Uit 75 uur aan beeldmateriaal van chimpansees, orang-oetans, bonobo's en gorilla's, dat werd gemaakt in dierentuinen in het Amerikaanse San Diego en het Duitse Leipzig, haalden onderzoekers 142 voorbeelden van apen die soortgenoten plaagden. Dat werd vooral gedaan door jongere apen van drie tot vijf jaar oud.
De apen porden elkaar en renden dan weg, boden voorwerpen aan om die vervolgens weer weg te trekken, staken hun gezicht in die van andere apen en trokken aan plukjes haar. Ook kietelden ze elkaar, bungelden ze voorwerpen voor elkaars gezicht en trokken ze aan elkaars lichaamsdelen.
Porren was onder zowel jongere als volwassen apen de meest voorkomende vorm van plagen. Toch waren jonge apen wat baldadiger. Die sloegen en zwaaiden met lichaamsdelen naar soortgenoten, terwijl volwassen apen de voorkeur gaven aan kietelen.
"We hebben overeenkomsten gevonden met het plagen door menselijke baby's", zegt Isabelle Laumer van het Duitse Max Planck-instituut voor dierengedrag tegen The Guardian. "Als die hun moeder plagen, hebben ze de neiging om naar het gezicht van hun moeder te kijken voor een reactie. Dat zien we ook bij deze apen."
Menselijke baby's zijn vanaf de leeftijd van acht maanden al bezig met speels plagen, nog voordat ze woorden kunnen produceren. Wetenschappers denken dat dat kan helpen om sociale relaties te versterken.
Er is volgens Laumer nog meer onderzoek nodig om te begrijpen waarom apen elkaar plagen, maar het is volgens haar wel duidelijk dat onze nauwste verwanten laten zien dat plagen miljoenen jaren teruggaat.
Source: Nu.nl algemeen