Mathieu van der Poel werd zondag voor de zesde keer wereldkampioen veldrijden. Bij de start lag hij meteen op kop en minder dan een uur later had hij gewonnen en kon hij op de streep nog even zijn fiets overdwars zetten voor de reclamefoto. Dat is allemaal superknap. Mathieu is meester van de modder, de beste crosser aller tijden, de ongenaakbare kampioen, de prins der veldrijders.
Tot zover de lof, nu de kanttekeningen. Het WK was oersaai en de meest voorspelbare koers in de lange geschiedenis van het veldrijden. Vooraf ging het er vooral over wie tweede zou worden; als elke sportwedstrijd dezelfde spanningsboog zou hebben kunnen we er een punt achter zetten. Sport zonder competitie is niks en suprematie is maar heel even leuk.
Over de auteur
Bert Wagendorp is voormalig sportverslaggever van de Volkskrant, oprichter van wielertijdschrift De Muur en auteur van wielerroman Ventoux. Hij schrijft wekelijks een sportcolumn. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
.
Ik vind veldrijden toch al een dubieuze discipline. Het heeft iets geforceerds om op je racefiets door de smurrie te ploeteren, een gladde trap op te klauteren met een fiets op je nek over opzettelijk op het parcours geplaatste planken te moeten springen. Dat is geen sport, dat is een belediging voor de uitvinder van het fietspad. Veldrijden doe je op je paard.
Natuurlijk kun je er heel goed in worden – je kunt het zo gek niet bedenken of je kunt er heel goed in worden en zelfs wereldkampioen. Maar dat wil niet zeggen dat het ook een serieus te nemen sport is. Niet alles waar je van gaat zweten is sport. Sport kan ook heel goed vermomde krankzinnigheid zijn.
De enige twee die Van der Poel misschien nog iets van tegenstand hadden kunnen bieden, Tom Pidcock en Wout van Aert, hadden geen zin om mee te doen. Ze vonden het komende wegseizoen belangrijker dan de WK veldrijden en ze hadden geen zin te worden vernederd door Mathieu. Goedbeschouwd is zoiets de faillietverklaring van je sportdiscipline. Als een WK je grootste talenten niet interesseert, is het voorbij. Van der Poel leidde zondag de rouwstoet.
Het veldrijden is een Vlaamse fietsdiscipline met deelname van een paar verdwaalde Nederlanders en Tsjechen. Dat de Nederlanders dominant zijn geworden is te danken aan het feit dat in België op Van Aert na alleen renners van de tweede garnituur zich aan het crossen wagen, de rest traint in Spanje voor de lenteklassiekers.
Het niveau van het publiek bij de voornamelijk in Vlaanderen gereden wedstrijden houdt ook niet over. Van der Poel krijgt regelmatig glazen bier naar zijn hoofd. Is het bier op dan wordt hij getrakteerd op urinedouches of een vette fluim. Daar begint hij wel een beetje genoeg van te krijgen.
Dat er mongolen langs de kant staan te schreeuwen wil niet zeggen dat je naar sport zit te kijken – maar soms ook weer wel. ‘Binnen vijftig jaar spreken we hier nog over,’ zei Paul Herygers op de VRT; maar waarover we over vijftig jaar zullen spreken is even onzeker als waarover we tegen die tijd zullen zwijgen.
Van der Poel zei dat zijn enige motivatie om door te gaan met crossen de verbetering van het record van Eric de Vlaeminck is (zeven wereldtitels). Laten we hem nu alvast de wereldtitels van 2025 en 2026 toekennen, dan kan hij ermee ophouden.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden