Interessengebiet, dat was de benaming van de nazi’s voor de bufferzone rondom Auschwitz. Hoe minder getuigen daar rondliepen, hoe beter; de endlösung van het Jodenvraagstuk moest ongezien blijven. Het is ook de plek waar de bewakers van het concentratiekamp waren ondergebracht – en hun commandant Rudolf Höss, die samen met zijn vrouw Hedwig en hun vijf kinderen een villa pal naast het kamp bewoonde, met uitzicht op de schoorstenen van de crematoria.
Het alledaagse en het onbevattelijke komen op verpletterende wijze samen in de voor vijf Oscars genomineerde speelfilm The Zone of Interest, waarin de Engelse filmmaker Jonathan Glazer (58) zich richt op het kleinburgerlijke leven van het gezin Höss. Hun uitstapjes naar de natuur, nabij het kamp. Of een kinderfeestje met waterpret in de idyllische villatuin, Hedwigs trots.
Nooit begeeft de zakelijk registrerende camera zich binnen de muren van Auschwitz, maar die eerste cirkel om de doodsfabriek blijkt poreus: door de rivier waarin de kinderen baden spoelt menselijke as – de as die de tuinmannen, voorovergebogen schimmen in gevangeniskledij, ook gebruiken om Hedwigs tuin te bemesten. En vanachter de muur, die kamp en villa scheidt, klinkt het permanente geluid van de Holocaust: de salvo’s van een executie, het gegil en hondengeblaf, de brommerige machinerie.
Over de auteur
Bor Beekman is sinds 2008 filmredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft recensies, interviews en langere verhalen over de filmwereld
Glazer houdt zich aan het dogma dat ooit mede door de Fransman Claude Lanzmann werd opgeworpen, de cineast van Shoah die vond dat je de Holocaust niet kon visualiseren, en de gruwelen in zijn 9 uur lange documentaire uit 1985 enkel opriep door gesprekken met ooggetuigen. The Zone of Interest heeft daarbij iets gemeen met dat ene schaarse wél door Lanzmann gewaardeerde Holocaustdrama uit 2005, Son of Saul. Voor die inktzwarte film beperkte de Hongaarse regisseur László Nemes het kader tot het subjectieve blikveld een Sonderkommando-lid dat enkel bezig is te overleven. En ook daarin weegt wat buiten beeld blijft – en wat we horen – even zwaar als wat we zien.
Al voelt er niets geleend aan de aanpak van Glazer, die zijn klinische cameravoering (door de regisseur zelf ‘surveillancestijl’ gedoopt) op sommige momenten openscheurt met vervreemdende effecten. Een plots opdoemend bloedrood waas, de inzet van een warmtecamera, of een tijdsprong naar het huidige Auschwitzmuseum.
The Zone of Interest begint met een beeldvullend zwart vlak, terwijl geluidskunstenaar Mica Levi het gehoor mangelt met klanken uit het binnenste van de aarde, die zich mengen met lieflijk tjilpende vogeltjes. Het voelt als een waarschuwing aan de kijker, voorafgaand aan een film die de Holocaust nadrukkelijk níét in de tijd stolt. De kampmuur, die villa, ja zelfs de kruiwagen van de tuinman: alles in The Zone of Interest oogt kraakhelder en nieuw, als in het nu.
Glazer, bekend om zijn compacte en hoogwaardige oeuvre (met onder meer Sexy Beast), liet zich inspireren door Martin Amis’ roman The Zone of Interest, over een driehoeksrelatie binnen de Auschwitz-top. Het boek werd vervolgens praktisch kaal gestript voor de film, die de regisseur dan weer baseerde op eigen research naar de getuigenissen van het personeel van de familie Höss, in samenwerking met het Auschwitzmuseum. Een rigoureuze adaptatie, gelijk Glazers meesterlijke sciencefiction naar Michel Fabers roman Under the Skin. In die film, zijn vorige, verwondert een vraatzuchtig buitenaards wezen zich over het menselijk vermogen tot empathie. Een vermogen dat juist zo latent blijft in The Zone of Interest.
In de banaliteit van het kwaad is dan weer ruimschoots voorzien. Rudolf (Christian Friedel) is enthousiast over een nieuw type crematorium, dat ‘de lading’ sneller dan ooit zal verwerken. Maar hij is ook een bezorgde vader, die zijn slaapwandelende dochter sprookjes voorleest. Hedwig (Sandra Hüller) aast op de chique kleding en bezittingen van de bij aankomst vergaste Joden, waaruit zij de eerste keuze heeft. Vrolijk becommentarieert ze het vernuft van deze ‘untermenschen’, die zelfs in een tube tandpasta nog iets weten te verstoppen. Voor haar belichaamt Auschwitz het vooruitgangsideaal: eindelijk leeft ze op stand, met personeel. Zij ziet een veilige en fijne omgeving voor haar kroost, wij zien een zoontje dat gouden kiezen spaart.
Glazer slaat een barst in hun schijnbare paradijs als oma komt logeren. Die klaagt tegen dochter Hedwig over de ‘geur’ die overal hangt. Nadat ze vanuit een tuinstoel de rode gloed van de verbrandingsovens heeft ontwaard, verlaat oma de volgende dag vlug en stilletjes de villa.
Meevoelen met het echtpaar Höss is onmogelijk; de camera houdt daartoe ook doelbewust afstand van de hoofdrolspelers. Friedels kampcommandant Rudolf is griezelig in zijn wezenloosheid, Hüllers Hedwig ademt kilte en verongelijkte drift. Toch kijken we naar mensen, niet naar monsters. Ons vermogen tot verdringing, daarover gaat het huiveringwekkende The Zone of Interest.
Oorlog
★★★★★
Regie Jonathan Glazer
Met Christian Friedel, Sandra Hüller
105 min., in 72 zalen.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden