Het tekort aan medicijnen in Nederland was afgelopen jaar zo’n 50 procent groter dan in 2022, wat neerkomt op „het hoogste tekort ooit”. Apothekersorganisatie KNMP zegt dinsdag dat het 2.292 geneesmiddelen telde die in 2023 minstens twee weken lang niet beschikbaar waren. In 2022 gold dat nog voor 1.514 medicijnen. Toen was dat ook al een recordtekort.
Volgens de KNMP hebben zo’n 5 miljoen medicijngebruikers (van de in totaal 13 miljoen in Nederland) te maken gehad met deze schaarste. De tekorten raakten patiënten met zeer uiteenlopende ziektes, zoals infecties, tetanus, diabetes, epilepsie en kanker. Gemiddeld werd een tekort binnen 107 dagen opgelost - 16 dagen later dan in 2022. Bijna de helft van de ontbrekende medicijnen kon binnen tien weken weer worden geleverd.
Apothekers konden veel problemen opvangen door „met kunst- en vliegwerk” naar alternatieven of andere merken te zoeken. „Het hoge niveau van de farmaceutische zorg in Nederland verbloemt veel”, aldus KNMP-voorzitter Aris Prins. Maar dat is volgens hem niet gewenst: daar gaat veel tijd in zitten. Bovendien veroorzaakt het gedwongen overstappen naar een ander medicijn onrust bij medicijngebruikers. Zelfs kwetsbare patiënten die op de ‘rode lijst’ staan voor medicijnen die niet gewisseld mogen worden, werden volgens Prins soms geraakt.
Volgens de KNMP ontstaan tekorten onder andere door internationale distributieproblemen en doordat Nederland niet aantrekkelijk is als afzetland, door lage prijzen en een relatief kleine bevolking. De organisatie vindt dat de Nederlandse markt voor medicijnen te afhankelijk is geworden van „verre landen” en pleit dan ook voor productie dichterbij.
Source: NRC