Home

Hoe zit het eigenlijk met de indexatie van mijn pensioen?

Hoe zit het met de indexatie van mijn pensioen en wordt de achterstand van de afgelopen jaren nog goedgemaakt?

Sinds anderhalf jaar worden veel pensioenen weer verhoogd. Dat heet indexatie, omdat de verhoging de index van de inflatie of loonstijging volgt. Voor die tijd zijn de pensioenen tien jaar (of langer) niet gestegen.

In 2023 is een begin gemaakt met de invoering van een nieuw pensioenstelsel. Dat moet uiterlijk in 2028 klaar zijn. In dit stelsel kan pensioen sneller stijgen of dalen. Vooruitlopend op het nieuwe stelsel zijn de regels om te indexeren versoepeld.

Volgens de oude regels mochten pensioenfondsen pas indexeren als de dekkingsgraad minimaal 110 procent bedroeg. De verleende indexatie moest bovendien toekomstbestendig zijn. Dat wil zeggen dat er voldoende ruimte moest zijn om nog tien jaar lang dezelfde indexatie te geven. Voor een indexatie van 1,7 procent moest er, bijvoorbeeld, een dekkingsgraad van 127 procent zijn (110 procent plus 10 keer 1,7 procent).

Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids.

Zelf een vraag? Geldvraag@volkskrant.nl.

Sinds juli 2022 mag er al geïndexeerd worden vanaf een dekkingsgraad van 105 procent, zonder rekening te houden met de toekomst. Pensioenfondsen hebben drie keer kunnen indexeren: twee keer in 2022 (voor dat jaar en het jaar erop) en een keer in 2023 (voor 2024).

De verschillen tussen pensioenfondsen zijn groot. Ik deed voor de Geldgids onderzoek naar de veertig grootste pensioenfondsen. Koplopers zijn PNO Media en PWRI met ruim 20 procent indexatie over drie jaar. De iets minder rijke fondsen ABP en Zorg en Welzijn hebben ook zo veel mogelijk verhoogd, respectievelijk 18 en 14 procent. Het horecapensioenfonds indexeerde in totaal maar 5,6 procent terwijl het fonds veel rijker is dan de andere vier. Pensioenfondsen hebben veel vrijheid om te bepalen hoe ze indexeren, maar leggen dit vaak slecht uit.

Bij de onderzochte pensioenfondsen was de gemiddelde indexatie 8,3 procent in 2022 en 2,9 procent in 2023. De inflatie lag in beide jaren hoger, dus de achterstand van eerdere jaren inhalen lukt niet.

Pensioenfondsen hebben extra geld nodig voor het nieuwe pensioenstelsel. Als ze meer vermogen overhouden, hebben ze meer reserves voor een evenwichtige verdeling over diverse leeftijdsgroepen en als buffer voor tegenvallende beleggingen. In het nieuwe stelsel stijgen of dalen de pensioenen met de beurskoersen mee. Je hebt een buffer nodig om een tegenvallend beleggingsjaar op te vangen.

In het nieuwe stelsel indexeren pensioenfondsen niet langer. Of ze de koopkracht op peil houden, hangt af van de beurs. Dat is een risico. In 2022 daalden de beurskoersen met 14 procent en ging de inflatie naar 10 procent. In het nieuwe stelsel heb je dan echt een probleem. Zonder voldoende reserves moet je het pensioen verlagen terwijl de boodschappen duurder worden.

Het nieuwe stelsel biedt meer ruimte om pensioenen te verhogen, maar pensioenfondsen spelen ook graag op safe. Daarom valt niet te verwachten dat de komende jaren de pensioenen nog flink stijgen, laat staan iets inhalen van vroeger. Of de beurzen moeten echt hosanna juichen.

Source: Volkskrant

Previous

Next