Home

‘Monster’ lijkt dan misschien geen klassieke Kore-eda, toch gaat de film moeiteloos op in zijn oeuvre

‘Mijn films tonen vaak een slice of life, een stukje van het leven zelf, geen verhalen met een duidelijke kop en staart. Ik ben ervan overtuigd dat je personages en hun karaktertrekken het best kunt schetsen door ze in hun dagelijks leven te laten zien.’

Hirokazu Kore-eda (61) geeft een puntgave beschrijving van zijn werk. Dat wil zeggen: van de meeste van de vijftien speelfilms die hij regisseerde vóór zijn nieuwste film Monster.

Over de auteur
Berend Jan Bockting schrijft sinds 2012 voor de Volkskrant over film.

De belangrijkste filmmaker van Japan excelleert sinds de jaren negentig met verfijnde inkijkjes in de levens van mensen die door velen over het hoofd worden gezien. Betoverend is zijn tweede film After Life (1998), waarin een magisch-realistische versie van de sociale dienst ervoor zorgt dat overledenen hun favoriete herinnering mogen meenemen naar het hiernamaals: een wonderlijke lofzang op de kleine gebeurtenissen die gewone levens de moeite waard maken.

Indrukwekkend is zijn grote doorbraak Nobody Knows (2004): flarden uit het bestaan van vier kinderen die in de steek zijn gelaten door hun ouders. En na het zien van Shoplifters, over het wel en wee van een kruimeldievenfamilie (in 2018 bekroond met de Gouden Palm op het filmfestival van Cannes), heb je voor je gevoel echt even tussen al die tegendraadse en warmbloedige krabbelaars gelééfd.

Maar Monster is anders, op het eerste gezicht. Over twee gevoelige jongetjes gaat de film, die mogelijk meer voor elkaar voelen dan intense vriendschap. Vooroordelen, aannames en leugens van ouders, leraren en medeleerlingen zorgen voor een verstikkende druk en verwarrende situaties – niet alles in Monster is wat het lijkt.

Na twee wat minder karakteristieke buitenlandse uitstapjes (het Franse familiedrama La vérité met Catherine Deneuve en Juliette Binoche en de Zuid-Koreaanse babydiefstalkomedie Broker) geeft Kore-eda met zijn eerste film op Japanse bodem sinds Shoplifters blijk van nieuwe energie.

De regisseur is de eerste om die indruk te bevestigen. ‘Dat heeft één eenvoudige oorzaak’, zegt hij in Cannes, waar Monster vorig jaar voor het eerst werd vertoond. ‘Ik schrijf mijn scenario’s normaal gesproken zelf, maar het scenario van Monster komt van Yûji Sakamoto. Het is pas de tweede keer dat ik het verhaal van iemand anders verfilm.’ Tot nu toe werkte hij alleen voor zijn debuutfilm Maborosi uit 1995 met andermans scenario.

Monster lijkt in eerste instantie dan ook niet op een Kore-eda-film: de slice of life-structuur is nergens te bekennen en de plot is leidend. We zien hoe de jonge Minato in het laatste jaar van de basisschool verontrustend gedrag vertoont: al in een van de eerste scènes laat hij zich uit een rijdende auto vallen. De auto reed gelukkig langzaam en de gevolgen zijn niet noodlottig, maar Minato’s moeder maakt zich grote zorgen en vermoedt dat haar zoon wordt misbruikt door een leraar.

Vervolgens begint het verhaal opnieuw, nu vanuit het perspectief van de verdachte leraar, om uiteindelijk vanuit een derde perspectief nóg eens opnieuw te beginnen: er is een jongetje in het spel voor wie Minato meer lijkt te voelen dan vriendschap alleen. De verhaalwendingen stapelen zich op, als de filmvariant van een pageturner. Kore-eda: ‘Ik heb een verhaal nooit op deze manier verteld en dacht meteen: interessante uitdaging.’

Maar volledig onontgonnen is het terrein dat hij hier betreedt niet. Uit het gesprek met Kore-eda zijn acht kenmerken te destilleren waaruit blijkt dat Monster weliswaar anders is dan wat de Japanse regisseur tot nu toe heeft gefilmd, maar toch óók moeiteloos opgaat in zijn oeuvre.

Kore-eda’s debuutfilm Maborosi verhaalt over een jonge moeder die een film lang moet gissen waarom haar geliefde ogenschijnlijk uit het niets zelfmoord heeft gepleegd. In het minstens even gewichtige Distance (2001) voert hij de psychologisch gekwelde nabestaanden van een zelfmoordsekte op. Het kan even schrikken zijn voor kijkers die Kore-eda hebben leren kennen vanaf zijn overwegend warme en vriendelijke Shoplifters, maar met Monster keert hij terug naar zijn begindagen als filmmaker.

‘Dit was niet mijn intentie’, zegt hij, ‘maar inderdaad: Distance gaat óók over trauma en miscommunicatie tussen mensen. In Monster liegt een scholier omdat hij zich schaamt voor zijn gevoelens. Het schoolbestuur liegt om zijn eigen hachje te redden. Yûji Sakamoto vertelde eens dat hij onder de indruk was van Distance, dus je zou kunnen zeggen dat Distance en Monster met elkaar verbonden zijn.’

Kore-eda filmt de kindertijd als iets universeels, als klassieke coming-of-age, waarbij de volwassen wereld soms op de deur klopt, maar nog niet echt binnendringt. Ook als kinderen in een winkel uit stelen gaan, zoals in Shoplifters, filmt Kore-eda zo’n scène als een veredeld spel.

‘Mijn favoriete personages zijn kinderen aan het eind van hun kindertijd. Het is een mooie levensfase om vast te leggen: het einde is in zicht, die kindertijd duurt uiteraard niet eeuwig, maar daar sta je als kind nooit echt bij stil. Er gaat iets verloren op het moment dat het kind volwassen wordt. Ik hou van het contrast tussen groei en verlies.’

Waar kinderen in eerdere films van Kore-eda hadden te lijden onder afwezige ouders (in Nobody Knows), worden ze in Monster op de huid gezeten door bemoeizuchtige volwassenen. ‘Ik denk dat er tegenwoordig meer druk op kinderen wordt gelegd. Vroeger was er als kind altijd een uitvlucht: ik hoefde mij na school nooit meteen thuis te melden en vond altijd plekjes waar ik even uit het zicht van volwassenen kon zijn. Dat was soms wat gevaarlijk, bijvoorbeeld als je besloot om op een bouwplaats rond te dwalen, maar het voelde altijd fijn en spannend om je even aan het gezag te onttrekken.

‘Tegenwoordig is het voor kinderen bijna onmogelijk om aan het zicht van hun ouders te ontsnappen: onder meer door de mobiele telefoon willen ouders nu voortdurend weten waar hun kroost uithangt. Ze zijn zich gemiddeld meer met het leven van hun kinderen gaan bemoeien en staan niet meer toe wat ik vroeger wel kon doen. Ik maak me zorgen om de vrijheid van deze kinderen.’

Het mag zo zijn dat de jongetjes in Monster waarschijnlijk meer voor elkaar voelen dan alleen vriendschap, maar verwacht van Kore-eda geen expliciet commentaar op het belang van een Japanse film over een mogelijk homoseksuele jeugdliefde.

‘Mijn films gaan over onzichtbare mensen, dat zei juryvoorzitter Cate Blanchett toen ze in 2018 Shoplifters met de Gouden Palm bekroonde. Ik herkende mij in haar woorden. In Monster worstelen de jongetjes met gevoelens die de volwassenen en de kinderen om hen heen niet onder ogen willen zien. Ze stoppen hun gevoelens weg en maken zichzelf zo klein mogelijk. Maar ze zijn ook aan het ontdekken. Ze passen nog helemaal niet in een hokje. In de film wordt hun geaardheid daarom niet expliciet benoemd.’

Zijn grootste triomf uit die tijd is Lessons from a Calf (1991, te zien op YouTube, met ondertiteling), een levendig portret van een experimenteel lesprogramma op een Japanse basisschool. Daarin worden de kinderen betrokken bij het opgroeien van een kalf en leren ze zo uit de praktijk onder meer over voeding, biologie en rekenen. Zijn contacten met scholen uit die tijd kwamen tijdens het maken van Monster goed van pas. Gedegen onderzoek is de kracht van zijn nieuwe film.

‘In Monster komt de moeder van een van de jongetjes verhaal halen op school: een leraar zou hem verbaal en fysiek hebben mishandeld. De schoolleiding schiet direct in de verdediging. Ik ben er niet op uit om de mensen te bekritiseren die binnen het Japanse schoolsysteem werken, maar zij vertegenwoordigen wel het soort organisatie dat de feiten én gevoelens van individuen negeert onder druk van buitenaf.

‘Ik vroeg mensen die op scholen werken hoever ik de situatie in de film zou kunnen pushen. Tot hoever is de ontkennende houding van de schoolvertegenwoordigers geloofwaardig? Waar ligt de grens waarbij je als toeschouwer nog empathie voelt voor de grote druk waaronder ze werken? Het is mijn bedoeling om de situatie in de film voor medewerkers van dit soort instituten pijnlijk herkenbaar te maken.’

De kleine Hirokazu was heel serieus, kon goed leren en was het hoofd van de klas. Hij werd geregeld naar voren geroepen om de lesstof uit te leggen. ‘De leraren vertrouwden me, dus ik mocht me niet misdragen. Ik wílde me niet misdragen. Ik was geen kind-kind. Dat schreef een docent dan ook in mijn schoolrapport: Hirokazu haalt goede cijfers, maar het ontbreekt hem aan een zekere speelsheid. Ik was niet kinderachtig genoeg.

‘Best vreemd om zoiets in een schoolrapport te schrijven, dacht ik later. Ik herinner me hoe die opmerking me van streek maakte. Hoe ik probeerde me meer als kind te gedragen. De jongetjes in Monster deden me aan die periode denken, ook al gaat het om verschillende gevoelens. Hoe volwassenen kinderen soms willen kneden tot iets wat ze niet zijn, daar gaat het hier om.’

De Japanse componist Ryuichi Sakamoto overleed op 28 maart 2023 op 71-jarige leeftijd, zo’n anderhalve maand voor de wereldpremière van Monster. ‘Tien jaar geleden zouden we al eens samenwerken, maar dat ging niet door. Ik was bang dat ik misschien nooit meer de kans zou krijgen – hij leed aan kanker en maakte de laatste tijd vooral muziek die klonk als een afscheid.

‘Ik kreeg nieuw vertrouwen toen we tijdens het zoeken naar filmlocaties stuitten op het Suwa-meer, in de prefectuur Nagano, in het midden van Japan. Op een avond keek ik vanuit de heuvels uit over het meer. Het water was donker, als een zwart gat, omgeven door lichtjes. Het beeld keert driemaal terug in de film. Op die heuvel hoorde ik Sakamoto’s pianomuziek in gedachten: de ideale verbeelding van de nacht. Er was op dat moment eigenlijk geen weg meer terug.’

‘Tijdens de montage gebruikten we zijn bestaande muziek. Ik schreef hem een brief om de situatie uit te leggen. Vanwege zijn ziekte kon hij op dat moment nauwelijks meer spreken. Als hij mijn verzoek om muziek voor mijn film te schrijven naast zich neer zou leggen, wist ik, had ik geen filmmuziek. Er kwam antwoord per post: hij vond het een eer om wat muziek voor mij te schrijven.

‘Van de zomer van 2022 tot de winter hielden we contact. Daaruit kwam mijn gedroomde pianocompositie. Sakamoto overleed in de lente van 2023. Gisteren hoorde ik het resultaat voor het eerst in een grote bioscoopzaal, hier in Cannes. Het was overweldigend.’

In vrijwel elke bespreking van Monster zal naar Rashomon worden verwezen, de filmklassieker van Akira Kurosawa uit 1950 waarin een samoerai wordt vermoord in een bos en verschillende getuigen tegenstrijdige interpretaties van dezelfde gebeurtenis delen. Maar Kore-eda dacht tijdens het lezen van het scenario van Monster vooral aan het jeugdboek Night on the Milky Way Railroad van Kenji Miyazawa, een Japanse klassieker uit 1934. In dat boek belanden twee vriendjes, Giovanni en Campanella, op een fantasietreinreis tussen hemel en aarde. Alleen Giovanni keert terug, waarna hij ontdekt dat Campanella is overleden.

In Monster verschuilen de jongens zich ook in een treinwagon, op de vlucht voor grote mensen en hun bemoeienis, maar dan zónder noodlottige afloop. ‘Ik gaf mijn twee jonge acteurs voor we begonnen met filmen een exemplaar van het boek. Het maakte ze onbedoeld bloednerveus. Wie van ons is Giovanni? Wie is Campanella? Wie gaat er dood? Rustig maar, zei ik. In onze film gaat niemand dood.’

Hirokazu Kore-eda baseert zijn films vaak direct op uit het leven gegrepen gebeurtenissen. Voor After Life, waarin overledenen een herinnering moeten kiezen om mee te nemen naar het hiernamaals, interviewde hij zo’n honderd mensen over hun favoriete herinnering. Distance, over nabestaanden van een zelfmoordsekte, baseerde hij op de terroristische organisatie Aum Shinrikyo die in 1995 een aanslag pleegde op de metro in Tokio. Nobody Knows baseerde hij op een krantenartikel uit 1988 over vier kinderen die door hun ouders waren verlaten en noodgedwongen op zichzelf waren aangewezen.

1995 Maborosi
1998 After Life
2001 Distance
2004 Nobody Knows
2006 Hana
2008 Still Walking
2009 Air Doll
2011 I Wish
2013 Like Father, Like Son
2015 Our Little Sister
2016 After the Storm
2017 The Third Murder
2018 Shoplifters
2019 The Truth
2022 Broker
2023 Monster

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

Voor snelle wijzigingen en bezorging

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2024 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next