Home

Opinie: Raad voor Cultuur bewijst de cultuursector geen goede dienst

Eind januari presenteerde de Raad voor Cultuur zijn advies over hoe meer mensen in Nederland toegang kunnen krijgen tot een rijk cultureel leven. Die vraag was de raad gesteld door toenmalig staatssecretaris voor Cultuur Gunay Uslu. Het antwoord van de raad is meer geld voor cultuur in de regio en voor de op dit moment ongesubsidieerde cultuur. Het jaarlijkse cultuurbudget van het rijk moet daarvoor met 200 miljoen euro worden verhoogd. Ook wil de raad alle middelen van de rijksoverheid die nu door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en door een vijftal Rijkscultuurfondsen worden verdeeld, onderbrengen in één fonds.

Het advies van de raad kreeg een enthousiast onthaal. Dat bevreemdt niet, want de raad heeft goed geluisterd naar alle wensen van de cultuursector. En alle wensen worden betaald met extra geld, moeilijke keuzes worden vermeden en niemand lijdt pijn. Maar schetst dit advies dan wel een realistisch scenario? Komt dat extra geld er wel? Of is het meer een staaltje naïef wensdenken van een raad die weliswaar de wensen van de cultuursector scherp op het netvlies heeft, maar slechtziend is als het gaat om het inschatten van wat er binnen de huidige maatschappelijke en politieke verhoudingen mogelijk is?

Over de auteur
Sander Bersee was van 2014 tot 2019 directeur Erfgoed en Kunsten bij het ministerie van OCW. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Het voorstel van de raad voor meer middelen voor de regio en voor andere dan de traditioneel gesubsidieerde cultuurvormen, maakt een behoorlijke kans te worden aangenomen: het sluit naadloos aan bij de voorliefde van met name de rechtsere partijen voor de zogenoemde regionale ‘volkscultuur’. Een voorliefde die in hun ogen door de bewindspersonen die het afgelopen decennium in Den Haag de culturele lakens uitdeelden, allen van PvdA- en D66-huize, nooit erg serieus is genomen.

Maar de verwachting dat er voor cultuur per jaar 200 miljoen euro extra beschikbaar wordt gesteld, is van elke realiteitszin gespeend. Dat zou namelijk de grootste investering in cultuur zijn ooit door een kabinet gedaan. De raad zegt daarover dat hij onafhankelijk van alles en iedereen adviseert. Prima, maar een advies dat niet aansluit bij de politieke en maatschappelijke realiteit is op zijn best irrelevant en op zijn slechtst gevaarlijk. Een veel realistischer toekomstscenario is een herverdeling binnen het huidige en wellicht zelfs een kleiner cultuurbudget, waarbij meer geld gaat naar de regio en de volkscultuur en minder naar de culturele instellingen in de Randstad. Wat zo’n scenario zou betekenen voor onze cultuur van nationaal belang dat overwegend wordt geboden door randstedelijke instellingen, laat zich raden.

De keuzes over naar welke instellingen de subsidiegelden van het Rijk gaan, moet volgens de raad in handen komen van één groot fonds waarin alle cultuurmiddelen van het Rijk worden samengebracht. Dit is om meerdere redenen een bedenkelijk voorstel. In de eerste plaats wordt het in financieel moeilijkere tijden of voor een weinig cultuur-minnend kabinet heel makkelijk om zonder veel weerstand op cultuur te bezuinigen. Het valt namelijk op het moment van bezuinigen buiten het zicht waar dit precies pijn gaat doen. Die pijn wordt pas naderhand zichtbaar als er instellingen gaan omvallen, waarvoor dan gemakkelijk de schuld bij het fonds kan worden gelegd.

En wat is overigens precies de legitimatie van zo’n fonds om zelfstandig te kunnen beslissen over hoe het culturele aanbod in Nederland eruit komt te zien? Zijn niet met name beslissingen over het al dan niet subsidiëren van een culturele instelling van nationaal belang zo belangrijk voor de samenleving, dat zij onderwerp moeten zijn van democratische besluitvorming en van debat tussen een verantwoordelijk bewindspersoon en de volksvertegenwoordiging?

Een advies dat enkel uitvoerbaar is met extra geld en dat alle ruimte geeft aan een toekomstig kabinet om selectief te winkelen, is zorgwekkend. Wat dreigt is een scenario waarin alle cultuurmiddelen in handen komen van één fonds, bij zo’n operatie gebruikelijke efficiencykorting wordt toegepast en het fonds als opdracht meekrijgt om meer geld naar de regio en naar volkscultuur te sluizen. Op de schade van zo’n herverdeling voor onze randstedelijke topinstellingen, wier voortbestaan voor álle Nederlanders van belang is, ook voor die in de regio, is de politiek vervolgens niet meer aanspreekbaar.

Het is navrant te bedenken dat de cultuursector heeft staan klappen voor een advies van de Raad van Cultuur dat de elementen voor een dergelijk scenario op een presenteerblaadje aanreikt.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Antwoord op al uw vragen

Updates, wijzigingen en klachten

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next