Overal om mij heen wordt geschamperd en met ogen gerold. Hadden de formerende partijen soms niet de indruk gewekt dat er gillende haast was omdat het water de mensen aan de lippen stond, dat ze met gierende banden naar de formatiefinish moesten scheuren om een volksopstand te voorkomen, dat het ‘minder, minder, minder’ een kwestie van ‘nu, nu, nu!’ was? Hoezo hadden hun Kamerfracties dan opeens tijd voor kinderachtige plannetjes?
Maar ik weet wanneer ik mijn mond moet houden. Want het nieuwste kinderachtige plannetje valt toevallig samen met een lang gekoesterde jongensdroom, en dan worden mijn bezwaren vloeibaar. Ik heb een voetbalshirt met mijn achternaam op de rug, maar ik voetbal niet. Ik heb een gitaarband waarop in paarlemoeren letters ‘SD – The Legend’ is ingelegd, maar ik treed zelden op. Met de mogelijkheid een kentekenplaat te personaliseren zal ik eindelijk mijn individualiteit met heel Nederland kunnen delen. DA DONK 150 – kijk, daar zoeft hij.
Nu nog een auto.
Source: Volkskrant