‘Oei, dat voelt meteen alsof ik tussen mijn moeder en vader moet kiezen. Dat is bijna onmogelijk. Ik zou het een niet zonder het ander willen doen. Tijdens het maken van een documentaire kan ik me helemaal vastbijten in een thema waar ik op dat moment mee bezig ben, dat is fijn.
‘Maar van documentaires kun je niet leven. Bovendien is het maakproces ontzettend intensief, want je trekt constant zelf de kar: je moet praten met de producent, subsidie regelen en een omroep vinden die de documentaire wil uitzenden. En dan is de film nog niet eens gemaakt. Daar heb je een lange adem voor nodig. Aan de ene kant is dat leuk en uitdagend. Zo’n project voelt echt als mijn kindje. Maar aan de andere kant lig ik er nachtenlang wakker van. Ik trek het gewoon niet om constant zo te leven.
‘Als ik als presentator meewerk aan een nieuw programma, kan ik daar ook weleens wakker van liggen. Maar uiteindelijk voer je uit wat iemand anders voor je bedacht heeft. Als ik bezig ben met een documentaire, voelt een televisieopname daarom echt als een rustmoment. Dat geldt al helemaal voor opnamen van KRO-NCRV’s Keuringsdienst van waarde, waaraan ik al vijftien jaar meewerk. Daar kan ik even uitblazen, dat voelt als thuiskomen.
‘Als ik nu een keuze moet maken, zou ik daarom presentator zeggen. Maar alleen omdat ik het fijn vind om op dit punt in mijn leven onderdeel te zijn van een team. Het is nu lekker om gewoon op een rijdende trein te kunnen springen, niet in mijn eentje de kar te hoeven trekken. Dat komt wel weer.’
‘Persoonlijk. Ik probeer in mijn documentaires een persoonlijk verhaal te vertellen zonder dat het privé wordt. Daar zit een subtiel verschil tussen. Een verhaal dat te privé is, zal volstrekt oninteressant zijn voor anderen. Een persoonlijk verhaal kan daarentegen een universeel verhaal vertellen en dus iedereen raken.
‘Mijn documentaires gaan bijna altijd over onderwerpen die mij zelf hevig bezighouden. Opvallend vaak is dat de dood. Mijn eindexamenfilm Pappa is weg en ik wilde nog wat vragen ging bijvoorbeeld over de dood van mijn vader. En mijn laatste film, Overgave, gaat over mijn vriendin Annemarie, die gediagnosticeerd werd met kanker en daar uiteindelijk aan overleed. Ik erfde haar hardloopkleren, en in de documentaire zie je me trainen voor de marathon van Berlijn.
‘Vooropgesteld: Annemarie was een ontzettend interessante vrouw, een mooi personage, dus natuurlijk was zij een film waard. Maar tijdens het maken vroeg ik me soms wel af waarom ik zulke persoonlijke films maak. Wat halen anderen eruit? Maar ik weet ook dat er altijd miljoenen mensen aan het rouwen zijn. De dood overkomt ons allemaal. Dus misschien kan ik via mijn verhaal anderen helpen of steunen.
‘Toen Overgave uiteindelijk werd uitgezonden, kreeg ik gelukkig veel mooie reacties van mensen die iets aan de film hebben gehad. Dat stelde me gerust: blijkbaar vertelde Overgave inderdaad een groter verhaal zonder dat ik mezelf daarbij te veel op de voorgrond plaatste.
‘Maar het blijft een verschrikkelijk lastige zoektocht om die balans te vinden. Toen mijn producent de eerste versie van Overgave zag, vond ze die helemaal niet goed. Ze vond dat mijn eigen verdriet een veel te grote rol had, waardoor de film haar niet raakte. Soms heb je een paar extra ogen nodig om dat in te zien.’
‘Toen ik begon met het filmen van Overgave had ik niets met hardlopen, maar ik ben het erg gaan waarderen. Ik heb drie weken na de marathon van Berlijn zelfs nog een halve marathon gelopen. Jammer genoeg kreeg ik daarna een knieblessure, waardoor ik nu noodgedwongen ‘naar de sportschool’ moet zeggen. Ik ben namelijk veel te fanatiek om drie keer per week maar 5 kilometer te lopen. Dus nu heb ik me volledig op krachttraining gestort.
‘Ik heb van mezelf een vrij sombere inborst, maar na het sporten voel ik me altijd beter. Daar is een logische, fysieke verklaring voor: je lichaam maakt tijdens het bewegen stoffen aan waardoor je je vrolijk gaat voelen. Dat werkt gewoon, zo simpel is het. Door genoeg te sporten kan ik elke drukke agenda aan en tegelijkertijd een vrolijke moeder zijn.’
‘Jeetje. Keuringsdienst van waarde zit echt in mijn dna. Maar na één seizoen ligt Factcheckers me al bijna even na aan het hart. De opnamen waarin Joep van Deudekom, Tim Senders en ik vreemde experimenten doen waren echt leuk, hoewel ik soms dingen moest ondergaan die behoorlijk smerig waren. Maar uit loyaliteit moet ik toch voor de Keuringsdienst kiezen.
‘Ik word daar ontzettend verwend. Een voorbeeld: mijn lievelingsgebakje is de tompouce. Maar dan wel een goede, van de bakker. Mijn absolute favoriet koop je bij Patisserie Holtkamp in Amsterdam. En deze week mag ik voor de Keuringsdienst gewoon zelf tompouces maken, bij Holtkamp! Daar verheug ik me al weken op. En een week later vlieg ik naar Italië om te kijken hoe ze daar pasta maken. Het is gewoon een fantastische baan, maar ik moet ook andere dingen blijven doen, zoals Factcheckers. Anders zou ik gek worden, want ik heb afwisseling nodig.’
‘Ah, daar gaan de komende twee afleveringen van dit seizoen van Keuringsdienst van waarde over. Toevallig zijn dit allebei uitzonderlijk goede afleveringen, met interessante ontdekkingen. Mijn favoriete afleveringen gaan trouwens sowieso over producten die iedereen regelmatig gebruikt: brood, melk, olijfolie, honing.
‘Mijn voorkeur gaat uit naar de aflevering over olijfolie, omdat ik erachter kwam dat ik dat product zelf ook al jaren verkeerd gebruik. In de supermarkt verkopen ze namelijk allerlei soorten olijfolie, van milde tot traditionele, voor bakken en voor koude bereidingen. Maar veel van die varianten, behalve extra vierge, zouden ze in Italië lampenolie noemen. Die soorten olijfolie zijn namelijk volledig geraffineerd, en daardoor volstrekt geur- en smakeloos: er zitten geen stoffen meer in die olijfolie lekker en gezond maken.’
‘Interviewen. Daar ben ik dol op. Het is het heerlijkste wat er is. Ik kom tijdens interviews in een soort hyperfocus. Dan vergeet ik de tijd en voel ik geen temperatuur. Ik ben alleen maar aan het luisteren en aan het nadenken over een vervolgvraag. Natuurlijk is elk interview anders, maar je bent altijd ergens naar op zoek.
‘Voor KRO-NCRV’s onderzoeksprogramma Pointer moest ik bijvoorbeeld de directeur van de Nederlandse Aardolie Maatschappij interviewen, maar ook de moeder van een gehandicapt kind. Bij zo’n moeder is het vooral belangrijk dat ze zich veilig voelt. Mensen zitten meestal in een uitzending van Pointer omdat ze een probleem hebben, maar tijdens het interview doen ze in eerste instantie vaak alsof er niets aan de hand is. Dan moet je ervoor zorgen dat iemand zich toch kwetsbaar opstelt. Gelukkig voelen mensen zich meestal snel bij mij op hun gemak, dat helpt. Dat is deels oefening, maar je moet het ook een beetje in je hebben.
‘Die eigenschap kon ik trouwens ook in mijn voordeel gebruiken bij bestuurders en fabrieksdirecteuren. Ik ben inmiddels wat ouder, maar ik heb gemerkt dat ik vroeger, als meisje, nogal onderschat werd door dit soort mannen. Ze voelden zich wel heel erg op hun gemak. Daar maakte ik gebruik van, door ze eerst op een troon te zetten en vervolgens opeens de bankschroef aan te draaien. Dat zagen ze meestal totaal niet aankomen. Als de opmerking die je zocht dan uiteindelijk komt, voelt dat fantastisch.’
‘Toch eerder kritisch, wat goed past bij de programma’s die ik presenteer. Ik neem niet snel dingen aan. Daarom haal ik doorgaans weinig plezier uit discussies. Mensen halen daarin regelmatig één bron aan en doen vervolgens alsof ze de discussie hebben gewonnen. Ik denk dan altijd: wat voor onderzoek is dat dan? Was het goed? En staan er nog meer onderzoeken tegenover? Maar zulke vragen leiden zelden tot een leuk gesprek.
‘Dat betekent gelukkig niet dat ik helemaal verzuurd en cynisch ben geworden. Ondanks al die jaren en ontdekkingen bij Keuringsdienst van waarde, kan ik bijvoorbeeld nog steeds genieten van lekker eten en drinken.
‘Door Pointer realiseer ik me trouwens wel hoe beroerd het ervoor staat met de kansengelijkheid in Nederland. Er klopt helemaal niets van het idee dat je er vanzelf komt als je maar hard genoeg werkt. Na elke opname van Pointer denk ik: godsamme, als ik hier was geboren, met deze problemen, dan zat ik nu in precies dezelfde situatie als de mensen die ik net heb gesproken. Dan besef ik wat voor ontzettende mazzelaar ik ben.’
Keuringsdienst van waarde, elke maandag om 21.30 uur op NPO 1
Factcheckers, tot 15 februari elke donderdag om 21.40 uur op NPO 3
Pointer, elke donderdag om 20.30 uur op NPO 2
1982 Geboren in Amsterdam
2007 Afgestudeerd aan de Nederlandse Film & Televisie Academie
2007 Tuschinski Award voor eindexamenfilm Pappa is weg en ik wilde nog wat vragen
2009-heden regisseur en presentator Keuringsdienst van waarde
2011 presentator Het beloofde land met Abdelkader Benali
2015 regisseur documentaire Vleesverlangen
2017 regisseur documentaire Slagershart
2020-2021 presentator Een programma over de jaren negentig met Henny Huisman
2022-heden presentator Pointer
2022 regisseur documentaire Overgave
2024-heden presentator Factcheckers
Marijn Frank woont met haar vriend en hun twee kinderen in Amsterdam.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden