De boerenacties in Europa maken duidelijk hoeveel weerstand natuurwetten oproepen, maar de onderliggende problemen móéten worden opgelost.
Tractoren en mest zijn machtige wapens. Na boerenacties in heel Europa haalde Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, een streep door een voorstel om het pesticidengebruik in 2030 te halveren. De angst voor politiek verlies woog zwaarder dan het verlies van biodiversiteit door bestrijdingsmiddelen.
Omdat het Europees Parlement tegen het voorstel had gestemd, had Von der Leyens actie vooral een symbolisch karakter, als geste naar de boeren. Toch is het een veeg teken. In het kader van de Green Deal staan de komende periode veel natuurwetten op stapel. De boerenacties laten zien hoeveel weerstand deze wetten oproepen als economische belangen worden getroffen, en hoe snel politici bereid zijn om concessies te doen aan groepen die effectief druk weten uit te oefenen.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Europees commissaris Wopke Hoekstra liet zich andermaal kennen als een ongeloofwaardig politicus. Vorig jaar ontpopte hij zich opeens tot voorvechter voor klimaat en milieu om zijn benoeming door het Europees Parlement te krijgen. Maar nu zweeg hij over de landbouw bij de presentatie van zijn plan om de uitstoot van broeikasgassen in 2040 met 90 procent te verminderen (ten opzichte van 1990), hoewel hij heel goed weet dat de boeren een bijdrage zullen moeten leveren.
Von der Leyen en Hoekstra behoren tot de Europese christendemocraten, die zich vlak voor de Europese verkiezingen in een netelige positie bevinden. Als zij geen afstand nemen van de Green Deal lopen zij het risico de stem van het platteland te verliezen. De boeren vormen een kleine groep, maar sympathiserende burgers dreigen over te lopen naar radicaal-rechts, dat de boeren als nieuwe volkshelden heeft geadopteerd. Maar als de christendemocraten de boeren te veel tegemoetkomen, legitimeren zij het verzet van radicaal-rechts tegen klimaat- en natuurwetten, waardoor radicaal-rechts ook kan winnen.
Door de wankele positie van centrumrechts dreigt de Green Deal verder in gevaar te komen. De landbouwlobby weet hiervan te profiteren. Deze politieke constellatie mag het zicht op de hoofdzaak niet ontnemen. In het belang van het klimaat, de natuur en de volksgezondheid moet de landbouw duurzamer worden. Uiteindelijk hebben ook de boeren hier baat bij. Bij ongewijzigd beleid zal de bodem verarmen en een tekort aan water ontstaan.
Vanuit dit perspectief is het Europese landbouwbeleid een mislukking. Brussel keert miljarden aan subsidies uit – eenderde van de EU-begroting – en zadelt boeren op met administratieve verplichtingen die veel kwaad bloed zetten, zonder dat de landbouw wezenlijk duurzamer wordt. Nodig is een landbouwbeleid dat boeren een fatsoenlijk bestaan geeft, maar ook bijdraagt aan de Europese doelstellingen op het gebied van klimaat en natuur. Die zijn immers vastgelegd in wetten en internationale overeenkomsten. Door politiek opportune concessies aan de boeren verdwijnen de onderliggende problemen niet. Hoe meer tijd verloren gaat, hoe drastischer in de toekomst moet worden ingegrepen.
Source: Volkskrant