Wat een schitterend en imposant artikel over het overlijden van Dries van Agt. Als vicevoorzitter van de DSM-Concernondernemingsraad heb ik deze volstrekt unieke en onnavolgbare man mee mogen maken. Ik zal nooit zijn rede over het belang van medezeggenschap vergeten die hij als lid van de Raad van Commissarissen op een DSM-triparte overleg in Vaalsbroek heeft gehouden.
Terecht komt in het memoriam de eigenzinnigheid en zijn archaïsche uitspraken uitgebreid aan de orde. Drie uitspraken van hem zijn op dit moment nog steeds zeer actueel:
De Amerikaanse president (thans opnieuw kandidaat-president) is ‘kierewiet, de man braakt onzin uit’.
Benjamin Netanyahu ‘is een oorlogsmisdadiger die vervolgd moet worden door het Internationaal Strafhof'.
Wilders is ‘reactionair, xenofoob en al te militant'.
Tenslotte is nu helaas een vermaarde uitspraak van Van Agt werkelijkheid geworden: ‘Ik neem afscheid met een glimlach van verwondering die steeds is gebleven’.
Aad Besseling, Edam
Los van het nu volop bewierookte archaïsch taalgebruik van de net overleden Van Agt, blijft staan dat zijn kabinet met Wiegel een financiële ramp was voor Nederland, met een financieringstekort dat opliep tot tegen de 10 procent. Terwijl het voorgaande kabinet-Den Uyl het financieringstekort van het kabinet-Biesheuvel in vier jaar tijd had teruggebracht van 4,8 naar 4,3 procent.
Maar Van Agts bekommernis om de Palestijnen verdient hulde, dat wel.
Tom Stobbelaar, Monchique (Portugal)
De stelling ‘vroeger was alles beter’ hang ik zeker niet aan. Maar als je het niveau van sommige hedendaagse politici vergelijkt met dat van de immer geestige en erudiete Dries van Agt en de deze week herdachte rechtschapen en intelligente Els Borst, maak ik toch een uitzondering en slaak ik een diepe zucht.
Ineke Wennink, Bélaye (Frankrijk)
Met het fervent opkomen voor de Palestijnse zaak speelt Dries van Agt nog steeds een rol in het debat rond de Gaza oorlog en het hypocriete en schandalige Nederlandse regeringsstandpunt daarbij. Van Agt verdient echter nog een andere bijzondere erkenning.
Lang na zijn vertrek uit den Haag veranderde hij namelijk van inzicht met betrekking tot de Molukse zaak, en sprak hij tevens zijn spijt uit over onjuist en opportunistisch handelen bij de treinkaping in 1977. Toen had hij als minister van Justitie zonder dralen, en zelfs tegen de wil van toenmalig PvdA-premier Joop den Uyl, het leger buitenproportioneel dodelijk ingezet bij de bestrijding van z.g. ‘ terroristen’.
Hij was, op eigen humoristische wijze, niet wars van publiciteit toen hij stoer met een lange witte leren jas, helm en stofbril, in een Porsche 911 Carrera van de Rijkspolitie bij het crisiscentrum kwam aan scheuren. Het imago van vastberaden terroristenbestrijder leverde hem daarna zijn gehoopte verkiezingswinst en premierschap op.
Naast voor het opkomen voor de Palestijnse zaak verdient Van Agt daarom eveneens bijzondere aandacht en respect voor zijn spijt voor zijn rol in, en latere erkenning van, de Molukse zaak.
Fred van Sluijs-Awuy, Costa Rica
Bijzonder aan Dries van Agt was dat hij een aantal vriendschappen had met ogenschijnlijk politieke tegenpolen. Veel daarvan ontstonden na zijn actieve periode in de vaderlandse politiek. Maar met Hans Gruijters (D66) is hij sinds zijn middelbare schoolperiode op het Augustinianum in Eindhoven bevriend geweest. Van Agt (uit Geldrop) had voor een alfastudie gekozen en Gruijters (uit Helmond) koos voor een alfa- én bètastudie. Hans organiseerde toen al debatten over de rol van de katholieke kerk waarvoor, volgens Van Agt, in die tijd ‘niemand belangstelling toonde’ (….). Van Agt was lovend over Gruijters’ intellectuele overwicht.
Ze zaten samen in het kabinet-Den Uyl toen Gruijters de volgende uitspraak deed: ‘Als ik een confessioneel een hand heb gegeven, tel ik altijd mijn vingers na’. Van Agt genoot van Gruijters’ humor, maar kon dat niet openlijk etaleren. De twee bleven hun gehele leven bevriend en kwamen eens per half jaar samen in het Poortwachtershuisje te Nijmegen om een hapje te eten.
Van Agt was de enige die Gruijters ‘tolereerde’ om zijn afscheid als voorzitter van de Rijksplanologische Commissie luister bij te zetten. Ondergetekende bewaart daaraan de beste herinneringen en hield er een vriendschapsband met Dries van Agt aan over. Dat ik tegen hem als minister van Justitie had gedemonstreerd, vormde daarvoor geen enkel beletsel.
Rob Schoonman, oud-secretaris Rijksplanologische Commissie, Breda
Terecht schrijft Jaap Stam, in zijn terugblik op de politieke carrière van Dries van Agt, dat Van Agts verdiensten erg omstreden zijn. Volgens mij kreeg Van Agt dat − wat later in zijn politieke leven weliswaar − ook zelf wel in de gaten, getuige de vraag die hem naar eigen zeggen tot op zijn sterfbed kwelde: ‘Heb ik de kluit belazerd?’
Ik denk dat we die vraag met een volmondig ‘ja’ kunnen beantwoorden. Zijn uitermate grillige en querulante gedrag heeft een nefaste (echt een woord voor het archaïsche vocabulaire van Van Agt) uitwerking gehad op de kwaliteit van de Nederlandse samenleving. Denk alleen al aan het feit dat hij de weg heeft geopend voor het desastreuze neoliberale beleid waar we nog steeds de wrange vruchten van plukken. Zoals zo vaak, mogen de linkse partijen straks de rotzooi weer opruimen van dit soort non-valeurs. En dan wel nog even profiteren van de mogelijkheden voor euthanasie − verworvenheden waar vooral andere partijen dan het CDA voor gevochten hebben.
Harry van de Goor, Rosmalen
Het nieuws over het overlijden van Dries van Agt (en zijn echtgenote) brengt mij ruim 40 jaar terug in de tijd. Het is herfst 1983, ik ben 28 en heb mijn eerste ‘echte’ baan in het Noord-Brabantse cultuurleven. Mijn vader, Bossche historicus en katholiek notabel, is gevraagd toe te treden tot De Ridders van het Heilig Graf van Jeruzalem, een pauselijke orde waarvan de geschiedenis teruggaat tot de Eerste Kruistocht van 1099. In de Nederlandse tak van deze Ridders zitten katholieke hoogwaardigheidsbekleders: rechters, oud-politici, geestelijken.
Mijn lieve en ijdele vader is ontzettend trots, hij heeft drie plaatsen voor de inwijdingsceremonie in de Sint Janskathedraal en het galadiner daarna; voor hem, mijn moeder en voor een van zijn kinderen. Hij vraagt of ik, zijn oudste en naamgenoot, meega naar deze dag, maar ik vraag hem vol verbazing waarom hij eigenlijk bij deze Ridders wil gaan − zo geheimzinnig, zo conservatief en zo chique. Als ik merk hoe verguld hij is met deze benoeming, stop ik, zijn linksige oudste zoon, met het stellen van lastige vragen.
Maar in mijn agenda zie ik dat op de dag van de inwijdingsceremonie de grote anti-kernwapendemonstratie in Amsterdam is, dus: ‘Sorry papa, ik ga het niet redden’. Mijn ouders leggen uit hoe belangrijk het voor hen is dat ik erbij ben. Dat imponeert en ontroert me wel een beetje, dus ik stem toe.
Die middag in de Sint Janskathedraal lopen de Ridders en de nieuwelingen, in stemmig zwart met daaroverheen de witte mantel met het rode kruisvaarders-kruis, door het middenpad van de kerk onder gedaver van het orgel naar het altaar. Ik herken bisschoppen, twee oud-ministers, oud-journalisten, en in hun midden mijn stralend trotse vadertje. Achteraan loopt Commissaris der Koningin en oud-premier Dries van Agt, klaarblijkelijk al jarenlang Ridder. Ik ben wel degelijk onder de indruk, maar dwaal soms af naar Amsterdam waar veel van mijn vrienden, samen met een half miljoen andere betogers, met spandoeken en spreekkoren marcheren naar het Museumplein.
In de avond zit ik aan het galadiner. Aan een van de tien lange tafels met genodigden, tegenover mij, zit een oudere priester in een klassieke zwarte toog met wit boordje. De tafel krijgt mee dat ik de zoon van de nieuwe Ridder ben. ‘Ook aan u de felicitaties met uw vader, wat een eer', krijg ik te horen.
Dan neemt Ridder Dries van Agt plaats achter het katheder en begint een speech: geestig, serieus, welbespraakt, maar tegen het eind begint hij over de anti-kernwapendemonstratie van die middag, Op badinerende toon laat hij weten dat de demonstranten niet alleen naïef zijn, maar ook een speelbal van het internationale communisme. Klaterend applaus, maar ik zit aan mijn tafel te sissen van irritatie.
Nadat iedereen weer is gaan zitten roept mijn boze gezicht vragen op. De priester tegenover mij zegt tegen ons tafelgezelschap: ‘Onze jonge vriend lijkt niet erg happy met de woorden van Commissaris Van Agt’. Ik heb er ineens mijn buik vol van, sta op en verlaat het gezelschap.
Op maandag word ik gebeld door het Provinciehuis: ‘De heer Van Agt heeft vernomen dat u aanstoot heeft genomen aan zijn speech en hij zou u graag uitnodigen op zijn kamer om het er te over hebben'.
Een paar dagen later zit ik in diens werkkamer tegenover Van Agt, met koffie en koekjes in een zitje onder een groot wandkleed. Mondje getuit, vingertoppen tegen elkaar aan: Van Agt luistert 100 procent naar mijn verhaal. Ik vertel hem dat ik het in al zijn katholieke praal een imposante dag vond. Maar ook hoe onnodig en tendentieus ik het vond dat hij in zijn speech besloot eens flink te sneren naar de anti-kernwapendemonstranten. En dat ik daar godbetert eigenlijk zelf had willen lopen.
Dries van Agt laat me goed uitrazen, complimenteert me met mijn openhartigheid en zegt dat hij dat niet had moeten doen, dat het eigenlijk zinloos was. Hij had zijn neiging moeten beheersen om dit hooggeplaatste katholieke gezelschap hiermee te vermaken. En bij het stevig handen schudden ter afscheid, krijg ik ook nog zijn persoonlijke excuses.
Sinds die gebeurtenis heb ik de handelingen, de onnavolgbare uitspraken en de vreemde fratsen van van Agt altijd bezien door de gekleurde bril van deze bijzondere ervaring.
Louis Pirenne, Haarlem
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden