Home

‘Alles is tegenwoordig zó oeioeioei’

In de foyer van de bioscoop stonden twee meisjes van een jaar of 6 bij het snoepbuffet grote puntzakken te vullen met een schepje, hartstochtelijk aangevuurd door een Overtuigd Onverantwoordelijke Oma. Zo een die in de jaren zeventig verslingerd was geraakt aan het concept ‘laat maar waaien’, en dat tot een ideologie had gemaakt. ‘Thuis krijgen ze niks’, zei ze tegen de caissière bij wie ze twee emmers Fanta en een beugelfles Grolsch bestelde. ‘Nog geen káákje. Alles is tegenwoordig zó oeioeioei.’

Zwijgend voegden de meisjes zich bij haar, ogen op steeltjes vanwege de ongekende overdaad, maar hun puntzakken voor nog geen kwart gevuld. ‘Is dat alles?’ zei de vrouw, zichtbaar ontriefd. ‘Ik dacht dat we een feestje gingen vieren.’ Zuchtend legde ze de zakken op de toonbank. Toen ze zag dat het tweetal uit het gigantische aanbod exact dezelfde keuze had gemaakt, schudde ze mismoedig haar hoofd. ‘Waar is toch de individualiteit gebleven?’

Source: Volkskrant columns

Previous

Next