baars is het zaak de mogelijkheden voor goed ouder worden gedurende de hele levensloop te vergroten: door slechte voeding aan te pakken bijvoorbeeld, ondermaats onderwijs, of fijnstof. Daar sluit Deeg zich bij aan: ‘De generationele overdracht van armoede, en alles wat daarbij hoort, slechte leefstijl, slechte opleiding en slecht werk, is wat de levensverwachting laag houdt.’
En de principes van een hechte gemeenschap, zingeving en veel tijd met vrienden en familie, zijn die dan niet zinvol voor veel ouderen? ‘Jawel’, zegt Baars, ‘maar die zijn geen uitvinding van de blauwe zones. Al jaren blijkt uit onderzoek naar veroudering dat sociale netwerken en actief blijven belangrijk zijn. Ouder worden is ook een sociaal proces.’
Misschien is dat een minder belicht geheim van 100-jarigen, maar het is dan ook een minder léúk geheim: dat ze zoveel vaker winnaars zijn van de lotto van leefomstandigheden: met hun ouders, hun woonplaats, of de sociaal-economische klasse en het inkomen die bij hun opleidingsniveau horen, en die samen een optimaal kluitje voorwaarden kunnen scheppen om lekker oud mee te worden.
Het geheim van de eeuwige jeugd wordt dus niet bewaard in een mysterieus plaatsje met veel 100-jarigen. Nog even over dat plaatsje: volgens het CBS wonen in het Zeeuwse Kapelle relatief de meeste 100-jarigen van Nederland (de Waddeneilanden niet meegerekend).
Een verslaggever van Omroep Zeeland ging er vorig jaar naartoe, op bezoek bij de 102-jarige meneer Van der Kuijl en de 99-jarige mevrouw Besuijen. In de zalen van de zorginstelling Cederhof zagen we ouderen gezellig samen sjoelen. ‘Wat is het geheim?’, vroeg de verslaggever aan de toen nog nét 99-jarige Tannetje Besuijen. ‘Niet te veel borreltjes.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden