Spaanse economie Het gaat goed met de werkgelegenheid in Spanje, mede dankzij mensen met een migratie-achtergrond. De volgende stap is verkorting van de werkweek.
Voor het eerst in zestien jaar, sinds de economische crisis, ligt het aantal werklozen in Spanje onder de drie miljoen. Volgens nieuwe cijfers van het Spaanse Instituut voor de Statistiek (INE) ligt het werkloosheidspercentage op 11,76 procent. Een ander nieuw record zijn de 783.000 nieuwe banen die zijn gecreëerd in het afgelopen jaar.
Door daling van de koopkracht zijn meer werklozen op zoek gegaan naar een baan. Een groot deel van die groep bestaat uit vrouwen die voorheen thuis zaten. Maar de daling van de werkloosheid is grotendeels te danken aan de toename van werknemers met een migratieachtergrond. Ongeveer 20 procent van de banen in 2023 werden uitgevoerd door migranten en Spanjaarden met een dubbele nationaliteit.
Migranten, die vaak uit Latijns-Amerika komen, werken vaak in sectoren die de ‘gewone’ Spanjaard liever mijdt, zoals de horeca of de toerismebranche. Deze twee sectoren hebben enorm geleden onder de coronapandemie, maar hebben nu een enorme inhaalslag gemaakt. Vooral het weer speelt daarbij een grote rol. Het is steeds vaker en langer warm in Spanje, waardoor het hele jaar door een aantrekkelijke bestemming is voor toeristen. Dat zorgt ervoor dat horeca bijvoorbeeld een kortere of helemaal geen seizoenstop heeft en personeel dus permanent moet aanhouden.
Maar ook in de bouw (waar het aantal banen toenam met 10,9 procent), gezondheidszorg (13 procent), ict -en communicatiesectoren (13 procent) vulden de mensen met een migratieachtergrond en Spanjaarden met een dubbele nationaliteit de gaten op. De enige branche waarin de toename van het aantal Spaanse professionals verhoudingsgewijs groter was dan die van migranten, is in het onderwijs.
„Spanje vergrijst”, zegt arbeid- en migratie-expert Rosa Aparicio in de Spaanse krant El País. „Met alleen het Spaanse volk zal de economie het hier niet redden. De groep mensen met een migratieaachtergrond is jonger, ze hebben meer kinderen en ze zijn bereid overal te werken. Zonder deze groep kunnen de pensioenen niet betaald worden.”
Door de daling van de werkloosheid en de toename van het aantal arbeidsmigranten, zal het Spaans bruto binnenlands product stijgen, wordt de staatskas gespekt door het innen van meer belastingen en verlicht het de druk op het verstrekken van uitkeringen. Volgens het ministerie van Inclusie, Sociale Zekerheid en Migratie zal deze groei ook het pensioenstelsel ten goede komen en toekomstbestendiger maken.
Het aantal werklozen neemt jaarlijks af, het minimumloon is in de afgelopen vijf jaar meerdere keren verhoogd, er zijn meer banen bijgekomen, het bruto binnenlands product groeit. Toch blijft Spanje in Europa het land met de hoogste werkloosheid. Hoe komt dat?
Volgens deskundigen zijn er verschillende mogelijke redenen. De Spaanse economie zou nog teveel afhangen van sectoren die niet veerkrachtig genoeg zijn, bijvoorbeeld het toerisme, de horeca en de bouw. Tijdens de corona-pandemie lagen deze branches compleet plat. De werkloosheidscijfers kenden dan ook een piek tijdens de coronacrisis van 2020. Het percentage mensen dat toen wel werk zocht maar geen baan kon vinden, bedroeg toen 16,1.
„Ondanks dat er meer werkgelegenheid is gecreëerd in sectoren als mode, telefonie en energie, en er banen bijkwamen in de digitale branche, blijven de historische verankerde sectoren een prominente rol spelen in de Spaanse economie”, legt Miguel Basterra uit, hoogleraar arbeidsrecht en sociale zekerheid aan de Universiteit van Alicante. De bedrijfscultuur moedigt ook lange werktijden aan, wat gevolgen heeft voor de productiviteit.
In Spanje werken ze meer uren dan de meeste Europese landen. Dit zou werknemers ervan weerhouden om de arbeidsmarkt te betreden. Met name de jongere generatie wil geen lange werkweek maken, waarbij beloning vaak achterblijft.
Tijdens het vormen van een nieuwe regering eind vorig jaar, was het verkorten van de werkweek het punt waar het langst over werd onderhandeld tussen de partij Psoe van premier Pedro Sánchez en Sumar van vicepremier Yolanda Díaz. Díaz, die tevens minister van Arbeid is, wil de werkweek terugbrengen van 40 uur nu, naar 38,5 uur per week met behoud van salaris. Volgend jaar moet de werkweek zelfs naar 37,5 uur.
Door deze maatregel zijn er meer mensen nodig voor dezelfde hoeveelheid werk. Het is een plan om de werkloosheid verder te verminderen. De onderhandelingen tussen de regering, vakbonden en werkgevers vinden momenteel plaats, maar de werkgevers liggen dwars. Maar vicepremier Díaz is vastbesloten. „Ik zal de werkdag tijdens deze regeerperiode inkorten, zelfs als de werkgevers zich daartegen verzetten.”
Volgens de regering zal een kortere werkweek gezondheidsproblemen verlichten, wordt er efficiënter gewerkt, creëert het meer werkgelegenheid waardoor de werkloosheid weer daalt en wordt de levensduur verlengd. Díaz: „De kwaliteit van de levens van de Spanjaarden zal verbeteren.”
Source: NRC