Hoewel de uitslag van de afgelopen verkiezingen glashelder is, komt het rechtse kabinet dat veel kiezers wensen maar niet van de grond. Na ruim vijftig dagen zit er weinig schot in de formatie. Het onderlinge vertrouwen is miniem, maar alternatieven liggen niet voor het oprapen.
Politiek is niet altijd wat het lijkt. Voor de camera’s probeerden de vier formerende partijleiders elkaar deze week heel te houden. Elke keer als Geert Wilders (PVV), Dilan Yesilgöz (VVD), Pieter Omtzigt (NSC) en Caroline van der Plas (BBB) de kamer verlieten waarin ze met elkaar praatten over het vormen van een nieuw kabinet, werd er geglimlacht, gesust en tegen media gezegd dat er ‘hele goede gesprekken’ waren gevoerd. Ook informateur Ronald Plasterk beweerde donderdagavond dat het viertal ‘open en constructief in gesprek is met elkaar’ en dat er ‘vooruitgang’ wordt geboekt.
Maar achter de schermen is de sfeer toch wat minder optimistisch. Het onderlinge vertrouwen is miniem. Grote stappen zijn nog niet gezet. Eigenlijk zitten er vier partijleiders met elkaar in een kamer, die daar niet per se allemaal meer willen zitten. Want een samenwerking die in de eerste vijftig dagen al zo stroef verloopt, hoe vruchtbaar kan die eigenlijk nog worden?
Over de auteur
Natalie Righton is politiek verslaggever van de Volkskrant. Zij schrijft sinds 2013 over de Nederlandse politiek. Daarvoor was zij correspondent in Afghanistan. Righton won meerdere journalistieke prijzen.
Volg alles over de kabinetsformatie hier.
Het chagrijn van Wilders sijpelde deze week als eerste naar buiten. ‘Er is een groot probleem’, zei hij woensdag, de dag nadat de Eerste Kamerfractie van de VVD onverwachts steun uitsprak voor de Spreidingswet. Een gruwel voor Wilders, die helemaal niet wil dat gemeenten moeten kunnen worden gedwongen om asielzoekers op te nemen. Yesilgöz wil dat ook niet, maar in de ogen van Wilders heeft zij haar partij onvoldoende onder controle. Heeft het nog zin om met haar te onderhandelen als onduidelijk is of de rest van de VVD haar zal volgen?
Ook bij Omtzigt is er ongenoegen. Voor, tijdens en na de verkiezingen heeft hij gezegd dat een samenwerking met de PVV wat hem betreft niet voor de hand ligt. Zijn waslijst aan rechtsstatelijke bezwaren, die hij eind november opschreef in een brief, komt er feitelijk op neer dat Wilders zijn halve verkiezingsprogramma in de prullenbak moet gooien om Omtzigt bereid te vinden met hem in het huwelijksbootje te stappen. En er zijn nog geen tekenen dat dit al is gebeurd.
Van der Plas heeft vergelijkbare problemen met de rechtsstatelijke standpunten van Wilders, maar lijkt wel het meest bereid om daar praktische afspraken over te maken. De BBB heeft echter te weinig zetels in de Tweede Kamer om een doorslaggevende stem te hebben in het welslagen van deze kabinetsformatie.
Dat is nog niets vergeleken met de zorgen van Yesilgöz. In haar partij ontstond eerder al onrust door haar zwabberkoers over het wel of niet samenwerken met Wilders. Inmiddels zorgt ook de Spreidingswet voor interne onenigheid. Haar leiderschap staat voor een zware beproeving; de opvolger van Rutte wordt door een overgrote meerderheid van de leden allang niet meer gezien als de aangewezen persoon voor de baan. Het heeft haar onderhandelingspositie aan de formatietafel niet versterkt.
Alles bij elkaar vraagt een betrokkene bij de formatie zich af hoe uit dit onderlinge wantrouwen ooit nog een stabiel rechts kabinet moet voortkomen. En dan zijn de financiële onderhandelingen nog niet eens echt begonnen. Vooral bij NSC en VVD leven grote zorgen over al het ‘gratis bier’ dat PVV en BBB aan hun kiezers hebben beloofd. Waar moet dat allemaal van betaald worden?
Tegelijkertijd is er bij alle vier de partijen geringe animo om de formatie op te blazen. Wilders zal niet zozeer bang zijn voor nieuwe verkiezingen, want in dat geval is de kans groot dat hij nog meer zetels wint. Maar wat moet hij daarna? Voor een rechtse meerderheid in de Tweede Kamer zal hij vermoedelijk toch weer de steun van VVD en NSC nodig hebben; BBB is nodig voor de zetels in de senaat. Uiteindelijk zit hij dan weer met dezelfde lui om tafel. Wat schiet hij daarmee op?
Alternatieve kabinetten liggen niet voor het oprapen, weten ook de andere partijleiders. Voor een links kabinet met Timmermans is momenteel in de verste verte geen meerderheid in de Tweede Kamer.
De kans dat de VVD een handtekening gaat zetten onder een ‘middenkabinet’ met NSC en GroenLinks-PvdA (dus zonder Wilders), lijkt klein. Deze variant botst met de wens van de VVD-achterban om een harder asielbeleid te voeren en zou de facto neerkomen op electorale zelfmoord. Dat wordt prijsschieten voor Wilders, die als grootste oppositieleider alles uit de kast zou halen om dit kabinet ten val te brengen.
De komst van een rechts kabinet mag dan verder weg lijken dan ooit, maar een linksere variant is nóg onwaarschijnlijker.
Source: Volkskrant