Home

Een regering met Wilders en Omtzigt lijkt er niet te komen, maar wat dan wel?

Pieter Omtzigt hintte er al voor de verkiezingen op en bleef er ook vlak daarna vaak over speculeren: hij is best bereid een kabinet op hoofdlijnen te steunen, maar liefst vanuit de Kamer, zonder er zelf aan deel te nemen met bewindslieden. Hij ziet het als deel van zijn plan om de tegenmacht van de Tweede Kamer tegenover een kabinet te versterken: een kabinet dat niet automatisch kan terugvallen op meerderheden, zal immers meer rekening moeten houden met kritiek vanuit de Kamer.

Nu Omtzigt niets zegt te zien in deelname, komt de minderheidsoptie zeker opnieuw op tafel. De vraag is vooral of PVV, VVD en BBB het aandurven. Als Omtzigt een kabinet slechts op hoofdlijnen steunt, kan hij op veel terreinen ook zaken doen met de oppositie in de Kamer. Een kabinet kan zich dagelijks geconfronteerd zien met wensen van Kamermeerderheden die tegen het kabinetsbeleid indruisen. Ministers lopen voortdurend het risico dat een Kamermeerderheid het vertrouwen in hen opzegt. Voor ervaren bestuurders, die er waarschijnlijk een goede baan voor moeten opzeggen, is dat geen aantrekkelijk perspectief.

Ook deze optie werd dinsdagavond weer door Omtzigt genoemd. Over wat een extraparlementair kabinet precies inhoudt, verschillen de meningen. In grote lijnen komt het erop neer dat de Kamer een formateur aanwijst die vervolgens een kabinet om zich heen verzamelt van bewindslieden die geen banden hoeven te hebben met een politieke partij maar bijvoorbeeld wel zeer deskundig zijn op hun beleidsterrein. Een Kamermeerderheid kan zo’n kabinet de opdracht geven het land te besturen en vervolgens alle wetsvoorstellen apart te beoordelen. Zo’n kabinet zou dus kunnen regeren met wisselende Kamermeerderheden.

Ook die constructie zou in Omtzigts ogen de kritische tegenmacht van de Kamer versterken. Bij andere partijen overheerst de scepsis, omdat Nederland er geen enkele ervaring mee heeft. Het zou een groot politiek experiment worden. Veel van de praktische politieke bezwaren tegen een minderheidskabinet gelden ook voor deze constructie.

De verkiezingsuitslag sloeg op 22 november zo overtuigend uit naar rechts dat niemand het er toen over wilde hebben, maar er is ook nog een andere optie voor een meerderheidskabinet. VVD, NSC, D66 en GroenLinks-PvdA hebben samen 78 zetels in de Tweede Kamer. Programmatisch staan deze partijen niet verder uit elkaar dan de vier partijen die de afgelopen twee maanden een formatiepoging deden. Op financieel en sociaal-economisch terrein zijn de verschillen zelfs kleiner.

De verschillen zijn echter wel groot als het aankomt op het immigratiebeleid, hét thema van de laatste weken van de verkiezingscampagne. De VVD blies het vorige kabinet op uit onvrede over het vastlopende immigratiebeleid, waar een partij als D66 principieel anders over denkt. Dat geldt zeker ook voor GroenLinks-PvdA, hoewel vrijwel alle partijen in het afgelopen jaar wel zijn opgeschoven richting een strengere koers.

Tot nu toe maakte VVD-leider Yesilgöz echter steeds duidelijk dat regeren met de PVV voor haar weliswaar ingewikkeld is, maar dat een kabinet met linkse partijen écht geen optie is. Haar kiezers willen het in meerderheid ook niet, blijkt uit alle verkiezingsonderzoeken. Nu toch toch weer aan zo'n avontuur beginnen, zou voor de VVD de hele strategie van het afgelopen jaar in één keer tot een mislukking maken. De kans dat Yesilgöz daaraan begint, is dus bijzonder klein.

Omtzigt had dinsdagavond veel woorden nodig om – opnieuw – zijn bezwaren tegen deelname aan een rechts kabinet onder de aandacht te brengen. In het begin van de formatie ging het vooral om de omgang van de PVV met de rechtsstaat, inmiddels heeft hij vooral zorgen over het financieel beleid.

De goede verstaander merkte echter ook dat hij de deur niet helemaal dichtsloeg. ‘Op dit moment willen we niet’, zei hij desgevraagd. Tegelijkertijd zegt hij de conclusies van informateur Ronald Plasterk nog te willen afwachten. Ook zal hij benieuwd zijn hoe zijn achterban in de komende dagen op deze stap reageert.

De kans is bij voorbaat niet groot, maar het zou toch niet de eerste keer zijn dat een mislukte formatiepoging na enige tijd toch weer wordt hervat. Het verstrijken van de tijd en de omstandigheden kunnen alles in de politiek opeens weer anders maken. Beroemd is de formatie van 1994, toen de VVD van Frits Bolkestein eerst uit de onderhandelingen met PvdA en D66 stapte, maar enige tijd later toch weer aanschoof nadat informateur Wim Kok een concept-regeerakkoord had geschreven. Het eerste kabinet-Kok stond niet lang daarna op het bordes.

Dat is altijd een optie. Maar wie gaat het de kiezers vertellen? En wie durft het aan, wetende dat de kiezers tegenwoordig zo snel van voorkeur veranderen dat niemand de garantie heeft dat de behaalde zetelwinst van 22 november niet omslaat in een dramatisch verlies? Of in een nóg groter verlies dan toen al werd geïncasseerd?

Ook is het verre van zeker dat nieuwe verkiezingen een uitslag opleveren waarmee wél een kabinet kan worden gevormd. Er zullen dan ook eerst nog wel wat andere opties worden verkend voordat een Kamermeerderheid over een nieuwe verkiezingsdatum durft te beginnen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Antwoord op al uw vragen

Updates, wijzigingen en klachten

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next