Home

AD Miljarden aan opleidingsbudget blijven op de plank liggen

Dit artikel is afkomstig uit het AD. Elke dag verschijnt een selectie van de beste artikelen uit de kranten en tijdschriften op NU.nl. Daar lees je hier meer over.

Jaarlijks stellen werkgevers 4,2 miljard euro beschikbaar voor opleidingen en trainingen voor het personeel. Dat geld kan gebruikt worden voor opleidingen, of bijvoorbeeld een loopbaancoach. Ook wordt een deel van het geld ingezet om overtollige werknemers van werk naar werk te begeleiden.

Werkgevers hechten daaraan. In driekwart van de cao's zijn afspraken gemaakt over opleidingsbudgetten. Gemiddeld trekken werkgevers 700 euro per werknemer per jaar uit voor opleidingsbudget.

Door de krapte op de arbeidsmarkt is het voor werkgevers aantrekkelijk om zelf personeel om- of bij te scholen. Voor werknemers is scholing ook van groot belang, vinden de werkgevers. Werk verandert snel en banen verdwijnen. Het is daarom noodzakelijk dat werknemers hun kennis en vaardigheden op peil houden. Zo vergroten ze hun kansen in de toekomst.

Uit een recent onderzoek onder de eigen leden door werkgeversvereniging AWVN blijkt dat slechts 55 procent van het opleidingsbudget daadwerkelijk wordt besteed. Eerdere onderzoeken lieten eenzelfde percentage ongebruikt opleidingsgeld zien. "Dat betekent dat er jaarlijks zo'n 1,5 miljard euro blijft liggen", zegt Eefje Brul, beleidsadviseur bij AWVN en een van de onderzoekers. En die 1,5 miljard euro is een ondergrens. "Werknemers mogen het budget enkele jaren opsparen. Het werkelijke bedrag ligt dus waarschijnlijk hoger." Als het budget niet gebruikt wordt, vloeit het uiteindelijk terug naar de werkgever. "Die kan er dan andere investeringen van doen", volgens Brul. "Het geld is dus niet verloren."

Er is een aantal redenen dat werknemers minder opleiding volgen dan mogelijk en wenselijk is. Een belangrijke reden is de werkdruk. Werknemers hebben simpelweg geen tijd om cursussen en opleidingen te volgen, omdat er bergen werk liggen te wachten. De opleiding in de eigen tijd volgen is ook geen oplossing, werknemers geven aan dat ze nu al moeite hebben om de werk-privé balans een beetje goed te houden.

Maar er spelen ook andere factoren, bleek uit het onderzoek. Een deel van de werknemers is niet gemotiveerd om opleidingen te volgen vanwege slechte ervaringen met een opleiding. Of ze redeneren:' waarom een cursus, het gaat toch goed zoals het gaat?'.

Oudere werknemers zijn niet altijd gemotiveerd om een cursus te volgen. "Ze zien het nut er niet van in. Ze zijn meer bezig met het halen van hun pensioen", ziet Brul.

Maar leren hoeft niet altijd in een zaaltje of klaslokaal. "Mensen kunnen ook op de werkplek leren", aldus Brul. "Leer mensen om bijvoorbeeld met alle machines in het bedrijf om te gaan in plaats van met één. Dan zijn de mensen breder inzetbaar."

Alleen geld beschikbaar stellen is niet voldoende. Het ontbreekt vaak aan sturing door de werkgever. "Werknemers weten vaak niet welke cursus ze willen, of welke cursus nuttig voor ze is", ziet Brul. Daar ligt een taak voor de werkgever. "De werkgever moet helpen bij het bepalen van de inzet van het budget. Welke vaardigheden heeft de werknemer nodig voor het bedrijf, waar liggen de kansen voor de werknemer?"

Daarbij vinden werkgevers ook dat wel of niet een opleiding volgen minder vrijblijvend moet zijn. Dat kan bijvoorbeeld door een jaarlijks opleidingsgesprek, waarbij afspraken worden gemaakt over welke opleiding of cursus een werknemer zal volgen.

De werkgever moet het goede voorbeeld geven. Door zelf ook te leren en te ontwikkelen laat de werkgever het belang van kennisvergaring zien. Dat is motiverend voor het personeel.

Ook de overheid kan een rol spelen, denkt Brul. "Bij grote bedrijven is geld vaak niet het probleem. Maar voor kleine bedrijven kan een subsidie wel nuttig zijn. Ook bij bedrijfstakken die met grote personeelstekorten kampen, kan steun van de overheid nuttig zijn."

Maak binnen 1 minuut een gratis account aan en krijg toegang tot extra artikelen.

Gelieve een geldig e-mailadres in te geven.

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next