De oer-Hollandse muziekzender TMF (1995-2011) roept veel nostalgie op onder millennials. Mediawetenschapper Jaap Kooijman onderzocht hoe de muziekfabriek gestaag op stoom kwam, maar uiteindelijk de strijd verloor van nieuwe media.
Een hele generatie groeide op met The Music Factory (TMF), de muziekzender die van 1995 tot 2011 op tv was. Millennials kwamen uit school, ploften neer op de bank en zapten naar het middagprogramma Toute Fabienne. Daarin interviewde vj Fabienne de Vries de popidolen van dat moment en las ze kijkersfaxen voor. Ook kon je bellen naar de Factory Phone om te stemmen op de Dag Top 5. En als je een beetje geluk had, verscheen je melige sms’je in beeld. De volgende dag besprak je met klasgenoten uitgebreid wat je had gezien, terwijl je in elkaars TMF-agenda krabbelde. De ultieme droom: vooraan staan bij de TMF Awards.
Jaap Kooijman (56) was zelf eind 20 toen TMF werd gelanceerd, dus hij bekijkt de jaren negentig en de daaraan verbonden nostalgie van millennials vooral door een academische bril. Kooijman is tegenwoordig mediawetenschapper aan de Universiteit van Amsterdam. Voor zijn net verschenen boek De muziekfabriek – TMF en de Nederlandse popcultuur dook hij diep in de media-archieven en bekeek veel oud beeldmateriaal.
Over de auteur
Haroon Ali is freelance journalist en columnist. Hij schrijft sinds 2010 voor de Volkskrant, voornamelijk over identiteit en de tijdgeest.
Hij interviewde bewust geen oud-makers. ‘Om de hele geschiedenis van TMF te beschrijven moet je zo’n 120 mensen spreken, en dan wordt het een heel ander, veel dikker boek. Ik wilde TMF als popcultureel fenomeen duiden.’ De zender was volgens hem een ‘absolute fake’, een verbeterde kopie van MTV. ‘Die term komt van de Italiaanse filosoof Umberto Eco. Om een absolute fake te creëren, moet de verbeterde kopie echter aanvoelen dan het origineel. TMF sloot beter aan bij de smaak van Nederlandse kijkers. Je zag clips van Nederlandse artiesten, de vj’s spraken Nederlands, en de reclames waren ook op Nederlandse jongeren gericht.’
Kooijman groeide zelf op met Adam Curry’s Countdown. ‘Maar dat zag je één keer per week. Fabienne de Vries zag je iedere dag, en TMF de héle dag. De vj’s kwamen dus veel dichter bij de kijkers, en ze waren een schakel tussen jongeren en de sterren.’ De eerste vier vrouwelijke vj’s – Fabienne de Vries, Sylvana Simons, Bridget Maasland en Isabelle Brinkman – werden zelf zó beroemd, dat ze als The Magnificent Four een hit scoorden met het nummer Get Close To You; een treffende titel. Ze moesten bij het jongerenevenement Megafestatie zelfs worden beschermd door bodyguards.
Maar mannen maakten de dienst uit bij TMF. En ze hadden achteraf gezien best een seksistische kijk op de vrouwelijke vj’s, die werden gereduceerd tot hun voornaam. ‘TMF-oprichter Lex Harding zei in 1998 in een interview dat de beste radio-dj’s meestal mannen zijn, maar dat vrouwen betere veejays zijn, aangezien vrouwelijke kijkers zich met hen kunnen identificeren alsof ze vriendinnen zijn, terwijl ze voor mannen aantrekkelijker zijn om naar te kijken. Plat gezegd waren vrouwen het uithangbord waarmee kijkers moesten worden verleid.’
TMF zond vooral vrolijke top-40-hits uit; het waren de hoogtijdagen van eurodance, boy- en girlbands. De zender maakte ook de Nederlandse subculturen gabber en hiphop mainstream. Maar die invloedrijke rol had een keerzijde. Na vijf jaar werd het succesvolle hiphopprogramma The Pitch van de buis gehaald. TMF stelde dat het ‘slachtoffer was geworden van zijn eigen populariteit’. Maar Kooijman schrijft dat presentatoren Glaze en Murth The Man-O-Script niet overtuigd waren door die uitleg. Zij voelden zich geen deel van de TMF-familie, die vooral eurodance pushte, omdat vj’s en muziekproducers Wessel van Diepen en Michael Pilarczyk daar een commercieel belang bij hadden.
Kooijman denkt dat kleur daar een rol bij speelde, en herhaalde dit bij de boekpresentatie in de Melkweg in Amsterdam. Daar waren veel oud-medewerkers en -presentatoren van TMF aanwezig, onder wie ook Anthony Haynes (Glaze), die na afloop reageerde. ‘Bepaalde krachten hebben The Pitch en zwarte muziek proberen te saboteren, vanwege de commerciële belangen bij een ander genre. Maar hiphop bleek niet te stoppen in Nederland en de rest van de wereld.’ Haynes was ontroerd door de liefde die hij bij de presentatie kreeg van de TMF-familie. Beter laat dan nooit.
Het eerste exemplaar van De muziekfabriek werd uitgereikt aan Sylvana Simons, die Kooijman persoonlijk kent. Zij spoorde hem aan om een boek te schrijven, na een wetenschappelijk paper over TMF. Simons deelde die avond positieve herinneringen, maar Kooijman haalt in zijn boek een pijnlijk citaat aan. Simons vertelde aan de Volkskrant dat de programmadirecteur bij haar afscheid zei: ‘Jammer dat je gaat, maar nu hoeven we tenminste niet meer die apenmuziek te draaien.’ Het dedain van de TMF-top jegens zwarte muziek zat destijds dus diep.
Er ontstond zelfs politieke ophef over hiphopteksten. Kooijman reconstrueert hoe toenmalig Kamerlid Jeroen Dijsselbloem in 2006 aan de bel trok, nadat hij twee rapporten had gelezen. Uit het ene jongerenonderzoek bleek dat Antilliaanse en Surinaamse meisjes relatief vaak naar TMF keken. Uit een ander rapport bleek dat tienerzwangerschappen vaker voorkomen bij deze groep. Dijsselbloem koppelde die zaken aan elkaar, en sprak zich vaker uit over de ‘effecten van muziekclips waarin dag en nacht ‘pimps’ op een walgelijke en respectloze manier ‘bitches’ als gebruiksvoorwerp behandelen’. Terwijl muziektelevisie slechts een beperkte rol speelt bij de seksualisering van jongeren, stelt Kooijman. ‘Die maatschappelijke en morele paniek over jongerencultuur is van alle tijden, vooral als het in muziek over seks en drugs gaat.’
TMF was een crossmediaal, allesomvattend en daardoor ook verslavend mediaplatform. Er werd geld verdiend aan sms’jes en belspelletjes. Je kon merchandise kopen. En de TMF Cybersite, waar je met een profiel (de TMF ID) kon chatten, was een soort sociaal netwerk, jaren voor Hyves en Facebook. Het doel was vooral om jonge consumenten op alle mogelijke manieren aan het merk TMF te binden. Was dat achteraf gezien wel verantwoord? ‘Commerciële cultuur gaat altijd gepaard met verleiding’, zegt Kooijman. ‘Zijn kijkers passieve slachtoffers, of nemen ze actief deel? Ik denk dat TMF-kijkers beide waren. Ze ontleenden er veel betekenis aan, maar hadden uiteindelijk een beperkte invloed op wat ze te zien kregen.’
Er was eerst maar een kleine groep die de chatboxen gebruikte, omdat weinig huishoudens internet hadden. Chatten deed je op de schoolcomputers, want dat kostte je ouders niets. Toen de internettoegang in rap tempo toenam, groeide de site naar 700 duizend leden, wat veel was voor die tijd. De chatboxen kwamen pas onder een vergrootglas te liggen toen MTV in 2002 TMF overnam en het echt als een interactieve zender ging promoten. Zij introduceerden ook TMF ID. Kooijman: ‘Toen maakten ouders zich ineens zorgen om technologie die ze niet begrepen, bang dat hun kinderen ten prooi zouden vallen aan kinderlokkers.’
MTV heeft TMF niet om zeep geholpen, benadrukt Kooijman in De muziekfabriek, ook al beweerden Lex Harding en Erik de Zwart van wel. ‘Ik erger me daar een beetje aan’, zegt Kooijman, ‘omdat je dan vergeet hoe snel het medialandschap veranderde. Na de overname door MTV is TMF nog een aantal jaar succesvol geweest. Maar met de komst van YouTube in 2005 werden clipzenders irrelevant, en nam bij jongeren de behoefte af om lineaire tv te kijken.’ Viacom speelde nog met het idee van TMF Digital, maar dat bleek de investering niet waard. Kooijman: ‘Als lineaire zender had TMF alleen kunnen overleven als ze hadden ingezet op reality-tv, zoals MTV deed, maar dan waren ze hun onderscheidende karakter verloren.’
Wie terugblikt op TMF, denkt vooral aan de begintijd en de eerste vj’s. Wat is de nalatenschap? ‘In de eerste jaren werd er echt gepionierd met analoge media. Het is het verhaal van een Nederlands zendertje dat de strijd aanging met het grote MTV – David tegen Goliat – tot ze gingen samenwerken. In de Nederlandse tv-geschiedenis gaat het vaak over Big Brother, als vernieuwende tv, maar TMF verdient meer dan een voetnoot. Daarom heb ik dit boek geschreven. Je moet popcultuur niet groter maken dan het is, maar ook niet kleiner. TMF was popcultuur in al zijn oppervlakkigheid, maar juist die oppervlakkigheid vind ik interessant.’
Bij de boekpresentatie van De muziekfabriek – TMF en de Nederlandse popcultuur overhandigde mediawetenschapper Jaap Kooijman het eerste exemplaar aan ex-vj en voormalig BIJ1-leider Sylvana Simons. ‘TMF maakt nog zoveel emoties los bij mensen’, vertelde Simons in de Melkweg. ‘In de Tweede Kamer werd ik geregeld onderbroken door een minister die zei: ‘Sorry, maar als ik naar jou kijk, zie ik alleen TMF.’’ Dat was Hugo de Jonge, verklapte ze aan het publiek. ‘Zou hij na middernacht naar Sylvana’s Soul hebben gekeken? Dat durfde ik niet te vragen, en Kamervragen stellen kan ik niet meer.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden