Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.
Het is een groot probleem in de pop, waar voorlopig geen oplossing voor is en waarover we het helaas nog vaak moeten hebben. Samengevat: popmuziek wordt te duur.
Kort uitgelegd: de kosten die toerende bandjes moeten maken blijven stijgen, door de inflatie. Bandjes zien zich daardoor genoodzaakt meer te vragen voor een show. Maar dezelfde oplopende kosten voor energie, personeel en ga zo maar door treffen ook de poppodia en festivals. En die moeten dus bovendien steeds hogere bedragen neerleggen voor die bandjes, die anders hun rekeningen niet kunnen betalen.
Wie moet al die extra euro’s uiteindelijk ophoesten? U natuurlijk, als arme kaartjeskoper, die trouwens óók al die oplopende kosten voor het basale levensonderhoud moet opbrengen.
Er dreigt iets mis te gaan, weten ook de popsector en de podium- en festivalbranche. De ticketprijs kan niet eindeloos worden verhoogd en dat wíl de sector ook niet. Want iedereen die met hart en ziel in de muziekindustrie zit, weet dat pop toegankelijk moet blijven en nooit een elitehobby mag worden. Je wilt er niet aan denken dat je straks in een popzaal staat met alleen maar mensen met een goede baan om je heen. Dat zou de popmuziek kapotmaken.
Maar wat dan? Op muziekcongres Eurosonic werd vorige maand stevig gedebatteerd en gezocht naar manieren voor podia om andere inkomstenbronnen aan te boren. Moet er meer moeite worden gedaan om overheidssubsidies los te weken? De politieke wind lijkt niet mee te zitten, werd in Groningen ook al geconstateerd.
Het probleem van het pittige prijskaartje lijkt haast onoplosbaar. Festival Lowlands liet al weten dat de kaarten in 2024 wéér duurder worden, na de toch al vrij spectaculaire prijsverhogingen van de afgelopen jaren. Een ticket gaat waarschijnlijk 325 euro kosten. Vorig jaar was de prijs nog 290 euro. En in 2018 mocht je naar binnen voor 200 euro. Dat gaat snel.
Er is ook een lichtpuntje. Festival Best Kept Secret, dat in de maag zit met de prijzenkwestie, is met een creatieve oplossing gekomen voor in ieder geval een deel van het probleem. Het festival bij Hilvarenbeek zag de afgelopen jaren een flink ouder (en beter gesitueerd) publiek binnenkomen, waarschijnlijk mede door de hoge ticket- en consumptieprijs en dankzij headliners als Nick Cave (66).
Dit jaar komt het met een gewaagd idee: een prijsdifferentiatie op leeftijd. Bezoekers tot 21 jaar krijgen nu 30 procent korting op een weekendticket. Het festival maakt daarmee een dubbelslag: het doet concreet iets tegen het elitarisme én het bestrijdt de eigen vergrijzing. Een goed initiatief, dat navolging verdient.
Het kan nog gewaagder. Wat weerhoudt de festivalbranche er eigenlijk van om weer eens een goedkoop, kleinschalig maar minstens zo mooi tentenkamp op te zetten bij Hilvarenbeek of Biddinghuizen? Daar moet, zeker nu, een publiek voor zijn. Een festival met drie tenten, zonder luxe eetgedoe maar met steengoede bands uit het kleinere podium- en undergroundcircuit, die nog niet de hoofdprijs vragen.
Geen dikke headliners of grote popnamen, die een festivalbudget leegslurpen en dus óók voor die dure entreekaarten zorgen, maar lekker tegendraadse bands die alles geven en waarop je als publiek drie dagen lang los kunt gaan zonder een maandsalaris uit te geven.
Inderdaad: precies zoals Lowlands in 1995 is begonnen. Het is een gat in de markt en kan een krachtig wapen zijn tegen de popgentrificatie.
Source: Volkskrant columns