Het gewicht had zich in mijn lijf genesteld. Het had een fijn, donker plekje uitgezocht en het zich comfortabel gemaakt, als een kat opgekruld op de bank. Het was geboren uit de kou; uit het onvermijdelijke wegebben van de frisse energie van het nieuwe jaar; uit een gesprek dat een discussie werd die een ruzie werd en ging dit nog wel goed komen en hoe dan? Praten of denken maakte het alleen maar erger, dat was spartelen in drijfzand. Dus wat blijft er dan over?
Ik geloof niet dat je problemen weg kunt dansen. Maar ik wil het wel geloven. Misschien had ik daarom Dance Away van Roxy Music op staan. Het is een liedje waarvan ik niet zo goed weet wat ik ermee moet. Het is treurig, maar vrolijk. Er zit van alles in. Afwijzing, verdriet, galgenhumor (‘You’re dressed to kill. And guess who’s dying?’) en een enkele zin – ‘Loneliness is a crowded room’ – met meer zeggingskracht dan een hele roman. De coupletten doen je eenzaam door een regenachtige stad willen slenteren, terwijl het refrein Tros muziekfeest op het plein benadert (zeker bij de versie van het concert in Arènes de Fréjus uit 1982). Mijn oudste dochter, die haar huiswerk zat te maken, keek naar het display van de radio en vroeg wat dat betekende, Dance Away. Ik legde uit dat soms, als je verdrietig of bang bent, het kan helpen om gewoon maar te gaan dansen (als ze wat ouder is, licht ik haar wel in over de andere dingen die ook kunnen helpen).
Over de auteur
Julien Althuisius is schrijver en voor de Volkskrant columnist over het dagelijks leven.
Ik draaide het volume omhoog, pakte haar bij haar handen en verwachtte dat ze zich zou loswurmen en vol doe-normaal-pap-chagrijn weer aan tafel zou gaan zitten. Maar ze danste met me mee, lachend en met verbazingwekkende choreografie. Terwijl de laatste tonen klonken, kwam haar zus aan lopen. Ik liet ze een video zien, van een jongen op Instagram, die uitbundig danst op Everywhere van Fleetwood Mac. De bewegingen die hij maakt houden het vooruitstrevende midden tussen breakdancen, ochtendgymnastiek, Michael Jackson in The Way You Make Me Feel en The Backstreet Boys in Everybody, uitgevoerd alsof hij op een loopband staat. ‘Wow, hoe doet hij dat?’, vroeg mijn jongste dochter.
‘Nou’, zei ik, terwijl ik Everywhere opzette en het volume verder open draaide, ‘zo doet hij dat.’ Wat volgde, was een bedroevende imitatie van de Instagramvideo, waarbij ik vooral grote stappen op de plaats zette en daarbij met mijn voeten stampte. Maar zij vonden het prachtig en stapten en stampten mee. Zo stond ik opeens, aan het eind van een klotedag, met mijn dochters te dansen – of wat daarvoor door ging. En elke keer dat mijn voeten na zo’n grote, idiote danspas de grond raakten, raakte ik wat gewicht kwijt. Niet alles natuurlijk, zo werkt het niet.
Source: Volkskrant