Home

Waarom monogame relaties juist voor millennials helemaal geen slecht idee zijn

Dit ten eerste, over open relaties: ik vind ze fantastisch. Sinds zo’n beetje de helft van mijn vriendenkring hun relatie het afgelopen jaar ‘opende’, zijn alle sociale afspraken een stuk vermakelijker. Moest ik voorheen nog vooral aanhoren hoe weinig er werd gesekst en hoe vaak gepoept met de deur open, inmiddels ontaardt elke borrel al snel in een opgewonden opsommen van extravagante buitenechtelijke dates en daaruit voortgekomen pornografische ervaringen.

Niet langer kijken de mensen met decennialange verkering naar mensen als ik – een van de relationele brokkenpiloten binnen mijn sociale omgeving – om op de proppen te komen met seksverhalen die hun gebrek aan romantisch entertainment moeten compenseren. In plaats daarvan kunnen ze zelf niet wachten om in superlatieven hun ervaringen te delen. Meestal hoef je er niet eens naar te vissen: ze staan al klaar met een geopende Feeld-app, om verschillende expliciete handelingen te verbinden aan bepaalde profielfoto’s.

Dit ten tweede over open relaties: de open relatie is een hoax. Het is een door twintigers, dertigers en veertigers omarmde afleidingsmanoeuvre om hun eigenlijke problemen met het leven te maskeren. Het is een manier om de lastige kanten van monogamie te omzeilen – niet zozeer uit lust of avontuurlijkheid, veel meer omdat monogamie de millennial confronteert met zijn eigen egocentrisme, en de onhoudbaarheid daarvan. Terwijl de eerste openrelatietherapeuten hun deuren openen, zou een monogame relatie voor veel millennials een ideale vorm van gratis therapie zijn. Ware het niet dat de meesten in die therapievorm weinig zin hebben.

Hoe je het ook wendt of keert: een lange monogame relatie gaat gepaard met het vervliegen van verliefdheid. Na een jaar of drie is de oxytocine wel uitgewerkt en moet je vooral jezelf weer weten te overtuigen dat je de moeite waard bent, in plaats van daarvoor de partner aan te kijken. Om niet over te hoeven gaan tot deze vorm van werken aan jezelf, beginnen millennials schrikachtig om zich heen te kijken als dit moment zich aandient: wie kan mij nu nog bevestigen van het idee dat ik speciaal ben? Met wie kan ik op date nu mijn partner elke avond in een joggingbroek op de bank ligt? In plaats van accepteren dat een duurzame relatie niet altijd overkookt van de geilheid, en dat lange verkering een vorm van gezamenlijk werken vereist, gaan millennials de straat op voor een nieuw shot oxytocine en het bijbehorende zelfvertrouwen. Of beter gezegd: ze gaan een app op – veel meer moeite doen ze liever niet om een ander te ontmoeten.

Je kunt ze dit gedrag niet echt aanrekenen: millennials zijn opgegroeid uit een zeer bewust gewilde golf baby’s geboren na massale omarming van anticonceptie en zijn daarmee echte keuzekinderen. Ze werden grootgebracht in kleine gezinnen en hebben van hun ouders niets anders gehoord dan dat ze het best mogelijke leven verdienen. Waar dat ooit resulteerde in het rotsvaste geloof dat ook jij een plaats verdiende in Kinderen voor Kinderen, resulteert dat nu in de opmars van open relaties.

De open relatie past perfect bij de generatie van wie de ouders na een ruzie op het schoolplein verhaal gingen halen bij de andere kinderen, in plaats van hun eigen kroost te bevragen over diens gedrag. Bij de generatie van wie de ouders nog eerder de leraar aangaven bij de politie dan accepteren dat hun kind niet geschikt was voor havo/vwo. Bij de generatie die ervan overtuigd is recht te hebben op zoveel mogelijk plezier en geluk. Blijkt het leven een fractie minder plezierig en gelukkig dan verwacht? Dan moet de omgeving zich aanpassen, want aan jouzelf kan die teleurstelling onmogelijk liggen.

De open relatie past perfect bij de generatie bij wie de mogelijkheid niet lijkt op te komen dat ze gewoon maar een gemiddeld mens zijn, met een gemiddelde levensloop en een gemiddelde verkering. Dat die levensloop en verkering nou eenmaal soms saai zijn, en niet alle dagen doorspekt van verrassing, romantiek en bloedgeile seks.

De open relatie past ook perfect bij de generatie die niet lijkt in te zien dat voorspelbaarheid en saaiheid – relationeel gezien, maar eigenlijk in elk departement van het leven – in wezen iets is om extreem dankbaar voor te zijn, in plaats van iets om je zorgen over te maken. ‘De open relatie is een statussymbool’, kopte Het Parool onlangs. Dat klopt, in die zin dat mensen met een open relatie kennelijk niet inzien hoe geprivilegieerd ze zijn in hun welvarende verveling. Wat een voorrecht het is om elke avond op de bank te kunnen zitten met een stabiele, voorspelbare partner. De tijd en mentale ruimte te hebben om je aan die situatie te ergeren.

Tegelijk zijn mensen met open relaties ook niet bereid dat privilege in de waagschaal te leggen, en hun economische en maatschappelijke voorsprong te riskeren in een samenleving ingericht op stellen en gezinnen. De ‘vrijheid’ binnen de open verkering is daarom doorgaans een totaal gecontroleerde vorm van controleverlies, vormgegeven met een spreadsheet aan regels en afspraken waar de gemiddelde scrummaster van onder de indruk zou zijn. Hoe vaak mag je de openheid benutten, alleen in het weekend of ook doordeweeks? Met wie mag er consensueel worden schuinsgemarcheerd – alleen met volslagen vreemden of ook met kennissen? In het laatste geval, wanneer geldt iemand als te bekend? Hoe ver mag je gaan als het spannend wordt – alleen zoenen, een beetje voelen, of gewoon alles? De hele bende? Hoeveel moet er na de daad worden gedeeld: moet je alles vertellen, de grote lijnen, of volstaat te melden dat er iets is gebeurd? Hoe past eventuele jaloezie binnen het protocol: mag de partner daar schijt aan hebben binnen de parttime ieder-voor-zich-mentaliteit? Of moeten beiden te allen tijde het mentale welzijn van de ander vooropstellen?

Deze gedeelde lijst met regels wordt doorgaans aan de lopende band aangepast en geüpdatet – vaak naar aanleiding van gedrag dat niet helemaal past binnen de eerdere jurisprudentie, en daarom leidt tot het zoveelste, eindeloze keukentafelgesprek.

Hoewel de open relatie doorgaans wordt geframed als een vorm van laisser-faire – de ander lekker zijn gang laten gaan, want dat gun je elkaar – zijn de meeste juist een vergaande vorm van controle. In zekere zin zou je kunnen zeggen dat een monogame relatie minder controleerbaar is: als je partner dan een keer uit eten is geweest zonder jou, hoeft die doorgaans niet de volgende ochtend te vertellen of er nog interessante mensen aanwezig waren en of er misschien hier en daar nog is geknipoogd.

Een monogame relatie drijft op wederzijds vertrouwen – je kiest voor elkaar en gaat er vervolgens van uit dat de ander zijn best zal doen jou niet te verneuken. Veel open relaties draaien daarentegen om een vergaande onderlinge transparantie die elke vorm van mysterie verdringt. In plaats van te aanvaarden dat de ander je mogelijkerwijs kan kwetsen, opteren openrelatieklanten voor wederzijdse totaalcontrole onder het mom van elkaar vrijlaten. Dat iemand die elke buitenechtelijke vorm van opwinding aan de partner moet rapporteren toch een niet bepaald autonoom leven leidt, doet ondertussen niet ter zake.

Monogame commitment behelst acceptatie van een bepaalde koers, en daarmee de nodige zelfverzekerdheid – je kunt niet je ego alsmaar laten boosten door bevestiging van derden. Monogamie confronteert je dan ook meer dan welke andere relatievorm ook met jezelf, je eigen gedrag en het effect daarvan op anderen. Door alles ‘open te gooien’ en het comfort van een partner te combineren met therapeutisch verantwoord en moreel dichtgetimmerd rondneuken en zomaar wat daten voor de lol, lopen millennials vooral weg voor die confrontatie.

Ondertussen zou een monogame relatie juist voor millennials vermoedelijk helemaal geen slecht idee zijn – juist omdat je daarmee in een situatie terechtkomt die niet alleen om jouw eigen welzijn draait, maar ook om dat van de ander. Omdat je je daarmee committeert aan een langetermijnvisie die niet alleen jouw eigen succes en geluk als uitkomst heeft. En ja, misschien gebeurt er dan per ongeluk weleens iets buiten de deur. En ja, dan heb je daarna spijt. Schuldgevoel heeft een functie: het zorgt ervoor dat je rekening houdt met je omgeving. Vermoedelijk is dat de reden dat millennials deze emotie zo hartstochtelijk proberen te ontwijken. In essentie willen we nog steeds liever geen sorry zeggen op het schoolplein.

Precies op dezelfde manier lijkt de moderne open relatie alles in het werk te stellen om gevoelens van jaloezie te omzeilen. Jaloezie draait in essentie om de angst iemand te verliezen: het confronteert je met je eigen afhankelijkheid, vandaar dat het zo verstikkend is. Het is een nederige emotie – door jaloezie ervaar je hoezeer je anderen nodig hebt. Vandaar dat millennials er zo weinig zin in hebben: kwetsbaarheid past niet bij hun zelfverkozen onafhankelijke imago. Liever dan erkennen dat hun levensgeluk in elk geval deels afhangt van hun partner, plannen ze bij opkomende jaloezie snel een buitenechtelijke date in om dat gevoel mee te overstemmen.

Een tijdje geleden vroeg ik me af waarom alle jonge mannen in mijn buurt – Amsterdam-Noord – van de ene op de andere dag een snor gingen dragen. Een beetje onderzoek leerde dat mannen zich hetzelfde gedragen als guppy’s. Als de meeste mannetjesguppy’s rood zijn, zijn het de oranje exeplaren die zich het vaakst voortplanten – die vallen op, en zijn daardoor aantrekkelijker voor vrouwtjes. Binnen de kortste keren is de meerderheid van de guppy’s oranje. In afwachting van een nieuwe concurrerende kleur.

Gezichtshaarmode volgt hetzelfde primaire principe: als alle mannen zich gladscheren, gaan sommigen een baard laten staan om op te vallen. Als de baard eenmaal gemeengoed is, volgt de snor. Inmiddels struikel je tijdens het uitgaan over de stalinistische gezichten. Het zal niet lang duren voor de eerste snordragers hun gezichtshaar helemaal afscheren, in een poging zich opnieuw van hun omgeving te onderscheiden.

Mijn verwachting is dat de open relatie dezelfde cyclus zal doormaken. Nu apps als Feeld in razend tempo inburgeren en de eerste BN’ers publiekelijk over hun open relatie vertellen, zal de zelfbewuste millennial binnenkort een nieuwe manier moeten zoeken om zijn leven uitzonderlijker te maken dan dat van anderen. Op verschillende websites over liefde en seksualiteit wordt al gespeculeerd over de terugkeer van monogamie: te midden van de overvloed aan seksuele escapades wordt de gesloten relatie met één partner gezien als het nieuwe toppunt van kinky. Verveeld door alle mogelijkheden en halfslachtige connecties, krijg je als vanzelf weer zin in een situatie waarin er wel iets op het spel staat en je aandachtsspanne meer wordt uitgedaagd. Tureluurs door alle verschillende regels, ga je weer verlangen naar één gebod.

Vermoedelijk hoor ik over een jaar of twee op borrels weer vooral over een gebrek aan seks en poepen met de deur open. Maar dan van mensen die vooral trots zijn op zoveel monogame burgerlijkheid. Nog meer dan aan ‘vrijheid’ en aan ‘openheid’ hebben millennials uiteindelijk behoefte aan het gevoel dat ze bijzonder zijn.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Antwoord op al uw vragen

Updates, wijzigingen en klachten

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next