Home

In de bijna vier decennia dat ik rondloop in de journalistiek heb ik zoveel ostentatieve eenzijdigheid niet eerder meegemaakt

Vrijwel van meet af aan kostte het de vaderlandse pers veel moeite om evenwichtig te berichten over 7 oktober en al wat daarop volgde. En nee, dan heb ik niet over de usual suspects – over de media ter uiterst rechter- of ter uiterst linkerzijde. Zij schrijven al sinds mensenheugenis uitsluitend over wat in de eigen kraam te pas komt. Evenmin heb ik het over nieuwssites die de berichtgeving over het Midden-Oosten overlaten aan stagiairs die met open ogen in propaganda tuinen. Ik heb het over de titels met uitstekende reputaties. Pijnlijk genoeg zien juist zij sinds 7 oktober kans om Alles wat Israël Doet en Laat continu te hekelen, terwijl ze Alles wat Hamas Doet en Laat continu vergoelijken.

Ongelogen: in de bijna vier decennia dat ik rondloop in de journalistiek heb ik zoveel ostentatieve eenzijdigheid niet eerder meegemaakt.

Over de auteur
Elma Drayer is schrijver en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Neem de berichtgeving over de houding van Duitsland in dit conflict. U weet, om welbekende redenen zijn antisemitische oprispingen aldaar in de openbare ruimte strikt verboden. Waar Nederlandse overheidsfunctionarissen doorgaans te bescheten zijn om in te grijpen, zorgen hun Duitse tegenvoeters ervoor dat het zover niet komt. Ook krijgt de BDS-beweging – de club die ijvert voor boycot-, desinvesterings- en sanctiemaatregelen tegen Israël – er geen poot aan de grond. Voorbeeldig wat mij betreft. Net zo voorbeeldig als de massale demonstraties tegen AfD (Alternative für Deutschland) van het afgelopen weekend. En op z’n minst waard om over te berichten.

Maar waarover schrijven Nederlandse kranten als ze er al over schrijven? Liever, zoals NRC vorige week deed, over het handjevol Duitse en andere kunstenaars dat klaagt over een gebrek aan ‘vrijheid van meningsuiting’ in het land, ‘vooral wat betreft solidariteitsbetuigingen voor Palestina’. Of neem de berichtgeving over het Israëlische leger. Als het daar al over gaat, dan bij voorkeur over het handjevol dienstweigeraars dat het land telt – zie afgelopen weekend in dagblad Trouw.

Of neem de berichtgeving over Hamas. Krijgt een Nederlandse krant een belangrijk kopstuk te spreken, zoals de Volkskrant deze week, dan hoeft hij amper voor een kritisch vraagje te vrezen. Niet alleen komt hij weg met een hilarische reeks jij-bakken (‘Ze hebben zelf veel ergere dingen op hun naam staan’), zelfs de gevaarlijke leugen dat ‘veel’ Israëlische burgers op 7 oktober niet door Hamas maar door Israël zélf zijn vermoord blijft onweersproken.

Maar het bizarst was wel het bericht waarmee NRC afgelopen maandag opende. Voorheen stond deze krant te boek als het huisorgaan van de bemiddelde, tikje saaie maar infatsoenlijke burgerman. De redactie, kan ik uit ervaring melden, was daar een volmaakte afspiegeling van. Wat er ten burele gebeurd is weet ik niet, wel dat ze er tegenwoordig erg hun best doen om dit solide imago om zeep te helpen.

Die dag meldde de voorpagina dat ‘onwelgevallige informatie’ over Israël ‘onder het tapijt’ zou zijn geveegd – op instigatie van onze demissionaire minister-president zelve, jawel. Hij zou het ministerie van Buitenlandse Zaken opdracht hebben gegeven om de prangende vraag te beantwoorden: ‘Wat kunnen we zeggen zodat het lijkt alsof Israël geen oorlogsmisdaden begaat?’ Enige bron voor het bericht: een brief van ‘een twintigtal’, let wel, naamloze ambtenaren.

Tot voor kort zou een krant als NRC het niet in het hoofd hebben gehaald om zo’n zware beschuldiging te publiceren op grond van één enkele bron, nota bene nog anoniem ook. Sinds 7 oktober is dat kennelijk geen beletsel – althans niet als het om Israël gaat.

Eerlijk is eerlijk, heel soms stuit je op een bericht dat ineens wél oog heeft voor de complexe werkelijkheid. Gisteren schreef Trouw over activisten aan de Haagse Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten, waar van oudsher veel Israëlische uitwisselingsstudenten studeren. Daar hing onlangs een anonieme poster die reageerde op een oproep tot enige sympathie met de slachtoffers van Hamas’ gruweldaden op 7 oktober: ‘Denken jullie dat Joden uit het getto van Warschau huilden over iedere gedode nazi?’ Een Israëlische uitwisselingsstudente besloot voortijdig naar huis terug te keren. Ze leeft naar eigen zeggen ‘liever onder de dagelijkse dreiging van raketaanvallen’ dan dat ze nog langer op de Haagse academie moet rondlopen.

Toch goed om te weten, lijkt me zo.

Source: Volkskrant columns

Previous

Next