Onze ontlasting bevat veel waardevolle voedingsstoffen, die nu verloren gaan in het riool. Hergebruik van menselijke mest kan de landbouw duurzamer maken – dan is er minder kunstmest nodig. Maar hoe doe je dat? ‘Het vergt nog wel een gedragsverandering.’
Als Peter van der Kuil (60) aan mensen het groendak boven op zijn huis laat zien, maakt deze vrolijke verschijning – met rond brilletje en klein mutsje boven de oren heeft hij wat weg van een André van Duin-typetje – standaard dezelfde opmerking. Wijzend naar zijn sedumplantjes zegt hij dan: ‘Kijk, dit hebben we allemaal zelf bij elkaar gescheten.’
Zijn opmerking mag lollig zijn bedoeld, ze klopt wel. Van der Kuil is een van de bewoners van de circulaire woongemeenschap Aardehuis in het Overijsselse Olst, die al zijn ontlasting hergebruikt. Dagelijks leegt hij een roestvrijstalen emmer met de poep en plas van zijn gezin op de composthoop, om de compost twee jaar later te gebruiken in de (moes)tuin – of om de sedumplantjes op zijn dak te voeden.
De gang met een emmer poep en plas naar de composthoop doet denken aan voor-rioolse tijden. Zoals te zien op de beroemde foto uit de Jordaan in Amsterdam, anno 1953, waar een man op de houten trap van een typisch Amsterdamse woning een poepemmer in zijn rechterhand houdt en een tweede op de linkerschouder. De inhoud is bestemd voor de beerwagen, die daar toen nog met paard ervoor van huis naar huis ging.
Het lijkt dan ook een stap terug in de tijd, wat Van der Kuil en nog zo’n tien anderen in woongemeenschap Aardehuis met hun ontlasting doen. En toch is hergebruik van poep en plas de toekomst. Of zou het moeten zijn. Want via het riool gaan nu talloze nuttige voedingsstoffen in onze ontlasting, zoals stikstof, fosfaat en kalium, verloren voor de voedselvoorziening.
Dat moet anders, roepen wetenschappers al jaren. Maar hoe dan?
Over de auteur
Pieter Hotse Smit is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland en verslaat ontwikkelingen in de provincies Overijssel en Gelderland. Eerder schreef hij over landbouw, natuur, voedsel en duurzaamheid
‘In de praktijk worden er nog nauwelijks nutriënten teruggewonnen en hergebruikt’, constateren onderzoekers van de Wageningen Universiteit. Vorig jaar begonnen zij aan het vierjarig onderzoeksproject Kringloopsluiting van Nutriënten uit Afvalwater en Proceswater (Knap). Een belangrijk onderdeel ervan is de kennis vergroten over het hergebruiken van menselijke ontlasting.
Het onderzoek is vooral gericht op urine, die het rijkst is aan nutriënten – de voedingsstoffen die gewassen sneller laten groeien. Het doel van het project: het gebruik van kunstmest uit fossiele bronnen in de landbouw verlagen door deze te vervangen door humane mest.
De bekendste kunstmest uit een eindige bron is stikstofkunstmest. Die wordt gewonnen met veel energie en aardgas. En er is fosfor, dat veelal uit mijnen in Marokko en China moet komen. Deze en andere meststoffen komen ook via veevoer, vooral (Zuid-) Amerikaanse soja, Nederland binnen. Via dierlijke mest komen die nutriënten hier op het land terecht, terwijl de bodem aan de andere kant van de wereld verschraald achterblijft.
Het massaal toevoegen van nutriënten past niet in de kringlooplandbouw waarnaar de overheid nog altijd zegt te streven. Maar het gebeurt toch. En wel om een aanzienlijk lek in de kringloop te dichten. Dat lek, dat zijn wij. De mens.
De Amerikaan Joseph Jenkins is de grote roerganger achter het composteren van menselijke ontlasting. In 1976 begon hij thuis met compost maken door behalve zijn gft-afval ook zijn eigen uitwerpselen op een hoop te gooien. Hij was zo enthousiast over wat in het Engels ‘humanure’ is gaan heten – compost maken met eigen uitwerpselen – dat hij aan de Slippery Rock-universiteit in Pennsylvania zijn scriptie wilde schrijven over de ervaringen met zijn zelfgeknutselde wc en composthoop. Maar de studie sustainable systems maakte hij nooit af. Wel verscheen in 1995 in leesbare, niet-academische taal een boek dat in meer dan twintig talen zou worden vertaald.
Hoe enthousiast onthaald ook, The Humanure Handbook bleef vooral een boek voor liefhebbers, zoals te vinden in Aardehuis in Olst. Types die voor lief nemen dat het niet altijd okselfris ruikt in hun wc-ruimte en dat ze in de winter af en toe rattengangen tegenkomen in hun composthopen. Bijna dertig jaar later moet Jenkins, zoals hij deed in zijn in 2021 verschenen ingekorte editie van zijn boek met de ondertitel Shit In a Nutshell, bekennen dat ‘wij’ (lees westerlingen) nog altijd ‘shit illiterate’ zijn. Verpest door het watercloset, dat ons met één druk ontdoet van dat waar we niks mee van doen willen hebben.
Elke samenleving die opgroeit met een doorspoel-wc lijkt zich volgens Jenkins niet langer bezig te houden met het recyclen van organisch materiaal, ‘in het bijzonder als het uit ons eigen lichaam komt’. Met een tweede boek – The Compost Toilet Handbook – hoopt hij de 2,5 miljard mensen in de wereld die nog altijd niet op spoel-wc en riool zijn aangesloten te leren hoe ze de waarde uit ontlasting kunnen verzilveren.
Nederland is eigenlijk het laatste land waar je zou verwachten dat wordt nagedacht over hergebruik van menselijke mest. Door de grote veestapel is Nederland een van de weinige landen met een mestoverschot, waarvan een deel wordt geëxporteerd naar het buitenland. Desondanks gebruiken de boeren hier ook kunstmest. Dit doen ze om de perfecte mestsamenstelling te krijgen, met precies de juiste hoeveelheden van alle voedingsstoffen. Dat is best zonde, want in plaats van die voedingsstoffen uit energie-intensieve kunstmest of eindige bronnen te halen, kan het dus ook uit menselijke ontlasting komen.
Er liggen bovendien kansen voor de export. In tegenstelling tot in Nederland zijn er wereldwijd tekorten aan het ontstaan van stikstof, fosfor en kalium. Gewassen groeien op het land met dank aan deze voedingsstoffen, die via voeding in menselijke ontlasting terechtkomen. Maar anders dan bij dierlijke mest gaan de voedingstoffen in onze poep en plas maar op weinig plekken in de wereld terug de akkers op. Om zo weer nieuwe gewassen te laten groeien en daarmee de kringloop te sluiten. Het goede nieuws: er is veel mogelijk, de meststoffen uit menselijke ontlasting zijn op grote schaal winbaar.
Fosfor is relatief gemakkelijk uit afvalwater terug te winnen. Dit resulteert bijvoorbeeld in kleine korreltjes struviet, een meststof die mag worden gebruikt in tuinen en de landbouw. Het terugwinpotentieel is nog enorm. Via het riool stroomt ruim twee keer meer fosfor weg dan wordt toegepast in de landbouw in de vorm van fosfaatkunstmest. Dat betekent dat als alles teruggewonnen zou worden, dit niet alleen geëxporteerd kan worden, maar ook nog een deel ervan de fosfaten uit dierlijke mest kan vervangen op de akkers. Dit kan van pas komen als de veestapel verder krimpt.
Struviet uit rioolwaterzuivering is in Nederland vooralsnog de enige toegelaten meststof uit menselijke ontlasting. Omdat het in tegenstelling tot andere reststromen gemakkelijker te ontdoen is van schadelijke resten, zoals uit medicijnen, drugs en pfas. Maar het terugwinnen van fosfor staat nog in de kinderschoenen en gebeurt daardoor slechts op beperkte schaal, in steden zoals Amsterdam en Amersfoort, en uit mobiele urinoirs op festivals.
Fosfor is ook maar een fractie van de rijkdom in menselijke ontlasting. Kalium is er ook nog, maar dat is lastig te vangen doordat het gemakkelijk oplost in water. Het belangrijkst is stikstof. Ook dat heeft grote potentie. De helft van de meestgebruikte kunstmest in de landbouw, stikstofkunstmest gemaakt met aardgas, kan vervangen worden door stikstof uit menselijke ontlasting. Alleen vis je ook die niet zomaar uit afvalwater. Om het terug te winnen moet de urine zuiver zijn. Daarvoor is het nodig dat poep en plas apart worden afgevangen.
En dat moet toch echt al bij de bron gebeuren. Thuis, op de wc dus. Hoe goed bedoeld ook, de emmers in de woningen in woongemeenschap Aardehuis schieten daarvoor tekort. Die zijn geschikt om in eigen compost te voorzien en zo de tuintjes en gezamenlijke moestuin te laten groeien en bloeien. Maar alles opvangen in een emmer gaat niet werken als op grote schaal hoogwaardige nutriënten moeten worden teruggewonnen.
In de Arnhemse woongemeenschap Arneco zijn ze een stap verder dan in Olst. Sam Molenaar (37) trekt het dekzeil van een manshoge ton. Erin zit een schuimende massa. Urine van de vijftien woningen in de gemeenschap rond een vertimmerde boerderij.
Voor 1.000 euro per huishouden kregen ze allemaal een aparte urineleiding. Er werden speciale wc’s gekocht waarin urine apart wegstroomt en waarbij maar beperkt spoelwater meestroomt. Alles om de urine zo zuiver mogelijk in de tank te krijgen.
De normaler ogende wc’s in Arnhem, die gewoon doorspoelen, nemen iets van de weerstand weg die velen voelen bij de confrontatie met de eigen ontlasting, zoals met de emmers in Olst. ‘Maar het vergt nog wel een gedragsverandering’, zegt Kimo van Dijk, samen met Molenaar initiatiefnemer van de woongemeenschap en het bijbehorende urineproject. Voor de schoonmaak zijn alleen bio-afbreekbare middelen toegestaan en iedereen moet gaan zitten. ‘Kinderen willen nog weleens te veel naar voren zitten, waardoor ze in de urineafvoer poepen. Maar dat gaat al beter.’
Molenaar is bio-elektrochemicus en ontwerper van wat gerust een thuisfabriekje mag worden genoemd. Met afgeschreven machines van zijn werkgever Pure Water Group, nu nog opgesteld in een tijdelijke zeecontainer naast de gemeenschappelijke boerderij, vist hij met bezinkingstanks en membranen via elektrodialyse bruikbare stoffen uit de urine.
Urine is niet toevallig gekozen. ‘Daar zit 70 procent van de nutriënten uit onze ontlasting in’, zegt Van Dijk. ‘Het is ons vooral te doen om de stikstof in de vorm van ammoniumnitraat, een goede vervanger van stikstofkunstmest.’
Van Dijk weet waar hij het over heeft. Hij brengt thuis in de praktijk waar hij vanuit Wageningen onderzoek naar doet. Hij is een van de trekkers van het Knap-onderzoeksproject, dat in vier jaar tijd onder meer inzicht moet geven in wat allemaal mogelijk is met menselijke poep en plas.
Het is pionieren wat ze doen in het Arnhemse thuislab. Dit voorjaar wordt met onder meer de meststof uit de urine in Arnhem een veldproef gedaan in Lelystad, waar Wageningen de Boerderij van de Toekomst heeft.
Daar zullen stroken aardappelen worden bemest met stikstofrijke meststoffen uit menselijke urine. Ernaast komen stroken aardappelen die groeien op stikstof die via een andere methode bij rioolwaterzuiveringen is teruggewonnen uit poep en plas. Dit vergelijken de onderzoekers dan met aardappelen die groeien op eenzelfde dosering gangbare stikstofkunstmest.
In Lelystad treffen we Wim van Dijk, een van de betrokken onderzoekers uit Wageningen. ‘We willen vooral aantonen dat het landbouwkundig werkt’, zegt hij. ‘Maar ook niet onbelangrijk: we willen kijken of de menselijke meststoffen veilig kunnen worden toegepast. Vrij van zware metalen, medicijn- en drugsresten.’
Het gebrek aan kennis over verontreiniging in menselijke ontlasting is een van de redenen dat het nu nog wordt gezien als ‘afval’ en dat meststoffen eruit nog heel beperkt zijn toegestaan in de landbouw. Recent Duits onderzoek geeft wat reden tot optimisme. Daar is gebleken dat het gebruik van menselijke mest productief en veilig is en geen risico’s veroorzaakt op de overdracht van ziekten. Maar onduidelijk blijft nog wat de langdurige toepassing van humane meststoffen doet met de bodem.
De risico’s van verontreiniging in de mest zijn er ook bij de thuiscomposteerders. Om zeker te zijn dat er geen schadelijke resten in zitten, laten de bewoners van Aardehuis in Olst hun compost minimaal twee zomers liggen. Door onder meer de warmte, zo schrijft Jenkins in zijn handboek op basis van Australisch onderzoek, zouden de meeste resten dan afgebroken moeten zijn.
Molenaar wil aantonen dat zijn installatie in Arnhem in staat is deze stoffen eruit te filteren. Zelfs als dit lukt, zal het jaren wachten zijn op nieuwe Nederlandse en Europese wetgeving, die aangepast moet worden om het toepassen van menselijke mest op grote schaal mogelijk te maken.
Volgens de Wageningse onderzoekers is het hoe dan ook zaak dat beleidsmakers serieuzer gaan nadenken over hergebruik van menselijke mest. De schaal waarop het mogelijk wordt gemaakt, zal flink groter moeten. ‘Een wijkje is leuk’, zegt Van Dijk. ‘Maar het moet naar de landbouw, daar is het nodig. Bij nieuwbouw moeten we daarom nu al nadenken over het op grotere schaal scheiden van poep en plas. Ik zie dit nog nergens gebeuren.’
De woongemeenschap in Olst had nooit de intentie een voorloper te zijn voor grootschalige terugwinning. Daar wilde men vooral water besparen en zelfvoorzienend leven in harmonie met de natuur. ‘Mensen zijn tegenwoordig dol op hightech’, zegt Van der Kuil, die is binnengelopen bij Mirjam Burema (55), een van de initiatiefnemers van Aardehuis. ‘Wij denken juist in lowtech. Met water dat door een rietbed wordt gezuiverd, hoge ramen op het zuiden, zodat het hele jaar rond de vloer zonnewarmte krijgt, muren van stro en groendaken ter isolatie.’
Bij die leefwijze paste voor de helft van de 23 huishoudens ook de lowtech-compost-wc, in allerlei varianten die overeenkomen met die van Van der Kuil. Bij hem gaat er na de boodschap een schep houtsnippers overheen, om het vocht eraan te onttrekken en de stank te verminderen. Maar wie de ruimtes met compost-wc’s betreedt, merkt dat dit niet alle geur wegneemt.
Zelf heeft Van der Kuil geen last van vieze geurtjes, maar net als Burema krijgt hij weleens gasten over de vloer die moeite hebben met hun wc. Voor hen zijn in het gemeenschappelijke gebouw twee gewone doorspoelvarianten.
Van der Kuil blijft vol enthousiasme over zijn wc-systeem, dat jaarlijks samen met zijn gft-afval twee kuub gratis compost oplevert. Maar hij zegt met een lach toch ook uit zichzelf: ‘Je moet wel een beetje een klap van een molen hebben gehad om elke dag op een compost-wc te gaan zitten, om vervolgens met je volle emmer door de tuin te lopen.’
Compost-wc getest
Er zijn talloze compost-wc’s, ook wel droogtoilet genoemd, op de markt. Ze zijn vooral bedoeld voor mensen die een duurzaam alternatief zoeken voor het chemisch toilet in een camper of vakantieverblijf zonder aansluiting op het riool.
Werkt dit ook in huis, ter vervanging van de reguliere wc? De Volkskrant testte twee compost-wc’s. De Duitse fabrikanten Trobolo en Trelino stelden beide een model beschikbaar, een met een houten en een met een kunststoffen buitenkant.
In gebruiksgemak bleken de twee nauwelijks van elkaar te verschillen. Ook het principe was hetzelfde. Op de bak, met de hoogte van een normale wc, moet elke boodschap zittend worden uitgevoerd. Dan kan de plas via een soort trechter aan de voorkant van de wc-bril naar een jerrycan stromen. De poep valt in een kunststof emmer aan de achterkant, waar een biologisch afbreekbare vuilniszak in zit die zo de composthoop op kan.
Doordat de poep en plas niet samenkomen, ontstaat al veel minder geur. Door houtsnippers en ongebleekt bio-wc-papier bij de poep te gooien, wordt het vocht eruit onttrokken. De belofte is dat dit ook minder stank geeft. Maar in werkelijkheid zorgden de poep en de snippers toch wel voor een geur die doet denken aan een konijnenhok dat aan verschoning toe is – wat een deel van het gezin al snel ging tegenstaan. Om de luchtjes te beperken zijn er compost-wc’s die met ingebouwde ventilatoren worden geleverd.
Na aanvankelijk enthousiasme wreekte zich na verloop van tijd toch ook de aanwezigheid van twee doorspoel-wc’s in huis. De meerderheid van het huishouden koos al snel voor gemak. Het regelmatig legen werd met de compost-wc op drie hoog ook iets om tegenop te zien. Verder was niet voorzien in ruimte voor meerdere composthopen in de tuin, om de uitwerpselen de benodigde twee jaar te laten liggen.
Belangrijk om nog te vermelden: alle bezwaren vielen weg tijdens een vakantie in de natuur, waarbij een compost-wc mee ging. In de buitenlucht, zonder de belemmering van trappen en de verleiding van reguliere wc’s, bleek een droogtoilet werkelijk te verkiezen boven een kuil graven in de grond.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden