Home

NU+ De wedergeboorte van Richard Krajicek: 'Socializen paste niet bij mij'

In de bar van Rotterdam Ahoy laat Richard Krajicek röntgenfoto's op zijn telefoon zien na zijn zoveelste knieoperatie. Blessures zijn het noodlot van de familie Krajicek, vertelde zijn halfzus Michaëlla al eerder. De onderlinge score van operaties is 11-8 in het voordeel van Richard. Maar vorige zomer vreesde de Wimbledon-kampioen van 1996 even dat hij nooit meer zou kunnen tennissen.

"Ik speelde met oud-prof Fernon Wibier en ik zette rustig af om een dropshot te halen, want sprinten doe ik niet meer", vertelt Krajicek aan NU.nl. "Ik hoorde wat in mijn knie, lag op de grond en voelde een bizarre pijn. Ik zakte finaal door mijn been, mijn pees onder de knieschijf bleek te zijn afgescheurd. Ik dacht: dit was het dan met tennis."

Skiën met een brace als extra bescherming bleek na enkele maanden revalideren alweer mogelijk. Krajicek: "Daarna ging ik toch met een vriend een potje tennissen. Het zag er niet uit, ik sloeg een balletje over het net. Na veertig minuten zat ik op een bankje en werd ik emotioneel. Het raakte me meer dan ik dacht dat ik toch weer kon tennissen. Ik besefte opnieuw hoe diep de tennissport in mij zit."

Vorige week werd Krajicek (52) teruggevoerd naar zijn succesvolle - geregeld door blessureleed overschaduwde - carrière als speler, toen hij hoorde dat zijn vroegere manager Peter Lawler is overleden. "Ik was Peter uit het oog verloren, zijn dood stemde me verdrietig."

"Je had managers die bij alle toernooien aanwezig waren. Was niks voor mij. Ik zei gekscherend tegen hem: als je overal komt waar ik speel, ben je ontslagen. Waarop hij met zijn typische, droge humor antwoordde: 'Als je dat van me vraagt, ben ik weg. No way dat ik in je box zit, Krajicek.' Peter is ook de manager van John McEnroe en Andre Agassi geweest. Mijn coach Rohan Goetzke en Peter hebben me naar de Wimbledon-titel geloodst."

"Peter vervulde een cruciale rol op de achtergrond, hij regelde goede contracten voor me en ik hield van zijn persoonlijkheid. Een luidruchtige manager, daar had ik me niet prettig bij gevoeld. Rohan was ook een introverte man. Niemand in mijn team stond op de voorgrond. Het paste bij mijn persoonlijkheid."

Twaalf jaar bleef Krajicek trouw aan Goetzke. Hij wisselde ook niet van manager. "Je kunt een andere coach aantrekken voor een nieuwe impuls, maar uiteindelijk gaat het om mij. Ik vond dat ik de goede mensen om me heen had. Als de resultaten minder waren, was ik het probleem. Niet zij. Rohan was voor mij de perfecte coach."

In april is hij alweer dertig jaar bij zijn grote liefde Daphne Deckers. In juli zijn ze 25 jaar getrouwd. "Net als bij Rohan voelde ik bij Daphne na onze eerste ontmoeting: zij is het voor mij en dat is ze nog steeds."

Bij de 51e editie van het ABN AMRO Open, dat maandag begint, is Krajicek 21 jaar directeur en boegbeeld van het tennistoernooi in Rotterdam Ahoy. "Ik zit hier al zolang, omdat ABN en Ahoy me graag willen als directeur. Het is voor mij nog altijd de mooiste baan in het tennis die ik me na mijn carrière kon wensen."

"Het is bovendien geen fulltime job. Anders was het nu na mijn vijftigste wel tijd geweest voor iets anders. Maar ik heb naast deze functie kunnen coachen en reizen. Ik hoop dat ik hier tot mijn pensioen mag blijven werken."

En glimlachend: "Ik hou niet zo van veranderingen."

Krajicek is de vijftig gepasseerd, de grootste veranderingen heeft hij innerlijk moeten ondergaan. Op het toernooi in Rotterdam beleefde hij een dubbele wedergeboorte, eerst de overgang van de in zichzelf gekeerde tennisser die het thuispubliek vaak als een extra tegenstander beschouwde naar de bejubelde kampioen in 1995 en 1997.

Je hebt jezelf opnieuw moeten leren uitvinden.

"Ik heb het spelen voor Nederlands publiek als een barrière ervaren. De toernooien in Rotterdam en Rosmalen hebben me enorm geholpen. Ik werd de eerste jaren uitgefloten na nederlagen in Ahoy, na mijn vier toernooizeges in Nederland werd ik toegejuicht. Ik revalideerde eind 1993 enkele maanden op Papendal na een blessure, ik heb die tijd ook benut voor reflectie."

"Ik ergerde me al als ik mensen op de tribunes hoorde zuchten nadat ik een bal had gemist. Later realiseerde ik me dat fans dat vooral doen als ze betrokken zijn. Ze leefden soms ook in negatieve zin mee, omdat ze me wilden zien winnen."

"Ze waren er om mij te helpen. Al in 1994 won ik in de Davis Cup tegen Amerika voor tienduizend supporters op de Mullerpier in Rotterdam van Wimbledon-kampioen Pete Sampras. Dat jaar won ik ook het toernooi in Rosmalen, een jaar later voor het eerst in Ahoy."

En met de hem typerende zelfspot: "Ik weet niet of de toeschouwers mijn naam scandeerden, maar het was absoluut een doorbraak."

Nog geen jaar na je afscheid als speler in Rosmalen debuteerde je in 2004 als directeur in Ahoy. Het maatpak knelde aanvankelijk?

"Ik was net gestopt als speler. Ik trainde in 2004 nog met enkele deelnemers van het toernooi. Ik werd gerespecteerd als oud-prof. Ze zagen me nog als één van hen. Als ik me had moeten bezighouden met de opbouw van het stadion of de ticketverkoop, had ik een stoomcursus moeten volgen."

"Het ging vooral om die andere kant van mijn nieuwe baan, ik moest leren socializen. En dat paste ook niet echt in mijn karakter. Ik moest ook die kant van mijn persoonlijkheid ontwikkelen. Als speler gaf ik zelden interviews. Ik wilde tennissen en de rest vond ik bijzaak. Maar als directeur ging het om het toernooi en niet om mij. Die knop met de media heb ik snel omgezet."

"Rondlopen in het vip-dorp en een praatje maken, vond ik moeilijk. Het was mijn verlegenheid en onzekerheid. De twintigjarige Richard had Rohan Goetzke nodig als coach en een vaderfiguur om volwassen te worden. Daarna heb ik mede door mijn vrouw Daphne een volgende transitie doorgemaakt. Ik ben de afgelopen twintig jaar een ander mens geworden."

Op de dag van het gesprek in Rotterdam zegt Krajicek nog een bijzondere gebeurtenis te vieren. Hij is dan precies 47 jaar Nederlander, als zoon van Tsjechische ouders. "Ze hadden het me wel verteld, maar ik heb het vorig jaar pas uitgezocht bij de gemeente."

Zijn ouders waren kort na de Russische inval in 1968 uit het toenmalige Tsjecho-Slowakije gevlucht, in 1971 werd Richard geboren in Rotterdam. "Ik was de eerste jaar vijf jaar van mijn leven Tsjech met een vluchtelingenstatus. We golden officieel als asielzoekers."

"Ik heb vorig jaar tijdens een gala van mijn stichting verteld hoe je als kind kansen kunt grijpen. Voor mij was dat Nederlandse paspoort achteraf bepalend, maar ik wilde het toch even checken. Sinds 2 februari 1977 ben ik officieel Nederlander, het was de eerste grote verandering in mijn leven."

"Ik heb nooit discriminatie ervaren, maar ik besef hoe gevoelig de positie van vluchtelingen is. Mijn oudere halfzus Lenka is een keer uitgescholden voor gastarbeider, zoals het destijds werd genoemd. Kwam ze overstuur thuis. Toch voelt 2 februari voor mij nu een beetje als een verjaardag."

Zijn vader woont met zijn tweede vrouw Pavlina in Tsjechië. De harmonie in de familie is allang hersteld. "Ik spreek de taal, ik bezoek mijn vader een paar keer per jaar en ik heb ook een goede band met mijn halfbroer die in Tsjechië woont."

Het was ooit anders. Vrouw Daphne hielp Richard in 2005 niet alleen bij het schrijven van zijn biografie Harde Ballen, waarin hij zijn turbulente jeugd beschrijft. Ze bracht eerder al vader en zoon bij elkaar, toen Petr Krajicek zich met de NRC onder zijn arm bij het huis van Richard in Muiderberg meldde.

Richard had in een interview met die krant aangekondigd dat hij na zijn carrière de breuk met zijn vader wilde herstellen. Hij aarzelde toen Petr plotseling voor de deur stond. Daphne liet hem meteen binnen. Het lag gevoelig, want Richard had de strenge opleiding van zijn vader als verstikkend ervaren.

Na de scheiding van zijn ouders had hij Petr Krajicek jarenlang gemeden. Zijn vader zag op televisie hoe Richard in 1996 Wimbledon won. "Ik heb een aparte jeugd gehad", zegt Krajicek als understatement.

Met Lenka, de halfzus van Richard uit het eerste huwelijk van zijn moeder Ludmilla, heeft hij nog altijd een bijzondere band. "Ze heeft het van dichtbij meegemaakt en gezien. Waar ik te veel aandacht kreeg, had zij die vaak te weinig."

De emmer liep over op het gebied van tennis, zegt Krajicek. "Heel soms hadden we even contact. Zei mijn vader weer iets over mijn tennis, dan trok ik het niet. Zag ik hem weer een jaar niet." En glimlachend: "We hebben het nu nog steeds niet over mijn tennis."

Toch roemt Krajicek zijn ouders. "Uiteindelijk ben ik ze dankbaar voor hun steun. Mijn vader was hard en moeilijk als het om tennis ging, mijn moeder was zachter. Zij ving me op als mijn vader weer eens too much was. Kon ik bij haar uithuilen."

Je hield afstand van de tenniscarrière van je zoon Alec, omdat je niet dezelfde fouten wilde maken als je vader. Een breuk met je zoon wilde je absoluut voorkomen.

"Zeker, het is zijn carrière. Ik hielp hem wel om de juiste mensen te vinden. Alec heeft jarenlang gewerkt met bondstrainer Eddy Bank en sinds eind vorig jaar met oud-prof Igor Sijsling. Ik zie dat ook die samenwerking goed verloopt. Mijn vader vond mijn coach Goetzke niet hard genoeg voor mij. Sterker nog, zijn statement was: je moet je coach haten. Dan is hij goed."

"Rohan was juist een coach die zich inleefde in zijn spelers en ze op een slimme manier zijn kant op kreeg. Het voelde als een onzichtbare hand in mijn rug. Ik zat er niet op te wachten dat mijn vader kritiek had op mijn coach. Dus zeg ik natuurlijk niks over de coach van mijn zoon. Ik heb Alec altijd vrij gelaten in zijn keuzes. Hij wordt 24 jaar in mei en woont nog thuis, maar gaat volstrekt zijn eigen gang."

"De laatste twee jaar heeft hij me vaker gevraagd om mee te reizen naar toernooien. Helaas heeft hij net als ik vroeger met blessures gesukkeld. Alec lijkt nóg kwetsbaarder dan ik. Nu moet hij revalideren van hielspoor. Sinds begin december staat hij aan de kant. Vorige zomer ging het juist de goede kant op met hem. Hij heeft echt het spel om iets te bereiken. Zolang Alec wil vechten voor zijn carrière, steun ik hem."

Het is je droom om hem in Ahoy te zien spelen?

"Vorig jaar had Alec van de tennisbond al een wildcard gekregen voor de kwalificaties, maar moest hij vanwege een blessure afzeggen. Ik laat altijd een plek invullen door de KNLTB. Het was pijnlijk voor Alec dat het vorig jaar niet lukte. Ik zou hem in principe ook zelf een wildcard kunnen geven, maar dat doe ik bewust niet."

"Alec is nog steeds gemotiveerd. Hij trainde in Ahoy al met topspelers als Andy Murray en Félix Auger-Aliassime. Natuurlijk is de cirkel rond als ik mijn zoon ook in Ahoy zie tennissen. Maar Alec moet zijn eigen dromen realiseren, niet die van mij."

Maak binnen 1 minuut een gratis account aan en krijg toegang tot extra artikelen.

Gelieve een geldig e-mailadres in te geven.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next