Home

Na bijna dertig jaar gaat belangrijk Nederlands klimaatinstrument ten onder

Het gaat om het Global Ozone Monitoring Experiment (GOME). Het instrument is ontwikkeld door TNO in Delft.

GOME stelde onder meer de ozonconcentraties in verschillende lagen van de atmosfeer vast. Ook registreerde het instrument de chloorfluorkoolwaterstoffen in de dampkring. Daarmee konden wetenschappers zien of het gat in de ozonlaag groter werd.

Het klimaatinstrument is ingebouwd in de Europese aardobservatiesatelliet ERS-2. De missie van deze satelliet is al in 2011 geëindigd.

Satellieten worden door de zwaartekracht en wrijving teruggetrokken naar de aarde. Zolang er brandstof aan boord is, kunnen ze weerstand bieden. Aan het einde van een missie kan de vluchtleiding de laatste beetjes brandstof gebruiken voor een gecontroleerde ondergang.

Maar de ondergang van ERS-2 is niet gecontroleerd. Daardoor is het niet duidelijk wanneer de satelliet precies terugkeert in de dampkring en waar hij exact vergaat.

Volgens de recentste berekening gebeurt dit rond 20.00 uur. Maar er is een flinke foutmarge en dus kan het ook uren eerder of later gebeuren. Dat hangt af van de wrijving van die de satelliet tegenkomt aan de rand van de dampkring. En die wrijving hangt weer af van de activiteit van de zon.

De Nederlander Paul Crutzen opperde het idee voor het klimaatinstrument in de jaren tachtig. Hij ontving in 1995 de Nobelprijs voor de Scheikunde voor zijn onderzoek naar de ozonlaag.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next