Iedereen in het dorp wist dat Lenneke misbruikt was door haar opa, iedereen keek weg. In Het hele dorp wist het reconstrueert schrijver Rinke Verkerk het verhaal van haar schoolgenoot. ‘Ze hoorden me aan, zeiden iets als ‘Wat erg’, maar deden daarna weinig tot niets.’
Ze fietsen naast elkaar, twee meisjes van 13. Een half uurtje heeft Lenneke om haar hart uit te storten bij Rinke. Het gaat niet goed, zegt Lenneke. Andere kinderen pesten haar. En haar opa heeft haar pas geleden betast. Tranen stromen over Lennekes wangen.
Vriendinnen zijn ze niet, maar ze kennen elkaar al lang. Ze komen uit nabijgelegen dorpen en zitten sinds kort op dezelfde middelbare school. Na de lessen moeten ze dezelfde kant op. Tot nu toe zorgde Rinke er steeds voor dat ze niet naast Lenneke hoefde te fietsen, omdat die bekendstaat als een aansteller en aandachtstrekker. Maar nu fietst de rest van de groep al voor hen uit.
Over de auteur
Menno van Dongen is verslaggever van de Volkskrant op het terrein van criminaliteit, politie en justitie
Rinke wist al dat Lennekes opa een half jaar eerder is opgepakt omdat hij ‘aan zijn kleindochter heeft gezeten’. Ze is te jong om goed te begrijpen wat dat inhoudt. Ze luistert aandachtig en begripvol naar Lenneke, totdat die links afslaat, naar huis. Wat een verschrikkelijk verhaal, denkt Rinke, maar wat moet zij hiermee? De volgende dag, op school, kijkt Lenneke haar in de gang verwachtingsvol aan. Heeft ze eindelijk aansluiting gevonden? ‘Hoi’, zegt Rinke vlug, en ze loopt door. In de jaren daarna ontwijkt ze Lenneke zo veel mogelijk.
Bijna twintig jaar later neemt Rinke Verkerk (34), schrijver en journalist, weer contact op met Lenneke. Het leidt tot het aangrijpende boek Het hele dorp wist het, dat dinsdag verschijnt. Daarin reconstrueert Verkerk Lennekes verhaal. Waarom keek iedereen de andere kant op, terwijl zij met zichzelf in de knoop zat?
Wat Lenneke is overkomen, is verre van uniek, zegt de schrijver, die voor haar boek met meerdere experts heeft gesproken. In een gemiddelde middelbareschoolklas zitten minstens twee slachtoffers van seksueel misbruik. Lang niet iedereen wil dat onder ogen zien.
Verkerk: ‘Mensen uit onze dorpen gingen precies zo om met seksueel misbruik zoals we dat overal in de westerse wereld doen. In dorpen en steden, in hoogopgeleide en laagopgeleide kringen, religieus of seculier. We vinden het als samenleving moeilijk ons te verhouden tot kindermisbruik, zeker als de daders bekenden zijn.’
Het kost Lenneke – een fictieve naam – veel moeite om te praten over haar traumatische jeugd, blijkt als de Volkskrant haar spreekt, samen met Verkerk. Zoveel moeite dat dit haar enige interview is.
Lenneke is een 35-jarige managementassistent met bruin haar, meer details mogen niet in de krant. Ze wil niet dat iedereen die ze later leerde kennen, haar geschiedenis kent. Ook wil ze haar familie in bescherming nemen. Haar opa is een paar jaar geleden overleden.
Achteraf oordeelt Lenneke mild over het wegkijken van Verkerk, met wie ze nu een goede band heeft: ‘Wat had Rinke kunnen doen als 13-jarige? Het was uiteindelijk niet haar verantwoordelijkheid om mij te helpen. Ik heb veel meer moeite met de reactie van mijn dominee, kerkleiders, mentoren, docenten, vertrouwenspersonen en clubleiders. Ik heb zo veel volwassenen verteld wat me was overkomen. Ik snakte naar een luisterend oor, naar hulp. Ze hoorden me aan, zeiden iets als ‘Wat erg’, maar deden daarna weinig tot niets. Daardoor voelde ik me zo afgewezen en eenzaam.’
Verkerk kijkt met pijn in haar hart terug: ‘Ik heb me heel hard opgesteld, vind ik nu. Niet om Lenneke pijn te doen, natuurlijk, maar om mezelf te beschermen. Als zij zou denken dat ik haar vriendin was, zou ze zich aan me vastklampen. Dat wilde ik niet, ik wilde bij de groep horen. Nu heb ik daar veel spijt van. We hadden met z’n allen meer voor haar moeten doen.’
In haar boek brengt Verkerk de hele misbruikgeschiedenis van Lennekes opa in kaart. Op tal van momenten had kunnen worden ingegrepen. In 1995, als Lenneke 6 jaar oud is, komt voor het eerst aan het licht dat haar opa – die in het verhaal ‘Leen Veenstra’ heet – grenzen overschrijdt. Hij wordt opgepakt voor het stelselmatig misbruiken en verkrachten van Tamara, een minderjarige werkneemster van zijn bedrijf, en krijgt twee jaar celstraf. Lokale en regionale kranten schrijven erover.
Uit perspublicaties blijkt dan ook dat Lennekes moeder ‘Heleen’ als kind is misbruikt door Veenstra (haar vader). Jarenlang, net als Heleens zussen. Ze hebben geen aangifte gedaan, maar leggen in 1995 alsnog belastende verklaringen af, om Tamara te helpen.
Het nieuws heeft een negatieve invloed op de reputatie van Lennekes familie. In haar boek beschrijft Verkerk een feestelijke middag, twee jaar later. Ouders bakken pannekoeken, kinderen eten die op in de gymzaal. Als bijna alles op is, wil de 9-jarige Rinke een pannekoek van de stapel van Lennekes moeder Heleen pakken. Ineens zegt een meisje: ‘Die moet je niet eten, dat zijn de zeemlappen van Heleen.’ Snel trekt Rinke haar hand terug.
‘Ik voelde meteen dat het over hen ging, en niet over dat eten’, zegt Verkerk nu. ‘Wie lust er nou geen pannekoeken? Er was iets met Lenneke en haar moeder, besefte ik. Van hen moest je afstand houden.
‘Het hele dorp deed alsof Lennekes familie een rariteit was. Omdat we bang waren. Bang dat wat haar familie was overkomen, ons ook kon overkomen. We maakten onszelf wijs dat het aan hen lag, dat zij anders waren, zodat we ons veiliger voelden.’
Omdat Heleen weet waartoe haar vader in staat is, heeft ze afspraken gemaakt met haar moeder: Lenneke mag alleen bij opa op bezoek als oma thuis is. Zo denkt Heleen te voorkomen dat opa Leen zich vergrijpt aan haar dochter. Dat gebeurt toch, als het meisje 12 jaar is en ze samen bessen plukken. Hij betast Lennekes borsten en haar kruis.
Ze mag het niemand vertellen, maar twee weken later doet Lenneke dat toch, na een les seksuele voorlichting op school. Een leraar schakelt Lennekes moeder in, die meteen gelooft wat haar dochter zegt. Een paar dagen later doet Heleen aangifte, namens haar dochter. Opa Veenstra krijgt zes maanden voorwaardelijke celstraf.
Ooit was Lenneke een vrolijk, assertief meisje met veel vriendinnen, dat graag waterpolo speelde. Na de aanranding trekt ze zich terug en worstelt ze met schuldgevoelens. Waarom heeft ze zich niet verzet toen opa haar betastte? Er moet iets mis zijn met haar. Wordt ze daarom zo gepest?
‘Nog meer dan met het misbruik worstelde ik met de verwijten die ik mezelf maakte’, zegt ze. ‘Ik was depressief en sneed in mijn linkerbovenarm, om mezelf te straffen voor alles wat ik voor mijn gevoel verkeerd deed. Afwerende reacties zag ik als een bevestiging: alles was mijn schuld. Gelukkig had ik een vriendin bij wie ik wel mijn verhaal kwijt kon.’
Lenneke krijgt niet de hulp die ze nodig heeft. Omdat haar moeder meegaat naar therapie, voelt Lenneke zich niet vrij om te vertellen hoe slecht het gaat. Ze is boos op haar moeder, die haar niet heeft beschermd. Samen uithuilen op de bank is er niet bij, want Heleen is geen prater. Andere familieleden gaan ook gewoon door met hun leven.
Dat wordt pijnlijk duidelijk op een verjaardag bij een oom en tante, enkele jaren na Lennekes aanranding. Opa Leen is een van de gasten. Zijn kleindochter weet dat, maar ze voelt zich sterk genoeg om te komen.
Als Lenneke de woonkamer betreedt, zit iedereen in een kring en is er nog maar één stoel vrij, naast opa. Ze schrikt, maar feliciteert de gasten, een voor een. Niemand biedt haar zijn stoel aan. Ze geeft opa demonstratief geen hand, maar neemt uiteindelijk wel naast hem plaats. Met een monchoutaartje en een glas limonade in de hand voelt ze zich enorm in de steek gelaten.
Extra schrijnend, zegt Verkerk, is dat Lenneke precies deed wat buitenstaanders – ten onrechte – van slachtoffers verwachten. ‘Ze vertelde snel over het misbruik, deed aangifte, ging in therapie en praatte er veel erover. Toch is ze niet goed geholpen, net als talloze andere slachtoffers.
‘Het ligt dus niet aan hen, maar aan de omstanders. We vinden kindermisbruik zo vreselijk dat we liever doen alsof het er niet is en de betrokkenen mijden. Daardoor ontstaat een dode hoek, waarin daders hun gang kunnen gaan.
Rinke Verkerk (34) publiceerde in 2015 een boek over Syrische vluchtelingen en schreef als freelancer voor onder meer de Volkskrant. Voor het tv-programma Rambam maakte ze undercover-documentaires. Ze werkt nu voor De Correspondent, de uitgever van haar nieuwe boek.
‘Lennekes oma had bijvoorbeeld haar verantwoordelijkheid kunnen nemen, toen Heleen als 12-jarig meisje zei dat ze werd verkracht door haar vader. Ze greep niet in, omdat ze zelf in een lastige positie zat. Mede daardoor kon het gebeuren dat alle drie haar dochters werden misbruikt. En Tamara, en Lenneke.’
Verkerk hoopt dat slachtoffers zich herkennen in het boek, dat ze beter snappen waarom ze werden afgewezen door omstanders en dat het een duwtje in de rug is om ongemakkelijke gesprekken te voeren. ‘Een gemeenschap die durft te kijken, is een gemeenschap waarbinnen misbruik moeilijker kan bestaan.’
Lenneke deelt die hoop, daarom werkte ze mee aan dit project. ‘Het gaat nu wat beter met me’, zegt ze, ‘mede dankzij mijn therapeut. Ik heb soms nog nachtmerries van het misbruik. Gelukkig heb ik een hechte kring om mij heen, uit de kerk. Moeders, net als ik. Ze weten dat ik ben aangerand, maar kennen niet alle details.
‘Die moeders gaan allemaal het boek lezen. Ik heb gezegd dat ik heel bang ben dat ze eenmalig een reactie zullen geven en dan overgaan tot de orde van de dag. Dat gaat niet gebeuren, hebben ze me beloofd. Maar die angst zit er zo diep in: dat ik weer een klap krijg, omdat mensen na één reactie denken dat het klaar is. Terwijl het voor mij nooit klaar zal zijn.’
De echte naam van de betrokkenen is bekend bij de redactie, we hebben inzage gekregen in documenten die dit verhaal bevestigen.
Wie hulp zoekt, kan terecht bij het Centrum Seksueel Geweld, altijd bereikbaar via het gratis nummer 0800-0188. ’s Avonds kun je ook chatten met medewerkers.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Antwoord op al uw vragen
Updates, wijzigingen en klachten
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden