Home

We willen de armoede in Nederland niet alleen niet zien, we ontkennen zelfs dat het bestaat

Voor 60 cent per persoon kun je volgens Leo van der Beek kinderen een ontbijt van vier bruine boterhammen met pure pindakaas geven. Betaalbaar voor iedereen, ook voor opvoeders met weinig geld. Sturen ze hun kinderen toch met honger naar school, dan komt dat niet door armoede, maar door onwetendheid en desinteresse, ­aldus Van der Beek.

Die desinteresse en onwetendheid liggen ergens anders. Het minimum leefgeld van een gezin bestaande uit twee ouders en twee kinderen is 70 euro per week, 10 euro per dag. Een ontbijt en een lunch van 60 cent voor vier personen kost 4,80 euro per dag. Dan houdt het gezin nog 5,20 euro over voor de avondmaaltijd, een zuivelproduct of vervanging, fruit en voor elk ander voedsel dat gezond en nodig is. Maar ook voor shampoo, tandpasta en meer van dat. Voor deodorant, voor maandverband.

Er zijn in Nederland tienduizenden gezinnen met tienduizenden kinderen voor wie een ontbijt van 60 cent per ­persoon onbetaalbaar is. We willen de armoede in Nederland niet alleen niet zien, we ontkennen zelfs dat het bestaat.
Jan Rob Dijkstra, Winsum

Steeds meer scholen stoppen met het maken van de schoolfoto. Toch ondoorgrondelijk dat in een wereld waarin alles, tot aan de genitaliën toe, ­gefotografeerd, gefilmd en vervolgens wereldwijd rondgebazuind wordt, de schoolfoto ineens taboe wordt.
Elly van den Boom, Sittard

Nu de ‘grootse’ plannen van Paleis Soestdijk voor de herontwikkeling van paleis, tuinen en de naastgelegen kazerne voorlopig weer voor ­jaren uitgesteld gaan worden, lijkt mij dit een uitgelezen mogelijkheid voor de gemeente om een flink aantal asielzoekers voor geruime tijd van onderdak te voorzien. Daarmee wordt ruimschoots voldaan aan de voorwaarden van de Spreidingswet.
Bert de Gilder, Beverwijk

De bouw van huizen zit vast doordat ­(jonge) mensen geen hypotheek kunnen krijgen voor het bedrag dat een aan­nemer nodig heeft om het (commercieel aantrekkelijk) te realiseren.

De hypotheekrente wordt min of meer door de (bancaire) markt bepaald en is een vast gegeven. Maar waarom zou de looptijd van de hypotheek voor jongeren niet verlengd kunnen worden naar 40 of 50 jaar?

Als het afbetalen van een hypotheek over een langere periode gespreid kan worden, worden de maandlasten lager en past een koopwoning wellicht wél in het budget. Met een hogere levensverwachting en een langere arbeidsperiode tot het pensioen, lijkt mij dat dit zou moeten kunnen.
Karen Kaptein, Apeldoorn

Sander Donkers en Sander Smit klagen dat Simon Carmiggelt slecht bedeeld is met een naar hem vernoemd armzalig bruggetje en een ook al armzalig straatje in ­Amsterdam. Ik vind twee vernoemingen voor een schrijver al heel wat; menig ­auteur moet het met geen of hooguit één herdenkingsplaats stellen.

Maar daarbij vergeten de Sanders nog een derde vernoeming: in het Eerste ­Weteringplantsoen, waar hij woonde, slingert het Kronkelpad rond zijn buste. Carmiggelt zou erop proosten.
Gerard Spruijt, Amsterdam

Het artikel van Saskia Houttuin over de sociale plek van ouderen in Senegal geeft een mooi sfeerbeeld. Zij schrijft over dorpsoudsten in Senegal en hoe belangrijk deze zijn bij feesten, tradities en maatschappelijke beslissingen. Vitale, gezonde oudjes, mooi. Utopisch mooi: het artikel bespreekt geen dementie of andere specialistische zorgbehoevende invaliditeit.

Wel: je oma in een tehuis? In Afrika is de reactie: wat zijn dat voor barbaren in Europa! Echter, wat zullen de dorpsoudsten adviseren als er een gestage immigratiestroom hoogbejaarde Europeanen naar Senegal afreist opzoek naar de ­beschreven respectvolle en onbezorgde oude dag? Ik durf het niet te bedenken.
Marc Lezwijn, Zoetermeer

Er is veel te doen over de grote aantallen internationale studenten in het Nederlands hoger onderwijs. Nu is er een wetsvoorstel dat beoogt deze aantallen terug te brengen, onder meer door onderwijs in het Nederlands verplicht te stellen. Ik vind dat een goede zaak, nu ik van dichtbij zicht heb op hoe die internationalisering er in de praktijk uitziet.

Mijn dochter studeert International Relations and Organisations aan de Universiteit Leiden en moet haar colleges volgen in Den Haag. Zij zit met slechts twee andere Nederlandse studenten in een tutorgroep. Bij binnenkomst in het collegegebouw zijn de enorme aantallen internationale studenten duidelijk te zien en te horen. Op de gangen en in de tussenruimtes hoor je niet of nauwelijks Nederlands. De studenten mengen niet echt onderling: hier hoor je Spaans, daar Duits, in een ander hoekje zitten Oost-­Europese studenten en, o ja, er is ook nog een groepje Nederlandse studenten.

De Nederlandse studenten wonen vooral in Leiden, maar de internationale studenten wonen allemaal in een studentenflat in Den Haag. Met Leiden, toch de stad waar de universiteit staat, hebben de internationale studenten geen enkele binding. De tentamens zijn in Rijswijk en beginnen meestal om 9.00 uur: voor de internationale studenten vanuit Den Haag met de bus te ­bereiken, maar voor de Nederlandse ­studenten die vanuit Leiden komen, een logistieke uitdaging.

Tussen de Nederlandse studenten die in Leiden wonen en de internationale studenten in de flat in Den Haag is weinig tot geen contact. Van enige kruis­bestuiving is, voor zover ik dat kan zien, geen sprake. Al met al is de vraag dus ­legitiem wie er precies gebaat is bij zulke grote aantallen internationale studenten aan een Nederlandse universiteit. Zeker nu veel studies, waaronder International Relations and Organisations, een numerus fixus kennen en veel aanmeldingen hebben, zodat veel studenten (ook Nederlandse) zijn afgevallen.
Marie-France Admiraal, Vught

In het artikel van Arno Haijtema naar aanleiding van het boek De mazzel van pech – Van driepoot naar vierpoot door de blind geworden fotograaf Frank Boske was verwijzing naar een lot­genoot op haar plaats geweest. Hannes Wallrafen publiceerde in 2018 immers zijn boek De blinde fotograaf onder het motto ‘Vision needs no eyes to see’. Het is wonderbaarlijk hoe hij zich zonder blindengeleidehond met een wit-rode taststok dagelijks door onze hectische hoofdstad beweegt.
Flip Bool, Den Haag

We worden tegenwoordig bijna alleen maar geleid door wat we zien, maar het gaat om wat er achter de schermen ­gebeurt. Dat lezen we dan in de (Volks)krant.
Paul Meulblok, Amersfoort

Wat begon als een eenvoudige vraag – ‘Kun je alsjeblieft even de wasmachine voor me aansluiten?’ – ontaardde in een vier uur durende sitcom. In die vier uur viel mijn vader driemaal van zijn stoel, stootte hij een kast om en veroorzaakte een lekkage. En alsof dat nog niet genoeg was, stonden vertegenwoordigers van drie overlappende instanties aan onze deur, die niet op de hoogte waren van elkaars komst.

Het resultaat? De missie van elke instantie mislukte jammerlijk, en mijn vader moest zelf andere organisaties inschakelen om het op te lossen.

Mijn vader, getroffen door de gevolgen van een hersenabces vergelijkbaar met een genees­bare hersentumor, kan voor de rest van zijn leven niet meer normaal lopen, zien of zelfs eenvoudige dagelijkse handelingen verrichten, zoals een shirt aantrekken of een maaltijd bereiden. Hij woont alleen, worstelt met de relaties om zich heen en staat bekend als een uitdaging om mee samen te werken.

Zijn huis valt bijna net zo snel uit elkaar als zijn gezondheid, en meerdere malen is hij in het ziekenhuis beland door gevaarlijke valpartijen of plotselinge epileptische aanvallen. Hij schreeuwt om hulp, vrij letterlijk, want zo informeert hij ­buren zo nu en dan na een nare val. Met wat ­geluk kan er dan een ziekenhuisbezoekje vanaf, want dan krijgt hij in ieder geval iets.

‘Minder handen aan het ­bureau, meer aan het bed’, ‘Weg met de administratieve lasten in de zorg’. Een greep uit wat leuzen van politieke partijen die de kwaliteit van zorg omhoog willen krikken. Klinkt allemaal logisch, maar wat heeft mijn ­vader aan handen aan zijn bed als zijn kapotte hersenen de ­regie moeten nemen? Elke organisatie lijkt naar zijn eigen verantwoordelijkheid te wijzen en mijn vader krijgt daardoor ­nauwelijks hulp.

Zelfs voor mij, afgestudeerde econometrist, is deze zorgpuzzel ondoorgrondelijk. Met een bezwaard hart zie ik mijn vader elke dag een stukje verder afglijden, terwijl ik als 23-jarige ook aan mijn eigen carrière moet werken. WMO, WLZ, centrum, stichting – wie houdt het nog bij? Als je hersenen defect zijn, word je overweldigd door zorg zonder coördinatie. Zelfs het ­regelen van een simpele rolstoel gaat gepaard met bergen formulieren, intakegesprekken en ­terugkoppelingen.

Juist in zo’n kwetsbare positie als die van mijn vader is het ­belangrijk dat iemand de regie kan nemen. Laten we mijn vader dan maar zo’n verguisde zorgmanager geven.

In de afgelopen maanden heeft hij ongeveer twee weken in het ziekenhuis doorgebracht door verhongering, verwaar­lozing of valpartijen. Een nacht in het ziekenhuis kost de samenleving zo’n 1.000 euro. Met dat geld kunnen we een competente manager aanstellen die de ­bestaande hulp stroomlijnt, ­organiseert en de juiste trajecten in gang zet.

Straks ga ik weer naar het ­ziekenhuis, waar mijn vader weer eens is opgenomen na een val van de trap. We moeten het verhaal weer van begin af aan uitleggen, en als familieleden moeten we ons overal in mengen om te kunnen hopen op een ­beetje goede zorg en uitzicht.

Ik maak me niet alleen ernstig zorgen om mijn vader, maar om ieder andere Nederlander die vastzit in deze zorgchaos.
Lucas Barnhoorn, Amsterdam

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.

Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

Voor snelle wijzigingen en bezorging

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next