Mona Keijzer heeft gehoord dat je in West-Oekraïne kunt skiën. Ze zegt er tijdens het asieldebat duidelijk bij dat ze niet weet of daar op dit moment inderdaad geskied wordt. Of de voorzitter daar wel notie van wil nemen, dat ze dat niet weet. Voor je het weet, schrijven ze weer dat Mona Keijzer mensen wil terugsturen naar Oekraïne omdat er daar geskied kan worden. Ze noemt het alleen maar, dat skigebied in West-Oekraïne, ze bedoelt er verder niks mee. Ze had er een bericht over zien langskomen, dat was alles.
Dat skigebied, zat ze nog wel bij zichzelf te denken, was net zo ver van het front verwijderd als de Alpen van Nederland. Er waren toch wel plekken te vinden waar soms geen bommen vielen? De situatie in het westen was ‘naar haar smaak’ redelijk stabiel. Code oranje, niet rood – haar geopolitieke intuïtie liet haar zelden in de steek. Een beetje veilig was veilig genoeg.
En het was een groot land, Oekraïne. Nederland, zei ze, paste er wel negen of tien keer in. Volendam paste er zelfs 51 duizend keer in, zo groot was het. 51.230 keer om precies te zijn. Echt een groot land.
Ze vond het moeilijk om over te beginnen, over het terugsturen van die mensen, want de humanitaire kant van het verhaal greep haar natuurlijk erg aan en de BBB steunde Oekraïne in de strijd tegen de Russische agressor, maar al die Oekraïners hier, dat moest toch ook bespreekbaar gemaakt worden. Velen hadden intussen werk en leerden de taal, dat was allemaal heel mooi, maar er waren er ook bij die nog altijd gratis huisvesting en zorg kregen, en dat was tegen het zere been van onze eigen hardwerkende mensen. Onze twintigers wilden ook wel zo’n fraaie flexwoning zoals die nu naar Oekraïners gingen. Wist de voorzitter dat misschien, of er flexwoningen naar Oekraïners gingen? Want als dat zo was, dan konden we dat aan onze eigen mensen toch niet verkopen.
We zagen toch wel hoe ze met dit probleem worstelde? Hoe doorvoeld haar medeleven met Oekraïense vluchtelingen was? Maar we moesten deze discussie kunnen voeren. Want met al die grote landen om ons heen, als daar op een dag de pleuris uitbrak, kwamen er nog véél meer ontheemden deze kant op, en wat moesten we dan?
Je probeerde het te begrijpen, wat Mona Keijzer hier bedoelde. Rommelde het aan de Frans-Duitse grens? Poolse ulanen aan de Oder-Neissegrens? Nou, dat niet zozeer, het was meer een dreiging in de verre toekomst. Het kón gebeuren, en dan zaten wij hier met de gebakken peren. Dus konden we maar beter voorbereid zijn door nu alvast Oekraïners terug te sturen naar veilige skigebieden, voor als straks het volgende gewapende conflict uitbrak. Zo schiepen we alvast ruimte voor de gevolgen van conflicten die vooralsnog uitsluitend in haar verbeelding bestonden.
Naast haar keek Tweede Kamerlid Julian Bushoff soms met grote ogen opzij. Net in de Kamer, haartjes mooi in de scheiding, blos op de wangen en klaar om zijn land te dienen, kreeg je dit. Het orakel van de Zuiderzee, met haar maffe visioenen. Hij probeerde zich te concentreren op zijn pen en rekende toen op zijn telefoon na of Volendam inderdaad 51.230 keer in Oekraïne paste. Verloren in het ijle geklep van zijn buurvrouw vouwde hij tenslotte de handen en verzonk in wanhopig gebed, zulks terwijl hij in het geheel niet kerkelijk was. Vader, vergeef haar, want dat mens weet niet wat ze zegt.
Over de auteur
Tommy Wieringa is schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.