De VVD zoekt een vervanger voor Mark Rutte. Het ziet er steeds meer naar uit dat de premier vroegtijdig moet aftreden vanwege zijn benoeming tot Navo-chef. Het zou voor het eerst zijn dat een Nederlandse premier zijn ambtstermijn niet afmaakt.
Ruttes internationale aspiraties stellen het demissionaire kabinet voor een interessante uitdaging. De geruchten dat de voormalige VVD-leider op korte termijn tot nieuwe secretaris-generaal van de Navo zal worden verheven, klinken steeds luider. Zijn officiële benoeming zou voorzien zijn voor 4 april, de dag dat het militaire bondgenootschap zijn 75-jarige bestaan viert.
De topjob kan Rutte nauwelijks meer ontgaan, omdat de Amerikaanse regering (die de dikste vinger in de pap heeft bij Navo-aanstellingen) zijn kandidatuur van harte ondersteunt − aldus welingelichte Navo-kringen tegen persbureau Bloomberg.
De Navo zoekt een opvolger voor de Noor Jens Stoltenberg (64), die uiterlijk 1 oktober vertrekt. Stoltenberg heeft het trans-Atlantische bondgenootschap dan tien jaar geleid. Als Rutte de Navo-baan inderdaad binnen een paar maanden krijgt toegewezen, kan hij met goed fatsoen eigenlijk geen premier blijven. Het is immers nauwelijks voorstelbaar dat hij op internationale toppen over bijvoorbeeld militaire hulp aan Oekraïne als premier overtuigend het Nederlandse standpunt blijft uitdragen, terwijl hij als aanstaand Navo-secretaris-generaal mogelijk een heel ander standpunt inneemt. Die twee politieke petten zijn redelijkerwijs niet te combineren.
Op het ministerie van Buitenlandse Zaken zou nu al worden geroddeld dat Ruttes kabinet in het Gaza-conflict de kant van Israël kiest om zijn Navo-aanstelling niet in gevaar te brengen. Er is bovendien een precedent: een dag nadat de Deense premier Anders Fogh Rasmussen in 2009 tot Navo-secretaris-generaal werd benoemd, stapte hij op als minister-president.
Het is in Nederland nooit eerder voorgekomen dat een (al dan niet demissionaire) minister-president uit eigen beweging zijn ambtstermijn niet uitdient, anders dan bij de val van een kabinet. Nederlandse premiers zijn ook nooit in het harnas gestorven. Het vervangen van de premier buiten een kabinetsformatie om, zou dus een primeur zijn in de Nederlandse parlementaire geschiedenis.
Een bron in de VVD-top bevestigt dat de partij rekening houdt met dit scenario en zich voorbereidt op de eventuele vervanging van Rutte. Wie daarvoor in aanmerking komt, wil niemand zeggen, maar het ligt voor de hand dat VVD-leider Dilan Yesilgöz vooraan staat. Zij staat bekend als eerzuchtig en zal die kans vermoedelijk niet graag aan zich voorbij laten gaan. Zelfs als ze maar een paar maanden demissionair aan het roer mag staan, wordt ze in de historische annalen bijgeschreven als eerste vrouwelijke premier én eerste premier van niet-Nederlandse herkomst.
Onduidelijk is of de VVD in zijn eentje kan bepalen wie Rutte tijdelijk gaat vervangen. De gebruikelijke procedure bij de tussentijdse vervanging van andere ministers is echter dat de partij van de vertrokken minister een nieuwe kandidaat voordraagt, wiens benoeming de ministerraad vervolgens bekrachtigt. Meestal is de instemming van de ministerraad een formaliteit, zoals bij de vervanging van minister van Financiën Sigrid Kaag door oud-D66-Kamerlid Steven van Weyenberg.
Maar het premierschap gaat gepaard met een bepaalde statuur (de ‘premierbonus’), die de andere drie regeringspartijen Yesilgöz wellicht niet gunnen nu de kabinetsformatie moeizaam verloopt. Het is op dit moment niet ondenkbaar dat er nog dit jaar nieuwe Tweede Kamerverkiezingen gehouden moeten worden. De premierbonus zou dan electoraal voordelig kunnen uitpakken voor de VVD-lijsttrekker.
In het reglement van orde van de ministerraad staat vermeld dat die moet instemmen met ministersbenoemingen, en de VVD heeft in de ministerraad geen meerderheid. Maar de Grondwet zegt daar niets over. Daarin staat alleen dat de minister-president benoemd wordt per koninklijk besluit. Bronnen bij D66, CDA en ChristenUnie zeggen dat de VVD Ruttes vervanging nog niet bij hen heeft aangekaart.
Dat Rutte de nieuwe Navo-topman wordt, is trouwens niet helemáál een gelopen race. Alle 31 Navo-landen moeten met de benoeming instemmen en onder andere Turkije en Hongarije zouden nog bedenkingen hebben tegen de Nederlander. Het lijkt er echter op dat hun bezwaren niet onoverkomelijk zijn en de mening van de Amerikanen (die 70 procent van het Navo-budget ophoesten) weegt zwaar.
Ruttes enige concurrenten zijn − voor zover bekend − de Estse premier Kaja Kallas en de Letse minister van Buitenlandse Zaken Krisjanis Karins. Beiden hebben echter als nadeel dat ze uit de Baltische staten komen, die bekend staan om hun sterk anti-Russische houding. Een aantal Navo-landen zou de kandidatuur van Kallas en Karins niet zien zitten uit angst dat zij zich als Navo-chef te polariserend zullen opstellen tegenover de Russische president Poetin.
Kallas heeft bovendien als nadeel dat zij vrouw is. Dat was in eerste instantie juist een voordeel, omdat ook de Verenigde Staten graag eens een vrouw aan het hoofd van de Navo wilden plaatsen. Maar daar zijn de Amerikanen schijnbaar van teruggekomen, omdat het steeds waarschijnlijker wordt dat Donald Trump dit najaar herkozen wordt als president van de VS. Trump toont weinig respect voor vrouwen in machtsposities; hij kon bondskanselier Angela Merkel bijvoorbeeld niet uitstaan.
Gezien Trumps toch al kritische houding jegens de Navo wordt het benoemen van een vrouw nu te riskant gevonden, terwijl Mark Rutte heeft bewezen Trump heel goed te kunnen ‘managen’. Zo durfde hij de dominante Trump in 2018 tijdens een ontvangst in het Witte Huis publiekelijk tegen te spreken.
Source: Volkskrant