Voor de Britse zanger en schrijver James Blunt (49) is zijn in oktober verschenen album Who We Used to Be het begin van een nieuwe fase in zijn leven. Die begon eigenlijk al, zo vertelt hij in een Amsterdams hotel, toen hij vier jaar geleden in de Nederlandse Afas Live optrad. ‘Het was zo’n rare tijd, ik wist gewoon dat er iets naars stond te gebeuren. Nee, niet mijn verschijning op het podium daar, al is dat beeld voor veel mensen erger dan een mogelijke zondvloed’, zegt hij met de hem typerende zelfspot. ‘Ik had al een soort voorgevoel dat het mis zou gaan in de wereld. En ja hoor, een paar maanden later kwam covid-19 in ons leven en ging alles op slot.
Onze gids dit weekeinde is een rubriek in Volkskrant Magazine waarin een bekend persoon (op velerlei terreinen) uit binnen- of buitenland ons gidst langs zijn of haar favorieten.
‘Allemaal vervelend, maar het gaf me ook de kans even terug te kijken op mijn carrière, die zoals je weet in 2004 begon met wat voor velen het irritantste liedje uit de popgeschiedenis is. You’re Beautiful ja. Daarna maakte ik nog veel platen, die allemaal minder aanstootgevend waren en nog wel goed genoeg om over de hele wereld volle zalen te trekken. Midden in de pandemiejaren zou mijn platencontract stoppen en bracht ik mijn greatest hits-album uit:The Stars Beneath My Feet (2004-2021). Een mooier moment om helemaal te stoppen was er eigenlijk niet. Ik zou veel muziekliefhebbers een plezier doen: hoera, James Blunt houdt ermee op.’
Maar toen belde zijn platenmaatschappij met het verzoek of hij niet een paar albums bij wilde tekenen. ‘Dat vond ik toch bijzonder.’
Echt? Had de man die in vijftien jaar twintig miljoen albums verkocht werkelijk verwacht dat zijn platenmaatschappij hem zou laten vallen? Blunt houdt ervan critici voor te zijn, en neemt zichzelf zeker op sociale media bepaald niet serieus. Maar verbazing over een nieuw contract is niet erg geloofwaardig. ‘Je weet maar nooit, toch? Het is een rare business en ik was echt opgelucht. En ik zag het ook meteen als een nieuw begin. Of liever gezegd als de James Blunt-bonus. Alles wat ik na de pandemie zou doen, beschouwde ik als een extraatje. Dat gaf me een enorme innerlijke rust. Zoveel dat er nu niet alleen een nieuw album ligt, maar ik ook mijn eerste boek publiceer: Loosely Based on a Made-Up Story. Mijn verzonnen autobiografie, zeg maar.’
Hoezo, losjes gebaseerd op een verzonnen verhaal, is hij de interviewer voor. ‘Nou, ik wilde een vrolijke weergave van alle feiten in mijn leven geven. Het mocht niet te zwaar worden, maar ik wilde er ook geen mensen in beledigen. De meeste mensen die ik op mijn pad tegenkwam leven nog en ik heb liever niet dat ze allemaal naar de rechter gaan om me te vervolgen wegens smaad of het debiteren van onjuistheden.’
Het is moeilijk om Blunt serieus te nemen. Hij doet over van alles geheimzinnig. ‘Nee, ik ben geen 49 maar 39’, liegt hij bijvoorbeeld om onduidelijke redenen over zijn leeftijd. Maar in zijn autobiografie schrijft hij niet ongeestig over zijn jeugd in een posh familie en soms aangrijpend over de zes jaar dat hij als beroepsmilitair onder meer meedeed aan de vredesmissie in Kosovo. Meeslepend is ook zijn verhaal over hoe hij na als kapitein te zijn afgezwaaid zijn eerste schreden in de muziek zet en in 2005 meteen raak schiet met het sentimenteel-zoete, met ijle stem gezongen You’re Beautiful dat ook hier maandenlang niet van de radio te krijgen is.
‘Ik ben echt serieus bedreigd door mensen die het liedje niet trokken. Ik spot met mijn succes, maar ik lach die zieligerds ook uit. Ik bedoel, elk interview gaat er al jaren over hoe ik het vind dat zoveel mensen mijn liedjes niet mooi vinden. Nou, dude, de meeste mensen vinden het wél goed wat ik maak, anders zou ik geen twintig miljoen platen verkopen en niet in die grote zalen spelen die ik na al die jaren nog makkelijk vol krijg. Maar goed, luister maar naar mijn nieuwe album. Ik weet dat iedereen altijd zegt dat zijn laatste plaat de persoonlijkste is, maar in mijn geval is dat echt zo. Ik zing daar over zaken als verlies en dood die ik nooit eerder zo eerlijk kon benoemen. Daar ben ik trots op.’
‘Mijn ouders hadden drie cassettebandjes die ze veel draaiden. Eentje met de grootste hits van de Beach Boys, een Beatles-compilatie en op het derde stond het album American Pie van Don McLean. Het titelnummer was een van de eerste liedjes die ik leerde spelen. Maar in een la hadden ze nog een cassette verborgen met daarop het album Wish You Were Here van Pink Floyd. Die confisqueerde ik en draaide het grijs. Dat was ook de plaat waarmee ik zelf gitaar leerde spelen. Heel makkelijk eigenlijk, dat liedje Wish You Were Here, je hoort het niet voor niets altijd straatmuzikanten spelen. Het liefst was ik als jongen in een bandje gaan spelen om ook die andere nummers goed te vertolken, maar mijn vader was een hoge officier in het leger en we verhuisden veel. Lange vriendschappen had ik niet en voor muziek maken was ik ook op mezelf aangewezen. Voor een bandje heb je vrienden nodig, voor droevige liedjes op een akoestische gitaar niet.’
‘Over droevig gesproken. De treurigste stem die ik ken is die van Elliott Smith. Ik weet niet meer wie me tot zijn muziek introduceerde, het zal iemand in het leger zijn geweest. We wisselden veel muziek uit. Either/Or is echt zo’n plaat die me iedere keer weer tot tranen toe roert. Elliott Smith nam het leven net zo zwaar op als dat hij klinkt. Zijn dood in 2003 heeft me ontzettend geraakt. Het bizarre was dat ik toen met producer Tom Rothrock net aan mijn eerste album was begonnen. Ook Smith werkte met hem en wij gebruikten zijn drumkit. Tom was bij mij toen we hoorden dat Elliott dood was en ik zal nooit vergeten hoe intens zijn verdriet was. Zelf heb ik Elliott Smith helaas nooit mogen ontmoeten, maar zijn muziek betekent veel voor me.’
‘Ja, als het om muziek gaat weet ik wel wat te noemen hoor. Maar verder hebben je lezers niet veel aan me, ben ik bang. Films kijken doe ik niet, series evenmin. Kleding of mode interesseert me niet, maar dat heb je vast al aan me gezien. En snelle auto’s en dure horloges, daar geef ik mijn geld niet aan uit.
Lezen doe ik eigenlijk ook niet veel. Maar er is één boek dat ik lezers van je krant niet wil onthouden. Dat boek van die Rolling Stone, hoe heet-ie ook al weer. Keith Richards ja. Life heet het boek, nou geleefd heeft hij zeker, haha. Ik dacht dat ik in de muziekbusiness wel wat drugs voorbij heb zien komen, maar die bergen wit poeder die Keith naar binnen heeft gewerkt, kan geen normaal mens aan.
Hij is gelukkig ook niet normaal. Los van die drugsverhalen vertelt hij geweldig over muziek, zijn liefde voor de blues en zijn wisselende relatie met Mick Jagger. Ik denk weleens: wat een suffe zooi is die muziekwereld. Maar toen ik dit las, wist ik weer even dat muziek maken ook erg leuk kan zijn. De vrijheid, het reizen, de ontmoetingen, allemaal geweldig. Maar ik heb in al die jaren niet zoveel meegemaakt als Keith in een week.’
‘Ik kijk nauwelijks films of documentaires, maar ik hou wel van inkijkjes in de wereld waarin ik zelf zit. Die film over het wel en wee van een fictieve band, This Is Spinal Tap, is geweldig, maar ik ken er een die nog veel karikaturaler lijkt – hoewel alles dat erin wordt verteld echt is gebeurd. Ik heb het dan over die Bros-docu. Eind jaren tachtig waren de broertjes Goss, met hits als When Will I Be Famous, echt heel groot in Engeland. Het is typisch zo’n verhaal over twee talentvolle jongens die door de muziekindustrie worden opgepikt, opgegeten en weer uitgespuugd. Mensen worden in deze business echt beschadigd, de gevolgen zijn in deze docu te zien.’
‘Ik heb veel aan SXSW te danken. Ik speelde op dit showcasefestival in 2003 en was een nobody. Ik stond geprogrammeerd op het dak van een hotel en dacht: wat doe ik hier? Na mijn optreden kwam er een vrouw met allemaal tatoeages op haar armen naar me toe. Ze wilde me wel tekenen, voor heel veel geld. Ja, tuurlijk. Maar ik ben haar de volgende dag toch maar gaan opzoeken en de vrouw bleek Linda Perry te zijn, zangeres van de 4 Non Blondes. Ze was schatrijk en wilde een eigen label beginnen, ik zou de eerste plaat daarop mogen uitbrengen. Dat gebeurde ook. Dankzij haar ontmoette ik in Los Angeles actrice Carrie Fisher, die me meteen uitnodigde bij haar te komen wonen. Nog zo’n levensbepalende gebeurtenis.’
‘De eerste vraag die Carrie Fisher stelde, was hoe ik heette, de tweede wat ik deed en de derde: wil je bij mij komen wonen? Echt, wonderen gebeuren. Ik heb van eind 2003 tot haar tragische dood in 2016 een eigen huisje gehad op het immense landgoed dat de actrice met haar moeder Debbie Reynolds in Beverly Hills had. Ze was een warme vriendin voor me die me wegwijs maakte in dat grote, overrompelende Los Angeles. Het is mijn favoriete stad, vooral dankzij Carrie. Haar aan drugs en alcohol gerelateerde dood in 2016 kwam niet helemaal onverwacht maar overviel me toch. Ik had haar de avond ervoor in Londen nog uitgebreid gesproken. Ik wist niet goed om te gaan met dit verlies, maar het lukte me een paar jaar geleden toen ik in LA langs ons oude huis kwam ineens wél de juiste toon te vinden voor een nieuw liedje. Dat werd Dark Thought.’
‘Ik woon afwisselend in Londen, Zwitserland en Ibiza. Ibiza sprak me aan omdat ik goede herinneringen heb aan Cyprus waar ik als jongetje een paar jaar woonde. Ibiza lijkt er een beetje op, vind ik. Ik ben niet iemand die je associeert met lange nachten doorhalen op raves en dancefeesten, toch kom ik graag in een club als Pacha. Een van de dingen die me aan Ibiza goed bevalt is juist de clubcultuur waarin ik me een paar uur lekker anoniem kan bewegen.
Toen ik mijn komst meldde, riep Noel Gallagher meteen dat hij het eiland zou verlaten als ik er kwam wonen. Hij vertrok en de huizenprijzen schoten omhoog. Ik weet niet of het door mijn komst of zijn vertrek kwam.’
‘Van mij zul je geen tips over lekker eten of dure restaurants krijgen, gewoon omdat ik er niks om geef. Mijn dokter zegt dat ik wel een beetje moet opletten, want al die hamburgers breken me nog eens op. Maar goed, als ik dan toch een laatste maaltje mag kiezen, dan graag Spicy Buffalo Hot Wings, een hamburger gescoord bij de drive-through van een van die ketens die louter ongezond eten verkopen. Daar drink ik graag een Corona-biertje bij. Vooruit, ook een klein glaasje wijn durf ik wel aan. Echt, ik ben een junkfoodfan, dat krijg je er niet meer uit.’
‘Ik hou erg van het soort pub dat bij ons met uitsterven wordt bedreigd. Die met veertien soorten ale van de tap, houten toog, gammele krukjes en wankele tafeltjes. De ouderwetse ‘public houses’ waar pubs de naam vandaan hebben en waar onbekenden met elkaar in gesprek raken. Alleen muziek is ook in staat mensen met elkaar te verbinden zoals pubs dat kunnen.
Ik kocht deze pub, niet wetende waaraan ik begon. Ik hou van rommelig, maar dit was echt een zootje. De Fox & Unpleasant noemden we onze aankoop. Mijn vrouw en ik wilden alles zoveel mogelijk in de oude staat laten, maar het moest wel toonbaar worden. Een half jaar voor de pandemie waren we klaar. Geen handig moment om in te stappen, maar het loopt goed nu en ik ben er apetrots op. Tegen een goede, klassieke pub kan geen fancy wijnbar op.’
22 februari 1974 Als James Blount geboren in het Engelse Tidworth.
1996 - 2002 Beroepsmilitair, in 1999 betrokken bij de Navo-vredesmissie in Kosovo.
2004 Debuutalbum Back to Bedlam met de wereldhit You’re Beautiful.
2007 Tweede album All the Lost Souls bereikt in twaalf landen de eerste plaats.
2014 Trouwt met de van adel afkomstige Sofia Wellesley.
2021 Compilatie The Stars Between my Feet (2004-2021) met liedjes van zijn zes tot dan toe verschenen albums.
2023 Album Who we Used to Be.
2023 Boek Loosely Based on a Made-up Story.
2023 Documentaire James Blunt: One Brit Wonder.
2024 Treedt op 24 februari op in Afas Live, Amsterdam.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden