Een boek? Over hém? Jan de Rooy, die dinsdag op 80-jarige leeftijd overleed, zou het niet lezen. ‘Ik heb in mijn hele leven nog nooit een boek gelezen.’ Maar uiteindelijk liet de nuchtere Brabander zich overhalen, na gesprekken met zijn vrouw. In mei 2010 kreeg De Rooy het eerste exemplaar van zijn biografie Hart van zand overhandigd. Achteraf gezien was hij er blij mee. ‘Er staat alleen maar de waarheid in.’
Boek of geen boek, een waarheid waar niemand omheen kan, is dat De Rooy in 1987 wereldberoemd werd toen hij het vrachtwagenklassement van de beruchte rally Parijs-Dakar won. Vrachtwagens deden pas sinds 1980 mee aan de race over ruim 5.200 kilometer, voor een groot deel door de Afrikaanse woestijn.
Voor De Rooy was het de zesde keer dat hij in een truck van DAF meedeed aan Parijs-Dakar. De eerste keer eindigde hij als 67ste, in 1984 en 1986 viel hij vroegtijdig uit, maar in 1985 wist hij al de tweede plaats te veroveren. In 1987 zette hij de kroon op zijn sportcarrière: in de Senegalese hoofdstad Dakar kwam hij als eerste over de finish, zoals altijd met een hand aan het stuur en in het andere een peuk.
Franse journalisten gaven de Hollander de bijnaam ‘l’Ours’ (de Beer), vanwege zijn imposante gestalte en dito rijgedrag. Ze moesten in de atlas opzoeken waar Son en Breugel lag, het Brabantse stadje waar de winnaar een transportbedrijf leidde dat zijn vader in 1923 had opgezet.
Dat familiebedrijf zetten Jan en zijn broer Harry voort nadat hun vader in 1965 was overleden. Wat Jan betreft zonder enige opleiding, want hij werd als 14-jarige van de mulo (de voorloper van de mavo) gestuurd, met een brief voor zijn ouders waarin stond: ‘Niet geschikt.’ Waarom niet, vroeg het vakblad Nieuwsblad Transport De Rooy in 2005. ‘Omdat ik niet wou.’ En toen? ‘Aan het werk.’ En de leerplicht dan? ‘Bestond dat toen al?’
Ondanks die geringe voorbereiding werd het transportbedrijf onder de aanvoering van de twee broers steeds groter, met klussen die veel opzien baarden. Zoals de order van de Eindhovense autofabrikant DAF, die vijfhonderd vrachtwagens had verkocht aan Iran. Iemand moest deze gaan afleveren in Teheran. In die opdracht vond De Rooy de niche waarin de onderneming zou excelleren: het high & heavy-transport, oftewel het vervoer van auto’s, maar ook vrachtwagens op speciaal daarvoor ingerichte opleggers.
Voor de Fransen mocht hij dan in 1987 een onbekende zijn, De Rooy had er naast zijn bestaan als ondernemer al een loopbaan op zitten als rallycoureur. Zijn eerste rondjes reed hij als 15-jarige, op een zelf in elkaar gesleutelde crossbrommer. Als twintiger zette hij tussen 1969 en 1982 nationale en internationale autorally’s op zijn naam, waarvan twee met een opgevoerde DAF 555 Coupé 4WD. Dat succes legde het fundament voor de woestijnraces waaraan De Rooy ging meedoen, dit keer met een vrachtwagen van DAF.
Die trucks kregen namen als ‘De Neus’, ‘De Koffer’ en ‘The Bull’. Maar het was het ‘Tweekoppige Monster’ uit 1984 dat pas echt de aandacht trok. De vrachtwagen had niet één bestuurderscabine, maar twee — aan zowel de voor- als achterzijde, met elk een eigen aandrijving. Daarmee konden de coureurs makkelijker weer loskomen als ze zich in het woestijnzand hadden vastgereden.
De samenwerking met DAF Trucks hield stand tot aan de editie van de Dakar-rally van 1988. In dat jaar vloog de vrachtwagen van een tweede DAF-equipe over de kop en kwam de navigator om het leven. De fabrikant trok zich daarop terug uit de race. Ook De Rooy hield het toen voor gezien.
Op aandringen van zijn familie keerde De Rooy in 2002 toch weer terug in de ‘zandbak’, zoals hij de woestijn in interviews beschreef. Om te winnen, zeker, maar ook omdat racen hem ontspande. ‘Parijs-Dakar was voor mij vakantie. Echt waar. Ik was een paar weken onbereikbaar; in zo’n cabine wordt nauwelijks gepraat en ’s avonds nog tot een uur of elf, twaalf aan de wagen sleutelen. Dat vond ik mooi, hoor’, kon het ondernemersmagazine Bizz uit zijn mond optekenen.
In 2009 zette De Rooy opnieuw een punt achter Parijs-Dakar. Nederland was in de greep van de financiële crisis. De raceveteraan vond dat hij zo’n dure hobby niet kon hebben als hij tegelijk 250 man moest ontslaan. Daarnaast vond de Brabander het maar niks dat de race werd verplaatst naar Zuid-Amerika. ‘Ik vind dat de snelheid nu veel te hoog ligt. En dan zijn ze ook nog eens na tien dagen alweer klaar’, mopperde hij tegenover De Gelderlander.
Zijn zoon Gerard wist in 2012 nog wel op het podium te komen, precies een kwart eeuw nadat zijn vader de geschiedenisboeken was ingereden. ‘Ik ben hartstikke trots op het jong, zei De Rooy senior in de Volkskrant. ‘Trotser dan op mijn eigen overwinning. Dat is al zo lang geleden.’
Jan de Rooy had een groot zwak voor het truckersbestaan, met name in de jaren zestig. ‘Je was, zeker in die tijd, nog volledig eigen baas. Je kreeg een opdracht, laadde de vracht en ging op pad. Je kreeg wat contant geld mee en je zag maar dat je er kwam.’ (Bizz, 1996)
In 1987, op een feestje in Heerlen ter ere van zijn winst in Parijs-Dakar, werd De Rooy door de politie opgepakt wegens burengerucht en te hard rijden. ‘Klinkklare nonsens, maar ze hebben me uit de wagen getrokken en in een celleke geduwd, en amen.’ (Omroep Brabant, 2010)
Deelname aan Parijs-Dakar heeft de ondernemer Jan de Rooy geen windeieren gelegd. ‘We zijn nu bezig met Oost-Europa en daar merk je dat de mensen je kennen. Dat racen heeft me nooit een gulden gekost en ik heb er ook nooit iets aan verdiend, maar de goodwill is goud waard.’ (Bizz, 1996)
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden