Eurosonic Bij het jaarlijkse Eurosonic ontdek je opkomend Europees talent in cafézaaltjes, podia en theaters kriskras door Groningen. Overdag ontmoeten muziekprofessionals elkaar op de conferenties, waar de mentale gezondheid van artiesten een van de belangrijkste thema’s was.
Gooi eens een schoen naar mijn hoofd, vraagt zanger Kieran Hurley van de Ierse band The Love Buzz. Wacht even, serieus? We staan in de Groningse kroegclub Huize Maas, het is half één ’s nachts en de concerten van Eurosonic met opkomend Europees talent in cafézaaltjes, podia en theaters kriskras door de stad, zijn in volle gang. Prompt zeilt er uit het publiek een leren laars zijn kant op. „How is your head?”, gilt de zanger vervolgens in een onvervalst rock-’n-rollrefreintje en hop, daar gaan nog meer schoenen door de lucht. De laars wordt intussen met bier gevuld. De zanger neemt een goede teug en zwiept ’m – over de hoofden – terug het publiek in.
Ja, het is dollen met de Ieren van The Love Buzz. Maar hun heerlijk ongecompliceerde geram, een vrolijke set tussen punkpop en indie, gaat erin als zoete koek. Dat mag ook wel even. Eurosonic is weliswaar zeer gevarieerd – we trekken van Noorse indie (Bo Milli) naar Franse hiphop (Uzi Freyja), van de ratelraps van de in klimop gehulde Poolse Berry Galazka naar stevige polkapunk van Fat Dog – maar het valt op hoe gespannen jonge talenten hun optredens soms beginnen.
Best begrijpelijk, het gaat vaak om hun eerste buitenlandse optreden. En een geslaagd optreden kan voor dit publiek een doorbraak betekenen.
De jaarlijkse muziekconferentie en het driedaagse muziekfestival Eurosonic in Groningen is van woensdag tot en met vrijdag het knooppunt van Europese muziekafgevaardigden – van boekers en agenten tot labelmedewerkers en muziekmedia. Hier wordt aandacht voor nieuwe popnamen gevraagd. Er wordt over festivals onderhandeld, in panels is er aandacht voor ‘groene tournees’, subsidieregelingen en creatief ondernemerschap en er worden thema’s aangestipt als ‘activisme in popmuziek’. Of beter gezegd: het ontbreken ervan, terwijl er toch genoeg aanleidingen (oorlogen, machtswisselingen, klimaat, racisme) zijn.
Vooral dit jaar op de agenda van de muziekindustrie: de mentale gezondheid van artiesten. Het regende deze conferentie programmaonderdelen waarin depressie onder artiesten of de dreiging van burn-outs op tournees besproken werd. Plus de vraag hoe dit dan om te buigen is naar iets positiefs. Een van de antwoorden: openheid. Fans voelen zich verbonden met ‘echtheid’ van artiesten.
Sectorbrede aandacht is belangrijk, stelt onder meer Froukje Bouma, manager van de populaire artiesten Froukje en S10. „We moeten met elkaar een gezonde cultuur creëren waarin iedereen overeind kan blijven. Dat gaat van fair pay en eerlijke deals voor artiesten, tot het zien van de mentale uitdagingen voor jonge artiesten door sociale media en prestatiedruk.” De Duitse psycholoog Anne Löhr, die veel bands bijstaat, was gratis te boeken voor sessies.
Daarnaast is er veel aandacht voor inclusiviteit – zeker negentien panels vallen onder het thema ‘Diversity & inclusion’. Meer dan ooit lijken festivals na te denken over inclusie in de muziekindustrie, merkt Ronald Ligtenberg van organisatie Possibilize. In een sector „die jarenlang achterlag op dit vlak” vragen Europese festivals zich nu bijvoorbeeld vaker af hoe ze meer toegankelijk kunnen worden voor mensen met een beperking.
’s Avonds is in de stad meer te missen dan te zien. Het is ‘muziekhoppen’ op de fiets, van locatie naar locatie, met steeds korte indrukken. Op zestien podia staan veel optredens gelijktijdig gepland. Maar het blijft erg leuk, zo’n staalkaart van Europees fris muziektalent, van postpunky dingetjes tot veel elektronisch aangestoken neosoul.
En sommigen imponeren direct. Neem de door de BBC getipte Britse soulzanger Sekou. Net negentien jaar, dieplage noten, intense zang en speelse presentatie. Ondanks, of misschien wel juist door de geluidsproblemen bij zijn optreden en de elegante manier waarop hij zich niet van de wijs liet brengen, wandelde hij direct de harten in van het publiek.
Jong en zeker nog aan het begin van hopelijk een stevige carrière: de Belgisch-Congolese Reinel Bakole. Met een stemgeluid als Macy Gray kwam ze binnen, niet in het minst ook door haar sensuele manier van bewegen. Het is een schril contrast met de Ierse artieste CMAT (ofwel Ciara Mary-Alice Thompson – haar rondzingende naam zorgde voor lange rijen bij de Stadsschouwburg. Maar het ligt er in de wat liederlijke folkpop allemaal erg dik bovenop. Weinig subtiel schreeuwt alles: zíe mij toch.
Krijg die borrelende muziekelite ook maar eens stil. Het lukt de Britse zanger Elmiene, eveneens een door de BBC omarmde rijzende ster. In een beslist aantrekkelijk performance mag er meer structuur komen in zijn liedjes. Maar houd deze naam in de gaten.
Zo ook de Franse Zaho de Sagazan, de uitgesproken en met haar emotioneel geladen elektropop beslist een interessante winnares van zowel de juryprijs als de publieksprijs bij de donderdag uitgereikte Music Moves Europe Awards. Ze is een talent met gebalde vuisten in een indringend nummer als ‘Tristesse’, waarin ze depressie beeldend beschrijft. Toch was tussen het publiek het meest duidelijk hoe zij haar donkerste gedachten verdrijft: uitzinnig dansend.
Het moet veiliger en inclusiever worden voor artiesten. Die conclusie trekt de muziekindustrie zelf na een onderzoek van kennisinstituut Movisie naar grensoverschrijdend gedrag in de sector. Meer dan 50 procent van bijna duizend muziekprofessionals zegt te maken te hebben gehad met discriminatie, agressie of seksueel misbruik tijdens hun werk. Het is de eerste keer dat een dergelijk onderzoek is uitgevoerd.
Grensoverschrijdend gedrag in de muzieksector speelt zich regelmatig af achter gesloten deuren in de studio of backstage, zegt Taskforce GO!, een na de onthullingen bij tv-programma The Voice opgezet samenwerkingsverband van verschillende muziekorganisaties. De resultaten vormen de voedingsbodem voor de campagne ‘Ik zet de toon’, die is gelanceerd tijdens EurosonicNoorderslag in Groningen. Verschillende ambassadeurs uit de muzieksector zullen zich uitspreken.
Vrouwen ervaren meer ongewenst gedrag dan mannen. Status, bekendheid en een invloedrijk netwerk geven veel informele macht, zoals van concertboekers naar artiest of van muziekdocent tot leerling. Maar het komt beslist ook voor bij gelijkwaardige relaties, zoals artiesten onder elkaar. „Juist de informele werkcultuur, bijvoorbeeld backstage en in studio’s, al dan niet met een drankje, geeft meer ruimte aan grensoverschrijdend gedrag, als het slachtoffer alleen is met de dader”, aldus Annabel Heijen, voorzitter van Taskforce Go!.
De enquête is in het najaar van 2023 uitgezet bij achttien organisaties in de Nederlandse muziekindustrie. Zo stuurde BumaStemra, vertegenwoordiger van componisten, tekstschrijvers en muziekuitgevers, de vragenlijst uit naar zeker 40.000 leden. Het onderzoek, het eerste dat in deze sector is uitgevoerd, richtte zich op de afgelopen vijf jaar.
De campagne benadrukt het melden van ongewenst gedrag. Heijen: „Want angst reageert en slachtoffers zijn bang hun carrière te schaden. Het is bovendien slecht voor de sector: talenten vertrekken.” De Taskforce hoopt dat mensen elkaar zullen aanspreken en melders worden gesteund.
Heijen wil ook benadrukken dat er al positieve ontwikkelingen zijn. „Er is sinds The Voice meer aandacht voor. Zoals de komst van een vertrouwenspersoon bij liedjesschrijfkampen.” Ze hoopt dat het voor artiesten „normaal kan worden iets in hun rider (wensenlijst bij optredens) op te kunnen opnemen over veiligheid.” Volgens singer-songwriter Aafke Romeijn hebben aardig wat podia intussen gedragscodes en laten ze artiesten soms contracten ondertekenen.
Source: NRC