Als weerbericht en technologie meewerken, vertrekt donderdag een commerciële lander van het Amerikaanse bedrijf Intuitive Machines richting de maan. Bij succes wordt het bedrijf dan het eerste dat zonder kleerscheuren zo’n landing uitvoert. Tot nog toe zijn alle maanlandingen uitgevoerd door overheidsinstanties zoals de Amerikaanse Nasa.
Succes is verre van een gegeven. Grofweg de helft van de maanlandingen mislukt namelijk. En dat terwijl zulke missies nogal kostbaar zijn. Met de landing die Intuitive Machines in opdracht van Nasa uitvoert, is bijvoorbeeld zo’n 77 miljoen dollar (71,8 miljoen euro) gemoeid.
Alleen: waarom zou je überhaupt zo veel geld willen uitgeven aan een reisje naar wat, laten we eerlijk zijn, nu niet de meest inspirerende omgeving is? Op de maan tref je slechts uitgestrekte vlakten vol grijs stof en kraters, van waaraf een robotwagentje hooguit een opeenvolging van eentonige, bijna monochrome kiekjes naar de aarde kan zenden. Er is geen meanderend beekje, imposant oerwoud of toefje interessante architectuur te bekennen.
Het antwoord blijkt grofweg zo veelzijdig als de mens. Wetenschappers herkennen op de maan bijvoorbeeld een geologische schatkist, een reservoir van nog onontgonnen kennis over de geschiedenis van het zonnestelsel.
Ondernemers zien juist kansen voor winst. Niet alleen kun je op de maan stoffen delven zoals Helium-3, dat misschien een rol kan spelen bij kernfusie, maar er liggen wellicht ook mogelijkheden voor toekomstig toerisme.
Avonturiers zien in de maan onderwijl een bron van inspiratie en doorzettingsvermogen. Een variant op de top van de Mount Everest of de eerste missies naar Antarctica, zelfs wanneer je er alleen een robotwagentje neerzet. Juist dát het zo vaak mislukt, maakt het immers indrukwekkend wanneer je slaagt.
Een cynicus ziet in al die menselijke maandromen vermoedelijk vooral een afspiegeling van de oververhitte geopolitiek. Was het in het Apollo-tijdperk de Koude Oorlog die de maanmachine aanzwengelde, daar zijn het nu een prestigestrijd met China en de afkalvende superioriteit van de Verenigde Staten die dit potje technologisch armpjedrukken steeds verder opstoken.
Kijk echter met een meer romantische blik, en je herkent in de maan een plek waar slechts een handjevol mensen is geweest. Van de twaalf die op de maan liepen, zijn er nu nog maar vier in leven. Dat zijn de laatste vier mensen die een actieve herinneringen meedragen aan een andere wereld dan de onze. Als zij er straks niet meer zijn, sterft een deel van onze gedeelde geschiedenis. Reden genoeg, zou je zeggen, om nog eens te gaan.
Bovendien: die twaalf Apollo-astronauten waren allemaal witte, mannelijke Amerikanen. Vandaar dat bij de Artemis-missies die dit en volgend decennium mensen naar de maan moeten brengen, de eerste voetstappen gezet zullen worden door een vrouw en iemand van kleur. Uiteindelijk gaan naar verwachting ook niet-Amerikanen. Zodat die iconische voetafdrukken in het grijze gruis een steeds wat diverser publiek vertegenwoordigen.
Daar zullen zelfs cynici, avonturiers, ondernemers en wetenschappers hopelijk de meerwaarde van inzien.
Over de auteur
George van Hal is wetenschapsredacteur voor de Volkskrant. Hij schrijft over sterrenkunde, natuurkunde en ruimtevaart. Van Hal publiceerde boeken over alles van het heelal tot de kleinste bouwstenen van de werkelijkheid.