Home

Afgedwongen solidariteit is geen solidariteit. Maar bescherm kinderen tegen pesten en buitensluiten

Nee, het is niet wéér Paarse Vrijdag. Die dag hadden we twee maanden geleden, en de volgende is pas op 13 december. Na die laatste Paarse Vrijdag stelde Chris Stoffer, SGP-fractievoorzitter in de Tweede Kamer, er Kamervragen over. Afgelopen week beantwoordde demissionair minister van Onderwijs Robbert Dijkgraaf die vragen, waardoor de discussie weer oplaait.

Het is de dag waarop je, door paarse kleren te dragen, uitdrukt dat je solidair bent met lhbti’ers, of dat je vindt dat iedereen zichzelf mag zijn. Daar kun je toch moeilijk tegen zijn, lijkt me, net als tegen de wereldvrede. Dat blijkt anders te liggen. Elk jaar doen meer scholen mee aan Paarse Vrijdag en komen leerlingen in paarse truien naar school. Telkens leidt de dag tot protesten; zowel uit de ‘antiwoke’- als uit de conservatief-christelijke hoek klinkt steevast verontwaardigd geloei: dit gedachtengoed wordt kinderen opgedrongen!

Stoffer haalt forse argumenten uit de kast. Ook hij spreekt van ‘onveiligheid’. Daarmee schiet je altijd raak, bij welk standpunt dan ook. Wie wil nou dat mensen, laat staan kinderen, zich onveilig voelen? Dus schermt Stoffer met leerlingen die niet op school durven komen zonder paarse trui, die groepsdruk ervaren en verantwoording moeten afleggen. Ook zouden er ‘voorstellingen en beelden’ zijn vertoond die ‘door leerlingen en ouders als confronterend zijn ervaren’. Zedeloze beelden in de klas, oei!

Over de auteur
Aleid Truijens is schrijver en recensent en columnist voor de Volkskrant. Ze schreef romans en biografieën over F.B. Hotz en Hella Haase. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit.

Minister Dijkgraaf antwoordde dat scholen niet verplicht zijn tot deelname aan Paarse Vrijdag en dat ze zelf kiezen hoe ze meedoen, met welk lesmateriaal. Niemand wordt verplicht om op school te komen in paarse kleren. Daar heeft hij gelijk in. Ook wees hij terecht op de wettelijke zorgplicht voor een veilig schoolklimaat en de verplichting leerlingen te leren respectvol om te gaan met (seksuele) diversiteit. Zijn antwoord zal Stoffer en andere critici niet hebben bevredigd.

Zelf droeg ik op 8 december geen paarse trui – ik héb niet eens een paarse trui – en dat niet uit protest. Ik sta op alle dagen van het jaar principieel achter de vrijheid van elke lhbti’er, maar doe nooit mee aan Dagen. Niet aan Moederdag, niet aan de Dag van de Verbroedering, of de Biddag voor gewas. Vrijwel elke dag is een Dag. Zoals de Dag van de Frikandel, van de Peulvrucht, van de Betaalde Liefde en, mijn hemel, de Dag van het Huwelijk. Afgedwongen, geïnstitutionaliseerde solidariteit is geen solidariteit. Het is wel lekker makkelijk: je staat onmiskenbaar aan de goede kant, zonder iets te hoeven doen.

Waar we wel iets aan moeten doen is – inderdaad, Stoffer – het gevoel van onveiligheid van leerlingen. Aan de constante dreiging te worden buitengesloten of gepest. Omdat je homo bent, of dik, of arm, van kleur, of van het verkeerde geloof. Omdat je ouders je thuishouden op Paarse Vrijdag. Volgens de Veiligheidsmonitor (2022) worden lhbti-leerlingen niet minder uitgescholden dan in 2018. Dat is afschuwelijk. Leerlingen beschermen tegen pesterijen is moeilijk; toch moet het.

De gelijkwaardigheid van alle mensen en de vrijheid te zijn wie je wilt, moet ín het lesprogramma zitten, alle dagen. Niet alleen bij lessen burgerschap, ook bij geschiedenis, economie en literatuur. Dat heeft meer effect dan één Paarse Vrijdag per jaar. De Onderwijsinspectie mag best een tandje bijzetten bij het uitbannen van discriminerende teksten over gender, ras, geloof of seksuele voorkeur in schoolboeken, lespakketten of de schoolgids. Misschien krijgen we een minister van Onderwijs die ‘de Nederlander op 1’ wil zetten. Ook dan blijft het onderwijs gebonden aan artikel 1 van de grondwet. Goddank.

Source: Volkskrant

Previous

Next