Home

Onze lamlendigheid en nu al gebroken beloftes worden duur betaald op het Oekraïense slagveld

Soms, heel soms, jeuken de handen weleens om een column te schrijven over de gevechten die vol in de schijnwerpers staan van de internationale media omdat deze in twee maanden tijd meer dan een half miljoen mensen hebben doen vluchten. Het gaat daarbij natuurlijk om de Democratische Republiek Congo, het land dat, in navolging van de junta in Mali, de strijd tegen het neokolonialisme vierde door de VN-missie de deur te wijzen.

Of over Zuid-Afrikaanse leiders die hun genocide-aanklacht tegen Israël vooraf lieten gaan door knuffelsessies met genocidaires uit Soedan, Gaza, of Rusland; of over de slachtoffers van bruut ‘postkoloniaal geweld’ in Mali; of over mijn studieliefde, de in Nederland totaal vergeten Papoea’s die in een moderne Apartheidsstaat leven en dagelijks lijden onder systematisch racisme en geweld van hun postkoloniale, niet-westerse heersers.

Over de auteur
Arnout Brouwers is journalist en columnist voor de Volkskrant, met als specialisatie veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Maar dat gaat helaas niet, en daarvoor mijn nederige excuses aan de Papoea’s, de Malinezen, de Congolezen, de Soedanezen, de Syriërs, de Oeijgoeren (over genocide gesproken!), de Afghanen, de slachtoffers van Marokkaans neokolonialisme in Westelijk Sahara (die Nederland nu ook dumpt in de hoop een paar ‘veiligelanders’ te lozen) - en al die andere vertrapten en onderdrukten wiens ellendige lot welgeteld nul kameraden ertoe aanzet om op straat hun stem te verheffen.

Want Europeanen, die decennia als een stel postkoloniale missionarissen het mondiale evangelie van democratie en mensenrechten hebben gepredikt, en er soms zelfs een ‘humanitaire interventie’ aan waagden om verre volken van hun wrede heersers te redden (meestal met suboptimaal resultaat), moeten zich nu met grote urgentie richten op het tegenhouden van de Russische invasie van Oekraïne op eigen continent. First things first. Die invasie bereikt binnenkort zijn tiende jaar. Of ‘twee jaar’, in de Europese jaartelling van wegkijkende struisvogels die lang bezweken voor Poetins charmes onder het motto ‘Waarom je kop gebruiken als je hem ook in het zand kunt steken?’

Wat deze week ondersneeuwde, is het nieuws uit een ver van ons gelegen continent waar politici vele tientallen jaren door een krankzinnige mix van historische, culturele, en politieke factoren, inclusief een forse dosis strategisch eigenbelang, bereid waren onze veiligheid te garanderen. Crazy, but true.

Amerika dus. De Verenigde Staten, waar presidenten al tijden, en zeker sinds Obama, pogen hun vergaande bemoeienis met Europese veiligheid terug te schroeven - ten gunste van de strategische uitdaging in Azië. Transromanticus Biden ging mee in die trend toen hij zich zonder consultatie met bondgenoten terugtrok uit Afghanistan. Maar hij herkende wel de dreiging van de grote Russische invasie van Oekraïne.

Bidens Amerikaanse wapenleveranties hielden Oekraïne overeind in diens - qua industriële productie en mankracht - ongelijke strijd met de Russische agressor. Natuurlijk was het een teken aan de wand dat Biden dat altijd deed met de handrem erop - qua timing, wapens en doelen. Maar het hielp Oekraïne overleven.

Het nieuws van de afgelopen dagen is dat de grote deal tussen Democraten en Republikeinen, waarbij Oekraïne nog 60 miljard steun krijgt in ruil voor concessies inzake immigratie en grensbewaking, in groot gevaar is. Reden: Donald Trump. Hij wil de deal torpederen.

Het kan betekenen dat voor Europa het Amerika-loze tijdperk al is aangebroken, iets waar het ook dertig jaar na de Koude Oorlog nog absoluut niet op is voorbereid. Maar Europa’s ultieme Gratis Bier-tijdperk loopt ten einde. Zoiets had een berichtje verdiend. Geen wonder dat Europese generaals hun samenlevingen proberen wakker te schudden.

De meest urgente vraag betreft Oekraïne: houdt dat stand of stijgen de kansen op genocidale uitwissing van het land, zijn taal, cultuur en identiteit - maar dan echt? De uitingen van Russische genocidale intenties zijn nu zo frequent dat ze allang de media niet meer halen. Niet spannend genoeg meer, zoals we ook weinig horen over de Russische naleving van de ‘tijdelijke maatregel’ van het Internationaal Gerechtshof, die op 16 maart 2022 Rusland gelastte ‘onmiddellijk’ zijn militaire activiteiten te staken.

Zijn of Niet-Zijn, dat is de vraag voor Oekraïne. En voor ons. Onze lamlendigheid en nu al gebroken beloftes worden duur betaald op het slagveld. Maar falen is geen optie. Het goede nieuws: we zijn hier veel beter in analyseren van onze eigen zwakke plekken dan die van de agressor in Oekraïne - die deze ook bewust verhult. Niet panikeren dus, maar organiseren. Ogen op de bal.

Source: Volkskrant

Previous

Next